Opinie

Indrukwekkende stunts op tenen

Steile bergketens en diepe dalen zijn de ideale voedingsbodems voor het Internationale Danstheater. Zoals al eerder bewezen behoort daartoe ook de Kaukasus (Kavkas), de bergrug tussen Zwarte en Kaspische Zee, die ook wel de drempel tussen Europa en Azië wordt genoemd. Eeuwenlang hebben vele bergvolken daar in betrekkelijk vreedzame tolerantie naast elkaar geleefd. De bergen vormden een soort sluis, waar moslims, christenen en joden een groot arsenaal aan dans en muziek opbouwden. De expansiezucht van de Russen verstoorde die rust, maar ook de Turken hebben vreselijk onder deze volken huisgehouden, met gruwelijke gevolgen voor met name de Armeense gemeenschappen.

In 'Kavkas, dansen van de Kaukasus', het nieuwste programma van het Internationaal Danstheater, waarvoor Maurits van Geel de Georgiër Ilia Sukhishvili en de Armeen Paylak Sarkistan naar Amsterdam haalde, komt de bloedige terreur die de Kaukasus ook kenmerkt pas na de pauze tot uiting, en dan vooral in de muzikale intermezzo's. Dan zingen de Armeense vrouwen hun hemeltergende Orotsayien, een wiegelied-klaagzang over de moord op 1,5 miljoen Armeniërs. Dan fluiten drie duduk-spelers ook een prachtige compositie van Floor Minnaert, met schrille klanken die door merg en been gaan. In de veertien nummers vóór de pauze zijn het vooral de Georgiërs die met roffelend getrappel op de bal van de voet en met martelend gedribbel op hun teenkootjes hun onschendbare gordesht (trots) demonstreren. Trappelen van trots en ongeduld zit de Kavkas-volken in het bloed en dat zullen de 22 dansers en zeven muzikanten laten weten ook! Daarvoor dragen zij hun zwarte hakloze laarzen als een soort steunkousen van zacht zwart leer. En reken maar dat ze ook met hun zwaarden de vuurvonken ervan af laten spetteren. Soms ontpoppen de krijgers en herders op de berghellingen rond de Elbroes (met 5629 meter de hoogste berg van Europa) zich als ware acrobaten, want behalve die indrukwekkende stunts op hun tenen zijn ze ook meesters in het bouwen van menselijke piramides.

Voor de Georgische vrouwen, gracieus zwierend met hun lange sluiers, was het vooral een kwestie van kunstige vloerpatronen dribbelen. Al in de Middeleeuwen moeten zij de kruisridders daarmee bekoord hebben. Daarentegen kenden de Avaren, die aanvankelijk in het Aziatische steppengebied woonden, hun vrouwen wel veel pittig gespring en geschud met de schouders toe, aanstekelijk gedemonstreerd door Elise Gibbs. Meer in het noorden van de Kaukasus, waar de Osseten wonen, dragen de mannen lange mouwen als wapperende vlaggen aan hun tsjoga's. Hier geldt de regel dat zelfs tijdens de traditionele huwelijkspolonaise de partners elkaar nog niet eens bij de pink mogen aanraken: zijn teenkootjes tot moes hupsend bedwingt de bruidegom zijn bruid vooral met zijn ogen, maar zij, in haar zilver-witte bruidsjurk, moet haar oogleden altijd neergeslagen houden. Overigens weten Kaukasische vrouwen wel degelijk in het gooien van dolken hun mannetje te staan. In alle tradities van zwaardvechten en messenwerpen doen bijvoorbeeld de amazones van de Chevsoeren geenszins voor het temperament van hun mannen onder. Deze opwindende finale voor de pauze is een echte uitsmijter, die het première-publiek in het Haagse Lucent theater spontaan uit de stoelen deed veren.

De Armeense dansen uit het zuidelijke deel van de Kaukasus zijn in vergelijking met dat Georgische geweld een stuk gracieuzer en lyrischer, maar tegelijk ook van een goedmoedige braafheid. De krijgers uit de bergen zijn boeren, herders en stedelijke ambachtslieden geworden. Vooral de laatsten houden ervan elkaar op de markt met nep-lenigheid af te troeven. Trommels hebben bij hen ook de klarinet als muzikale aanvoerder gekregen. Opmerkelijk is dat de Armenen zich meer van Aziatische sierlijkheid bedienen. De kostuums die ze aanhebben zijn rijker geborduurd en de vrouwen moeten de polsen als ranke twijgen buigen en hun vingers als blaadjes in de wind laten ritselen.

Zoals bij alle programma's van het Internationaal Danstheater wordt ook nu de vaart er goed in gehouden, met de zeven muzikanten als opjagend bindmiddel. Dramaturgisch gezien heeft deze voorstelling echter weinig om het lijf. Steevast komen de muzikanten uit de linkercoulisse opschuifelen, om daar na gedane arbeid ook weer te verdwijnen. In het programma moet het publiek maar teruglezen welk nummer waar vandaan komt. Neemt niet weg dat het ronduit fenomenaal is wat zij aan hun authentieke trommels, citers, fluiten en luiten ontlokken. Hoewel de Kaukasische klederdrachten wat minder felgekleurd en spectaculair zijn dan die uit bijvoorbeeld de Karpaten of de Himalaya, blijft er nog genoeg over om te bewonderen. Wat te denken, bijvoorbeeld, van de gouden kroon in de vorm van een wierookvat, of van de vilten, wijd uitstaande Nabadi-mantels die ook als tent, bed en deken dienst doen? Hoe koud het in Kavkas kan zijn bewijst mijn favoriete hoofdtooi, de papagi djindjila: de muts van lang schapenhaar. Alleen al wat blauw spotlicht op die ruige ragebollen garandeert een prachtig schouwspel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden