Jongkind leerde Monet en Pissarro de kneepjes van het vak

Eugène Louis Boudin, De stad (Voorstraatshaven, Dordrecht), 1884.Beeld RV

In Frankrijk zien ze de Nederlandse schilder Johan Barthold Jongkind als een Franse kunstenaar. Een tentoonstelling in Dordrecht nuanceert dat beeld.

In de geschiedenisboeken staat Johan Barthold Jongkind (1819-1891) vermeld als een Nederlandse kunstschilder. Maar in Frankrijk doen ze net of hij een Franse kunstenaar is. Daar woonde en schilderde Jongkind het grootste deel van zijn leven. Zijn werk was er tijdens zijn leven al geliefd. De belangrijkste verzamelingen van zijn schilderijen, aquarellen en tekeningen bevinden zich ook daar, vooral in Parijs. Hij kreeg er een postzegel. Er bestaat al jaren een Franse Jongkind-vereniging. En dan was hij ook nog hét grote voorbeeld voor beroemde Franse schilders als Monet, Boudin en Daubigny.

Bon, dat mag zo zijn, maar toch is hij een oer-Hollandse schilder. Gaat u maar kijken in het Dordrechts Museum, dat een prachtige tentoonstelling heeft gemaakt over Jongkind en zijn Franse kunstenaarsvrienden. Meteen bij het begin zijn z'n Nederlandse roots al overtuigend zichtbaar. Daar hangen drie Hollandse landschappen: 'Le Port de Dordrecht' (met een gezicht op de Grote Kerk) van Jongkind, 'De stad' (de Voorstraatshaven in Dordrecht) van Boudin en 'Gezicht op de Voorzaan' van Monet. Het zijn drie blikvangers van formaat. Toch springt de Jongkind er uit, met die grandioze wolkenlucht en de losse manier waarop hij het omfloerste licht in toetsjes en vlekjes neer laat dwarrelen op het water, de schepen en de kade.

Het fameuze Hollandse licht lijkt bij Jongkind net wat meer te sprankelen dan bij zijn Franse vrienden. Moet je Hollandse genen hebben, hier opgegroeid zijn, om dat zo overtuigend vast te kunnen leggen als Jongkind dat doet? Of kijken we nu met een door chauvinisme gekleurde blik?

Pionier van het impressionisme?

Hoe Hollands was Jongkind, en hoe Frans? Wat was zijn invloed op zijn Franse vrienden, in hoeverre hebben die hem geïnspireerd? Dat waren globaal de vragen die aan de basis stonden van deze expositie. Een overzicht van wieg tot graf is het niet. Door in te zoomen op de belangrijkste periodes en locaties wil conservator Gerrit Willems laten zien wat voor figuur hij was en of hij de pionier van het impressionisme was, wat de Fransen zeggen.

Zijn eerste lessen aan de Tekenacademie in Den Haag kreeg Jongkind van de door hem bewonderde landschapsschilder Andreas Schelfhout. Die prees zijn leerling aan bij de Franse schilder Isabey, die hem in 1846 uitnodigde in zijn atelier in Parijs te komen werken. Isabey nam hem ook mee naar Normandië, waar hij Boudin ontmoette. Jongkind schilderde er twee monumentale doeken, een met ochtendlicht en het andere bij zonsondergang, en exposeerde ze in de Salon van 1852. Het betekende zijn doorbraak in Frankrijk, maar in 1855 ging hij noodgedwongen terug naar Nederland, omdat hij dik in de schulden zat.

Veiling

De jaren erna schilderde Jongkind stadsgezichten en landschappen onder typisch Hollandse wolkenluchten, badend in de zon of bij sfeervol maanlicht. Ze vielen erg in de smaak bij het Franse publiek, maar de opbrengsten waren niet genoeg om zijn schulden af te lossen. Zijn Franse vrienden - 88 in totaal - besloten hem te helpen. Ze organiseerden in 1860 een veiling. Met de opbrengst kon Jongkind zich definitief vestigen in Frankrijk, waar hij zich meer thuis voelde dan in Nederland, al zou hij geregeld teruggaan om schetsen te maken van Rotterdam en Dordrecht en het rivieren- en polderlandschap. Tot aan zijn dood putte hij uit deze studies om er schilderijen van te maken.

Het was niet alleen een vriendendienst dat Monet, Boudin, Pissarro en andere kunstenaars hem terughaalden. Ze hadden hem ook nodig, als leermeester. Zijn onbevangen manier van schilderen van wat hij zag, van sfeer en licht, opende hen letterlijk de ogen, zei Monet. "Hij zorgde voor de opleiding van mijn oog". Pissarro: "Landschap zonder Jongkind zou een heel ander aanzicht hebben". Manet noemde hem 'de vader van het moderne landschap'.

Te modern

Het is dan ook niet verwonderlijk dat de Fransen zijn naam koppelen aan de vernieuwingen van zijn tijd, de school van Barbizon en het impressionisme. Maar Jongkind is nooit in Barbizon geweest. Ook sloot hij zich niet aan bij het impressionisme; hij ging zijn eigen weg. Zijn werk ontbrak op de eerste grote expositie van deze stroming in 1874, terwijl zijn schilderij 'Place du Trève à Virieu' daar niet had misstaan. Jongkind bedankte voor de eer. Hij wilde niet meer meedoen aan exposities in Frankrijk, boos als hij was dat zijn twee inzendingen voor de Salon van dat jaar waren geweigerd. De jury vond zijn nachtelijke stadsgezicht 'Canal à Rotterdam' en 'Zonsondergang boven de Maas in Rotterdam' te modern.

De eigenzinnige Jongkind trok zich dat jaar ook terug uit het kunstenaarsleven in Parijs om in de Dauphiné te gaan werken. In Nederland wilde hij niet wonen. Frankrijk was zijn tweede vaderland, maar een Fransman werd hij ook nooit. In al zijn vezels bleef hij een Hollander, ook op het schildersdoek. Tot een jaar voor zijn dood schilderde hij nog Hollandse landschappen. 

Jongkind & vrienden, te zien t/m 27 mei in het Dordrechts Museum.

(Tekst gaat verder onder afbeelding)

Claude Monet, Gezicht op de Voorzaan, 1871.Beeld RV

Nederlandse schilders in frankrijk

In de negentiende eeuw trokken naast Jongkind meer Nederlandse schilders - onder wie Mondriaan, Van Gogh en Breitner - naar Frankrijk om daar in Parijs, aan de kust en in Barbizon samen te werken met Franse kunstenaars.

Het resultaat van die artistieke uitwisseling is behalve in het Dordrechts Museum ook te zien in het Van Gogh Museum in Amsterdam ('Nederlanders in Parijs') en De Mesdag Collectie in Den Haag ('Nederlanders in Barbizon').

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden