Review

Jongens van het volk

De vrouwen, zonen en dochters kunnen er nog steeds niet over uit wat er plaatsgreep op die achtste december 1982 in Fort Zeelandia. Hun man, vader of oom was een van de vijftien prominente Surinamers die op die dag door de militaire machthebbers werden gemarteld en doodgeschoten. Daarmee ontdeed bevelhebber Desi Bouterse zich in één salvo van zijn meest vooraanstaande tegenstanders.

In de tweedelige documentaire 'Zonen van Suriname' treedt Bevèl, zoals Bouterse zich destijds liet noemen, niet op de voorgrond. De nabestaanden spelen de hoofdrol. Ze vertellen vanuit hun ervaring wat er aan de decembermoorden voorafging, hoe ze de fatale dag beleefd hebben en wat er daarna gebeurde.

De eerste impressies in de documentaire zijn verradelijk toeristisch. Wuivende palmen, een fraai historisch fort. De Suriname Rivier kabbelt langs. Driehonderd jaar was Suriname een kolonie van Nederland en dat is af te lezen aan het straatbeeld. De kippensoep op zondag, het uitje naar de Colakreek; het leven in Suriname glijdt voorbij.

Regisseur René Roelofs en scenario-schrijver Hans Dortmans hebben de aanloop naar de onafhankelijkheid kort gehouden. Vanaf het dansen en juichen op 25 november 1975 volgen de gebeurtenissen elkaar in snel tempo op. De rassenrellen blijven uit. Toch wordt Suriname niet gelukkig, ondanks de bruidsschat van 3,2 miljard gulden. Corruptie en vriendjespolitiek zijn aan de orde van de dag. De onvrede groeit. Tegen die achtergrond is de staatsgreep van onderofficieren niet eens vreemd.

Erkende kritische geesten zien wel wat in de jonge militairen. Iemand als Jozef Slagveer zegt na het eerste tv-optreden van coupplegers Bouterse en Horb: ,,Er is geen reden voor paniek''. Slagveer is later een van de slachtoffers in het fort. Met hem zeggen in de documentaire de nabestaanden dat ook zij aanvankelijk blij waren dat er 'iets' gebeurde. De hoop is dat de (militaire) 'jongens van het volk' schoon schip zullen maken.

In het tweede deel van de documentaire valt het militair gezag diep in de achting van de Surinamers. De latere slachtoffers verzetten zich op hun manier tegen de repressie. Ze realiseren zich pas hoe wreed de dictatuur is als tegen-couppleger sergeant Hawker gewond, liggend op een brancard, wordt afgemaakt.

Vanaf dat moment zijn de vertellers ook onderdeel van de geschiedenis. Ze zijn getuigen, vaak machteloos, radeloos van angst. Jenny Riedewald vertelt hoe haar man Harold van bed wordt gelicht. Asha Behr brengt nog schone kleren naar het fort. Carlo, de zoon van vakbondsleider Cyrill Daal, ziet zijn vader in het mortuarium doorzeefd met kogels. 'Op de vlucht neergeschoten', beweert Bouterse. De inslagen zitten in Daals gezicht en borst.

Dat vorig jaar, vlak voor de verjaring van de misdaden, een onderzoek tegen Bouterse c.s. is gestart, komt marginaal aan de orde. In de documentaire gunnen de nabestaanden een volledige inkijk in hun beleving van de decembermoorden, maar ze geven zichzelf geen ruimte voor het tonen van wraakgevoelens .

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden