Opinie

Jetse Batelaan maakt voorstelling waarin hopelijk niets gebeurt.

De komende week staat in het teken van de landelijke 'Jeugdtheaterdagen', met overal in het land theater, dans, muziek of cabaret voor jong publiek. Als opmaat worden aanstaande zaterdag, tijdens het festival Tweetakt, 'De gouden krekels' uitgereikt, de prijs van de VSCD voor de beste jeugdtheaterproductie van het afgelopen jaar. De absurdistische en slapstickachtige 'Voorstelling waarin hopelijk niets gebeurt' van theatergroep MAX, in de regie van Jetse Batelaan, is een van de producties die zijn genomineerd.

door Anita Twaalfhoven

Al eerder won de jonge theatermaker, een jaar na zijn afstuderen aan de theaterschool in Amsterdam, de VSCD Mimeprijs 2005 voor de voorstelling 'Toe vader, drink'. Volgens het juryrapport voor de 'volstrekt nieuwe manier van vertellen, waarmee hij zijn eigen wonderlijke oeuvre, maar ook het toneellandschap verrijkt'.

Het decor van de 'Voorstelling waarin hopelijk niets gebeurt' is met drie wanden, een vloer en een deur heel saai, vindt Batelaan. Maar de voorstelling is komisch. Aan het begin wacht een beveiligingsbeambte tot het publiek binnen is en dan zegt hij: “Mooi, nu kan ik de boel afsluiten en het alarm in werking zetten. We houden het toneel graag leeg.“

Als een artiest wil opkomen, snijdt de beambte hem met de tekst “Ho, ho, ho, wat gaan we doen?“ de pas af. “Ik kom op“, antwoordt de artiest. Waarop de beambte zegt: “Ik dacht het niet. Heeft u een pasje?“ Als de acteur begint te huilen, strijkt de man met de hand over het hart: “Nou vooruit dan maar. Als u maar geen leuke dingen doet.“ De personages hebben abstracte namen, zoals 'Het volgende moment', 'Het vorige moment' of 'Het ogenblikje'. Ze doen hun naam eer aan, zo huppelt de een in een ogenblikje voorbij en moet je als publiek heel lang wachten op het volgende moment, dat een 'dood moment' blijkt te zijn.

Wat inspireerde hem om een voorstelling te maken waarin hopelijk niets gebeurt? Batelaan blikt terug op zijn jeugd: “Als kind dacht ik wel eens 'er moet niet te veel meer gebeuren'. Ik was bang dat ik het dan niet meer kon onthouden. Ik wilde alles bij me houden en vasthouden, wilde de dingen om me heen niet kwijtraken of vergeten. Daarom legde ik hele archieven aan van mijn belevenissen. Bijvoorbeeld van mijn bevindingen in de natuur, zoals de vogels die ik gezien had. Ik ben ook altijd gefascineerd geweest door het verbergen van dingen. Ik maakte tekeningen waar ik vervolgens een wit vel papier overheen plakte. Ik zou ook graag een poppenkastvoorstelling maken met de gordijnen dicht of een mimevoorstelling achter een gesloten doek. Het heeft te maken met de ambivalente gevoelens waarin ik in het theatervak ben gegroeid. Ik wil graag in de schijnwerpers staan, maar wil me net zo graag verbergen. Zo zijn de personages in mijn voorstelling ook. Ze komen op en verdwijnen het liefst weer in de coulissen. Het zit besloten in het thema van mijn voorstelling, theater dat wel én niet gebeurt. Het balanceert als het ware tussen niets en iets. Het is ook een klassieke theatrale vraag: 'to be or not to be'.“

Maar hoe maak je een voorstelling waarin niets mag gebeuren? “Het was een heel moeilijk proces“, zegt Batelaan. “De titel had ik een jaar van tevoren vastgelegd, maar die bleek achteraf heel dwingend te zijn. Een voorstelling waarin niets gebeurt! Waarom heb ik dat gedaan?, vroeg ik me af. Het staat haaks op het idee van theatermaken. Ik wilde natuurlijk wèl dat er iets zou gebeuren.“

“Als ik jeugdtheater maak, blijf ik trouw aan hoe ik was op achtjarige leeftijd“, vervolgt Batelaan. “Daar haal ik mijn inspiratie vandaan. Als ik mijn eigen voorstelling op achtjarige leeftijd had gezien, had ik het fantastisch gevonden. Het zit hem in de vrijheid om zó totaal absurd te kunnen doen.“

Vinden andere kinderen dat ook? “Kinderen zijn van tevoren bevreesd, vanwege de titel. Ze krijgen op school een educatieve lesbrief die hen voorbereidt om niet in slaap te vallen. Met bijvoorbeeld de absurde oefening om een zwarte lap over de televisie te hangen en tòch wakker te blijven. Het is een training om geconcentreerd te blijven als er weinig gebeurt. Aan het begin van de voorstelling kijken de kinderen in de zaal wat verward om zich heen. Meisjes die theater associëren met sprookjes vol prinsen en prinsessen, raken teleurgesteld. Jongens gaan er het beste in mee. Het heeft iets brutaals en tegendraads.

Ik heb me in het verleden vaak afgezet tegen 'Het Toneel'. Ik hield niet van traditioneel toneel, met 'mooie acteurs die een rol instuderen'. Mijn affiniteit met theater is anders, het komt voort uit het plezier dat ik als kind beleefde met de humor van het televisieprogramma 'Villa Achterwerk'.“

Hoe kijkt hij aan tegen het jeugdtheater? “Ik vind het minstens zo divers als het theater voor volwassenen. De kwaliteit van het jeugdtheater in Nederland is hoog. Voor mij is het dan ook vanzelfsprekend om zowel theater voor volwassenen als voor kinderen te maken.“

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden