Tom Lanoye.

Interview Tom Lanoye

In ‘Wie is bang’ is ruziemaken de laatste manier van de liefde bedrijven

Tom Lanoye. Beeld Arthur Los

Een eeuwig ruziënd ouder acteursechtpaar, dat tot in lengte van dagen veroordeeld is om dat ene stuk over een ruziënd ouder echtpaar te spelen: Han Kerckhoffs en echtgenote Els Dottermans laten elkaar in het toneelstuk ‘Wie is bang’ alle hoeken van de kamer zien.

Ik krijs niet! Ik krijs nooit!” Deze zin komt rechtstreeks uit het stuk der stukken over het koppel der koppels. Tom Lanoye (60) kijkt de verslaggeefster verwachtingsvol aan. Ze weet toch wel over welk stuk hij het heeft? ‘Wie is bang’, heet het stuk dat de Vlaming onlangs schreef voor Els Dottermans en Han Kerckhoffs. Hij modelleerde het naar ‘Who’s afraid of Virginia Woolf?’, Edward Albee’s stuk over George en Martha, die na jaren huwelijk ruziënd door het leven gaan en een jong koppel tijdens een afterparty de stuipen op het lijf jagen met hun gescheld en gevloek en hun onderlinge psychologische oorlogsvoering.

En al is ‘Wie is bang’ een compleet nieuw stuk geworden, de iconische zin staat erin. Een kolfje naar de hand van Dottermans, de ­powervrouw van het Vlaamse toneel.

Bij het afscheid van Kerckhoffs, die met pensioen gaat, wilde Lanoye een fijn stuk schrijven voor dit Vlaams-Hollandse echtpaar, voor wie hij al in 2001 ‘Mamma Medea’ schreef. Lanoye: “Wij zijn goede vrienden. Els is als een zus voor mij. En net als Han is mijn eigen man een Nederlander.

“Al bij de eerste brainstorm, nu vijf jaar ­geleden, zeiden we tegen elkaar: moeten we niet iets doen met Who’s afraid…? Stel dat twee oude vedettes ertoe veroordeeld zijn dit stuk tot in lengte van dagen te spelen?”

Allochtone acteurs voor de subsidie

En op dit idee is Lanoye verder gegaan. Vanaf volgende week spelen Kerckhoffs en Dottermans op het Zeeland Nazomerfestival de rollen van Jo en Denise, een stel drankzuchtige en ruziënde intellectuele acteurs van middelbare leeftijd. Na de laatste voorstelling van het seizoen, voor een slecht gevulde zaal in een of andere provinciestad, hangen ze vermoeid in de touwen. Wat was het weer slecht, zeggen ze zelf. Of in Denise’s woorden: ‘Wat een kutstuk! Jozef Maria en hun godverdomse fucking kindeke djiezes nog aan toe, zeg...’ Net als George en Martha ontvangen zij een jonger stel. Maar nu gaat het om twee acteurs die het volgende seizoen het jonge koppel in Who’s ­afraid... moeten spelen. Om subsidie binnen te slepen, heeft Jo de rollen aan twee allochtone acteurs gegeven. Dilan Yurdakul en Tarikh Janssen spelen hen. Ze komen binnen met hun eigen ideeën en confronteren Jo en ­Denise niet alleen met de generatiekloof, maar ook met racisme en seksisme: de hete hangijzers in het hedendaagse theater.

Lanoye praat liefdevol over de twee oudere acteurs die hij in het stuk tot leven heeft ­gewekt. “Je ziet een koppel voor wie ruziemaken de laatste manier van de liefde bedrijven is geworden. Hun spitsvondigheden zijn liefdesbetuigingen. Tot het over de rand gaat, net ­zoals tussen George en Martha.

“Het stuk is een hommage aan Han en Els. Ik heb het op hen gebaseerd. Met ieder van de acteurs heb ik urenlang gepraat. Over het vak, over de liefde, over hun verwachtingen. Han is bijvoorbeeld een taalfanaat. Er moest daarom iets in van zijn irritaties over Vlaams. Als Els theater belachelijk wil maken, komt ze steevast met een vreselijke zin uit een voorstelling die ze ooit speelde: hierrr is een de scheurrrr in de natuurrr... Nee, ik zeg niet uit welk stuk dat is, maar die zin moést er in. Ik heb zelfs overwogen om de hoofdpersonen Han en Els te noemen, maar dat hinderde mijn fantasie toch te veel. Nu gebruik ik dingen uit hun ­leven, maar is het geen documentaire geworden.

De strijd tussen de ­generaties, de seksen en de afkomst

“Ook Dilan en Tarikh heb ik veel gesproken, ook hun ervaringen zijn terug te vinden in het stuk. Dilan kreeg ooit een rol vanwege haar Turkse achtergrond. Ze vond dat vreselijk. Zij wil geen subsidie of schouderklop, maar eerlijk vechten voor haar kansen. De ­Antilliaan Tarikh Janssen, die door zijn naam ­altijd voor moslim wordt aangezien, is echt een Malcolm X, een strijder voor gelijke rechten. Ik heb weinig kritiek op het monument van Albee, maar hij had de rollen van het jonge koppel wel wat beter uit kunnen werken. Dat heb ik zeker geprobeerd.”

Terwijl Who’s afraid... een tijdloos relatiedrama is, heeft Lanoye nadrukkelijk de huidige tijdgeest in ‘Wie is bang’ verwerkt. Alle hedendaagse discussieonderwerpen uit de theaterwereld – de generatiekloof, #MeToo, racisme, zelfs de vraag of toneel dood is – zitten erin.

“Dit stuk gaat allereerst over het theatervak. Zo benadrukt Jo tegenover de jongeren het belang van de beheersing van techniek en van kennis van het repertoire. Maar de toneelwereld is ook een metafoor voor de maatschappij. Daarin speelt de strijd tussen de ­generaties, de seksen en de afkomst. Laten we het theater vooral gebruiken om dat maatschappelijke debat te voeren. Sommige dingen zullen gedateerd raken, maar over diversiteit zullen we niet snel uitgediscussieerd zijn, hoor.”

Toneel is een groepscomplot

Schrijft Lanoye, die roemruchte teksten als ‘Ten Oorlog’ en ‘De Russen’ op zijn naam heeft staan, niet liever voor de eeuwigheid dan een gelegenheidsstuk voor een afscheid?

“Ik denk juist dat als je de bouwstenen van het hier en nu oordeelkundig gebruikt, er een universeel stuk uit komt. Euripides schreef ‘Medea’ in een tijd dat huwelijken met vrouwen uit vreemde landen ongeldig werden verklaard. Hij schreef een controversieel stuk over wat de gevolgen daarvan kunnen zijn. Medea vermoordt haar kinderen uit wraak. Dat stuk heeft alle tijden overleefd. Wat nu eeuwigheidswaarde blijkt te hebben, was vaak gebaseerd op concrete aanknopingspunten. ‘Wie is bang’ wordt nu ook al in het Duits vertaald.”

In het stuk laat Lanoye een van de acteurs zeggen dat het toneel dood is, een uitspraak die je tegenwoordig wel vaker hoort en lijkt te worden onderschreven door teruglopende ­bezoekersaantallen. Maar Lanoye is het daar totaal niet mee eens. “Ik weiger het theater een crisis aan te praten. Het is waar dat teksttheater en taal als zodanig worden verwaarloosd. Theaterdirecteuren kiezen ook graag voor makkelijke komedies. Als je geen goede stukken programmeert, gaan mensen vanzelf denken dat theater dood is. Maar kijk eens wat er in Vlaanderen en Nederland gebeurt! Milo Rau bij NTGent, het is fenomenaal wat hij maakt. En Ivo van Hove: oké, hij doet misschien te veel, maar stel je voor dat hij al die stukken niet zou hebben gemaakt.

“Het fantastische van toneel is dat het een groepscomplot is. De toeschouwer is bereid mee te complotteren en accepteert dat acteurs doen alsof. En dan kan toneel alles. Ik hoop dat de kijker bij dit stuk denkt: ja, deze persoon heeft gelijk. Ja maar, die ander heeft ook gelijk. Ze hebben allemaal gelijk! Dat inzicht kan alleen toneel je geven, dat kun je nooit in een wettekst of dissertatie onderbrengen.”

‘Wie is bang’ gaat op 27 augustus in première op het Zeeland Nazomerfestival. Daarna volgt een tournee door Nederland en Vlaanderen.
www.ntgent.be en www.theaterzeelandia.nl

Uitgeverij Prometheus heeft de tekst van ‘Wie is bang’ uitgebracht in boekvorm.
www.uitgeverijprometheus.nl

Pas op: ruw taalgebruik

De bezoekers van de première van ‘Wie is bang’ worden in de uitnodiging gewaarschuwd voor het vloeken en schelden in de voorstelling. ‘De voorstelling bevat teksten die de toeschouwers als grof zouden kunnen aanmerken’, staat erin.

Directeur van Zeeland Nazomerfestival Henk Schoute: “Wij werken in een vrij behoudende provincie en proberen respect te hebben voor de opvattingen van iedereen. We willen mensen niet onnodig hiermee confronteren en daarom waarschuwen wij hen vooraf. Als Randstedeling ben ik geneigd te denken: waar hebben we het over? Maar dit is de Randstad niet. Vorig jaar zijn er na een voorstelling waarin één vloek viel, vragen gesteld in Provinciale Staten. De tekst aanpassen was absoluut geen optie. In Nederland mag je zeggen wat je wil.” 

Lees ook:

Hoe schrijf je Echte Poëzie? Vijf dichtlessen van Tom Lanoye

Voor de Poëzieweek schreef dichter en auteur Tom Lanoye de geschenkbundel ‘Vrij – wij?’ In aanloop naar zijn masterclass poëzie geeft hij hieronder alvast vijf lessen in dichten. “Poëzie is totale vrijheid.”

Tom Lanoye: De Russen, dat zijn wij

Een vijf uur durende Tsjechov-bewerkingals metafoor van deze tijd. Achttien acteurs zet Toneelgroep Amsterdam er voor op toneel. Het liefst zou schrijver/theaterdier Tom Lanoye in het repetitielokaal kamperen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden