Review

'Je wordt als ex-gijzelaar een soort van icoon'

Brian Keenan: 'An Evil Cradling'. Uitg. Vintage UK Londen: f 29,75. Vertaling: Han Visserman: 'Een duivelse koestering', uitg. Nijgh & Van Ditmar: f 39,90.

"Het is gek om ineens zo in de belangstelling te staan, beroemd te zijn en afgeschilderd te worden als een held. Ik had daar moeite mee. De anderen ook, blijkt, als ik hen spreek, wij bellen elkaar regelmatig. Je wordt een soort icoon."

Terug in Belfast zat hij nog steeds gevangen. "Ik wilde vergeten, het verleden achter mij laten. Onderling praten wij nooit over 'Beiroet'. Je moet de toekomst in je hoofd hebben, dat is ook wat ons erdoor heeft gesleept. Het probleem was dat 'de anderen' dat niet konden. Zij zagen mij als de gijzelaar, maar dat kan je toch niet je hele leven blijven."

Keenan ontvluchtte de belangstelling, zocht de ruimte en het alleen zijn aan de Ierse westkust. Anders dan bijvoorbeeld de Britse tv-journalist John McCarthy, met wie hij de meeste tijd van zijn gevangenschap deelde, was de Ier wars van psychiatrische hulp. Een gids om een uitweg te zoeken in de kluwen van ervaringen en gevoelens kan handig zijn, zegt hij, maar uiteindelijk moet je het toch zelf doen.

Hij zoog zich vol met zeelucht en baadde in de rust van het Ierse landschap, een weldaad na vierenhalf jaar tussen betonnen wanden. Hij begon aan de dingen waaraan hij had gedacht in zijn kerkers in Beiroet om gezond te blijven: een oud huisje kopen en opknappen, en het schrijven van zijn verhaal.

Eigenlijk was hij helemaal niet van plan zijn ervaringen tijdens zijn gedwongen verblijf bij de Islamitische Jihad voor de bevrijding van Palestina te boek te stellen. "Allemaal hadden zij het over een boek, Terry Anderson, Terry Waite, John McCarthy. Ik dacht aan enkele artikelen. Maar na een jaar in vrijheid begon ik er toch aan."

Het was geen lolletje, bekent Keenan. Toen hij de banden afluisterde die hij insprak, was hij verbaasd over zijn gevoelens, geschokt. "Het was beangstigend, heel emotioneel. Maar uiteindelijk voelt het of je je helemaal schoon gewassen hebt. Door het schrijven kon ik afstand scheppen tot mijn ervaringen, er objectief over oordelen, zien of ik het begreep."

'An evil cradling' ('Een duivelse koestering') is geen politieke verhandeling geworden over hoe een stelletje westerlingen werd gebruikt in het pionnenspel tussen diverse machten in Libanon en daarbuiten. "Ik heb wel geprobeerd het politieke aspect in het boek te verwerken, maar daarmee werd het academisch, gekunsteld. Dus liet ik het eruit. Misschien wijd ik daar een tweede boek aan."

Wat rest, is het verhaal van hoe een mens poogt overeind te blijven, menselijk te blijven, onder onmenselijke omstandigheden die gecreeerd zijn met maar een doel: hem kapotmaken. Wat dat betekent, kan een buitenstaander, een lezer, nauwelijks bevatten. Goed, er is humor, de warme vriendschap met McCarthy, die gaandeweg de gijzeling ontstaat, Keenans Ierse koppigheid, maar om bont en blauw geslagen en tot in het diepst van je ziel vernederd begrip op te blijven brengen voor je tegenstander en daar boven te blijven staan?

Keenan ziet zijn ervaringen als een verrijking voor zichzelf. "Je kunt winnen of verliezen in zo'n situatie. Zelf beschouw ik mij als een winnaar. Ik heb voor de diepste afgronden gestaan en tegelijk het beste in de mens meegemaakt. Het is als in dat zinnetje in de Koran over gijzelaars, waarin wordt voorgeschreven hen het geloof mee te geven, zodat zij met meer terugkeren dan zij bezaten toen zij kwamen. Ik ben met meer teruggekomen."

De wereld is er niet beter op geworden, constateerde hij na zijn vrijlating. Dat gold ook voor Noord-Ierland, zijn geboortegrond. "Nog steeds klinken dezelfde holle frasen als 25 jaar geleden." Onrustig, omdat hij het gevoel had dat hij in een uitzichtloze situatie zat, verruilde hij in '85 Belfast voor Beiroet, om er Engelse literatuur te doceren op de universiteit. Gek genoeg. Want ook daar stonden verschillende bevolkingsgroepen elkaar naar het leven. "Met vrienden had ik de parallellen tussen Libanon en Noord-Ierland besproken. Ik wilde onderzoeken, Palestijnen ontmoeten, en later verder naar het oosten trekken. Ik heb dat van jongsaf gehad, buiten de gebaande paden treden. Ik groeide op in een protestants arbeidersgezin, verbaasde mij erover dat wij op school niets hoorden over Ierse geschiedenis, Ierse taal. Dus ging ik op zoek. De waarheid is altijd groter dan het idee daarover in je eigen kring."

In gevangenschap kwam zijn Noordierse achtergrond hem goed van pas. Hij verstond de taal van de 'radicaal' tegenover hem. "Ik wist hoe die jongens die ons vasthielden, waren volgegoten met propaganda. Dat zij er in hun binnenste niet van overtuigd waren dat zij ons dit allemaal aan konden doen 'omdat zij vochten voor een goede zaak'. Dus was het mogelijk hen te ontwapenen."

Maar hij heeft wel naar hen geluisterd. Dat gebeurt te weinig, vindt Keenan, of het nu om Libanon of Noord-Ierland gaat. En daardoor blijven dieper liggende oorzaken voor extremistisch geweld onaangeroerd. "Natuurlijk, de radicalen maken het zich gemakkelijk door naar wapens te grijpen om hun gelijk te halen, een kind kan een trekker overhalen. Maar het is even simpel hen af te schilderen als terroristen die bestreden moeten worden. Onderdrukten moeten hun stem kunnen verheffen en die dient gehoord te worden. Een hoop mensen willen daar niet naar luisteren, dat ondermijnt hun zekerheden. Daar ben ik het meest bang voor, mensen die niet willen luisteren."

Dat is een van de dingen, die hem duidelijker geworden zijn. Maar Keenan wil niet als een soort prediker rondgaan, wijs geworden in Libanon. Hij wil zijn leven niet laten bepalen door zijn ervaringen in vierenhalf jaar gevangenschap. Hij heeft alles achter zich gelaten, zegt hij, de McCarthy aan wie hij uren, dagen letterlijk zat vastgeketend, de doden die gevallen zijn. Hij wil verder.

"Het was moeilijk om van John te scheiden, hem achter te laten. Ik werd eerder vrijgelaten, was bang dat hij dood zou gaan. Maar wij hadden afgesproken dat ieder wat van het leven zou maken. Verwachtten dat ook van elkaar. Laten de doden mij niets doen. Laat hen niet de drijfveer achter mijn handelen zijn. Dat is mijn uitgangspunt. Het klinkt misschien egostisch, maar alleen zo wil ik verder."

Duizend jaar als het kan, verzucht hij. "Ik hou van het leven, heb nog zoveel te doen. Die gedwongen afzondering heeft mij vastbeslotener gemaakt. Ik ga ervoor." Waarheen weet hij nog niet. De universiteit van Dublin heeft hem een baan aangeboden en hij mag een boek schrijven over een vergeten Ierse componist. Maar hij wil ook wel naar ZuidAmerika. "Ik ben nog steeds onrustig. Dat is maar goed ook, want als je al te tevreden bent, presteer je niets."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden