In ’Het laatste vuur’ dolen zielen schuldbeladen rond

Het jongetje Edgar werd doodgereden door een politie-agente die een wilde achtervolging van een vermeende crimineel had ingezet. Het was hoogzomer, augustus, en de straat was opgebroken, al eindeloos lang, en lag te verstoffen in de hitte, in een troosteloze buurt.

Hans Oranje

Edgar, acht jaar oud, stond met een lekke voetbal aan de kant, toen er een man aankwam en hem hielp het ventiel te onderzoeken. Tussen de twee voortrazende auto’s was Edgar de straat opgerend en onder de tweede auto gekomen.

Het is nu jaren later en het is winter. Er ligt een dik pak sneeuw over de oplopende toneelvloer die ontwerper Thomas Rupert heeft aangelegd. In een hoek staat een kachel te branden, en de acht personages staan eromheen zich te warmen. Zij zijn met elkaar verbonden door de dood van Edgar en spreken als een ’wij’ de heftig poëtische, maar ook grondeloos sombere teksten van de met prijzen overladen Duitse schrijfster Dea Loher (’Das letzte Feuer’ riep het tijdschrift Theater Heute ín 2008 uit tot ’stuk van het jaar’), waarin van een ieder geleidelijk aan duidelijk wordt welke last ze met zich meetorsen.

Vaak spreken ze in de derde persoon over zichzelf. De wij-passages worden afgewisseld met dialogen tussen twee of drie personen, die een handeling ontwikkelen van aantrekken en afstoten, van verdriet, machteloosheid en vooral van een peilloos schuldgevoel.

Centraal daarin staan Edgars moeder Susanne (Sylvia Poorta) en de man die de straat inkwam, Rabe (Rogier Philipoom). Zij voelen zich sterk tot elkaar aangetrokken, maar lichamelijke liefde is niet mogelijk. Edgars vader Ludwig (Willy Thomas) is een zonderling die op een gegeven moment zijn oude, demente moeder Rosmarie (een prachtige rol van Goele Derick) in de badkuip verdrinkt en in de bossen gaat zwerven. De agente, Edna (Hannah van Lunteren) draait kringetjes in haar schuldgevoel, en vindt dat de cokejunk Olaf (Roland Haufe) die zij achtervolgde, de schuldige is. Zij krijgt repliek van Peter (Bart Slegers) die de vriend van Olaf is en hun relatie kort aangeeft met: „Wij neuken”. Hij is de minst geschondene van de acht; de laatste, Karoline (Fania Sorel) heeft haar beide borsten aan de kanker verloren en zal haar eenzame dooltocht besluiten met een kleine speciaalzaak voor erotische prothesen.

Liet Lenshoek maakte een mooie vertaling van dit grimmige en neerslachtig makende stuk. Alize Zandwijk, die een vurig bewonderaarster is van het theater van Loher, heeft een ingehouden regie gevoerd waarin Poorta roerend ten onder gaat aan haar schuldgevoel over alles wat gebeurd is, op de voet gevolgd door Philipoom voor wie Edgar het tweede kind was dat hij onder zijn handen zag sterven. Inlevend drama van hoog niveau, met afstand nemende momenten van Brechtiaanse snit, maar dan wel dood- en doodernstig.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden