Review

Is uw plant boom of heester? Geïllustreerde Flora van Heimans en Thijsse beleeft 23ste druk

'Geïllustreerde Flora van Nederland, België en Luxemburg', 23ste druk. Heimans, Heinsius en Thijsse. Bewerkt door dr. J. Mennema. Uitgeverij Versluys Baarn. Prijs Fl. 77,50.

HARO HIELKEMA

Honderd jaar geleden was dit de eerste vraag in de Geïllustreerde Flora van Nederland waarmee de natuurgiganten E. Heimans en Jac. P. Thijsse hun lezers bij de hand pakten op zoek naar de naam van een plant. Het was voor de eenvoudige liefhebber van de natuur zo simpel als wat. “Wie nog nooit, of niet vaak, bloemen gedetermineerd heeft met een flora, begint maar bij no. 1 langzaam en nauwkeurig te lezen; het boek wijst dan zelf verder den weg naar den naam van de gevonden plant”, schreven Heimans en Thijsse in 1899 in het voorbericht voor de eerste druk.

Op het eerste oog lijkt de tijd voor de Geïllustreerde Flora van Nederland te hebben stil gestaan. Vandaag komt de 23ste editie uit, nog steeds in de vorm die de eerste handleiding voor het determineren van planten had - klein en breed, roodgekaft, zelfde lay out, alleen veel en veel dikker. En vraag 1 in de determinatietabel is (afgezien van de spelling) nog precies gelijk aan die uit de eerste druk.

“Naar de geest is er niets veranderd”, zegt J. Mennema, samensteller van de 23ste druk. “Ik heb hetzelfde principe gehanteerd. Vraag 1 is daarom nog steeds: is de plant die u voor u heeft een boom of een heester? De weg naar de oplossing heb ik zo simpel mogelijk gehouden. Want het gaat uiteindelijk maar om die éne vraag: wat is de naam van de gevonden plant. Als je dat weet, heb je vrij toegang tot alle literatuur die over die plant verschenen is. Ik heb geprobeerd dezelfde verteltrant aan te houden als die van Heimans en Thijsse, al kun je ze nooit evenaren. Ze waren meesters in het uitleggen van moeilijke dingen voor gewone mensen.”

Uiterlijk lijkt de Flora ook nog sterk op de versie uit 1899. “Ook deze editie is gebaseerd op dat schetsboekje dat Heimans en Thijsse bij zich hadden als ze het veld in gingen. Links op de bladzijde schreven zij hun aantekeningen, rechts maakten ze schetsjes van de planten die ze aantroffen. Dat was en bleef het handelsmerk van deze Flora, dat hebben we gehandhaafd.”

Toch heeft hij wel degelijk veranderingen aangebracht in de selectie en de beschrijving van de planten. “Heimans en Thijsse maakten voor hùn tijd iets bijzonders. Er bestond nog geen determineerboek aan de hand waarvan eenvoudige liefhebbers de naam van een plant konden bepalen. Maar er bestonden ook geen goede boeken over planten. Heimans en Thijsse namen dan ook alles in hun Flora op, ook paddestoelen en mossen en algen. Die heb ik er nu uitgelaten: daar is zo voortreffelijke literatuur over. ”

De nieuwste Flora is ook minder dik dan de vorige editie uit 1983 (van 1240 naar 1080 bladzijden), doordat de voormalige biologieleraar en directeur van het Rijksherbarium in Leiden zich beperkt heeft tot wilde bloemplanten en hogere sporeplanten. De cultuur- en sierplanten zijn geschrapt: “Je loopt niet met het boek naar de tuin op zoek naar een begonia; je ziet zó wel dat die gekweekt is.”

Mennema heeft meer veranderd. Niet alleen de soorten die in Nederland en Vlaanderen in de natuur voorkomen, zijn in de nieuwste druk opgenomen, ook die in Wallonië en in Luxemburg. Bovendien heeft hij de soorten vermeld die in het grensgebied met Duitsland en Frankrijk gevonden kunnen worden. “Ik vind dat je elke plant tot vijftig kilometer over de grens moet kunnen determineren met deze Flora.

Ook de beschrijving van de planten is sterk uitgebreid, onder meer met vermelding van groeiplaatsen en in sommige gevallen met tekeningen van de Friese natuurkenner D. van der Ploeg. De naamgeving vergde veel werk van de samenstellers. Mennema: “Er was in oudere drukken een grote onevenwichtigheid in de beschrijving van planten. In sommige gevallen werd volstaan met de kleur van de bloem en de herkomst. Dat element was heel lang verwaarloosd. Bovendien ontbraken er nog al wat illustraties. De Flora is heel lang gedomineerd door Jacob Heimans, zoon van de pionier, die in 1979 overleed. Hij was vreselijk knap, maar voor hem had de erfenis van zijn vader iets heiligs. Iets veranderen kostte de grootste moeite. Daardoor kreeg de Flora de naam 'verouderd'.”

Wat Mennema betreft, is het standaardwerk dat imago nu kwijt. “Ik pretendeer niet volledig te zijn. Ik geloof wel dat dit boek vanzelf de weg wijst naar de naam van de gevonden plant, zoals het in de eerste druk stond. Er staan tweeduizend soorten in beschreven; driehonderd tot vierhonderd daarvan stonden niet in de vorige druk. Dat komt omdat er veel meer veldonderzoek wordt gedaan. En het wijst ook op de dynamiek in de flora in ons gebied. ”

Naar voorbeelden hoeft de voormalig biologieleraar en latere directeur van het Rijksherbarium in Leiden niet te zoeken. Hij slaat de schijfkamille op: “Honderd jaar geleden waren daar maar een handjevol vindplaatsen van; het was toen net uit Azië of Amerika hier terechtgekomen. Nu staat het overal in Nederland - en als je het prentje ziet, zeg je meteen 'o ja!'. Nòg een voorbeeld: bij het pekelen wordt tegenwoordig ander zout gebruikt. Een van de gevolgen is dat planten als kweldergras, Engels gras of Deens lepelblad in een andere ecologische omgeving terecht zijn gekomen. Voorheen werden ze alleen in de buitenste duinen en dijken gevonden, ze hebben namelijk een zilt milieu nodig.”

De dynamiek in de natuur bracht ook met zich mee dat het vetblad - in de tijd van Thijsse en Heimans een algemene plant die zeker in 100 000 exemplaren voorkwam - nu nog maar incidenteel te vinden is: “Honderdvijftig, schatten we”, zegt Mennema. “Op zichzelf is het verdwijnen van een soort niet erg; er komen ook steeds nieuwe. Het is ook weer leuk als je in de Zuiderzeepolders ineens varentjes tegenkomt. Ik word er ook niet somber van als er planten uit de vlasakkers verdwijnen; dat is een natuurlijk verschijnsel, daar lig ik niet wakker van. Soms denk je dat een plant verdwenen is en dan kom je haar na twintig jaar ineens weer tegen, de bokkenorchis bijvoorbeeld. Wèl erg is dat de populatie in sommige gevallen zo hard achteruit holt. Wat er in de wegbermen is gebeurd bijvoorbeeld, door spuiten en frezen en eenheidszaad. Gelukkig wordt de zaak wat gekeerd, maar de veranderingen zijn onbeschrijfelijk. En ook in de natte flora gebeuren vreselijke dingen.”

Mennema is nieuwsgierig hoe de nieuwe druk 'valt' in het veld. “Ik heb speciaal een postbus geopend voor mensen die er met deze Flora in de hand niet uitkomen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden