recensie

Ilja Leonard Pfeijffer als intrigerend toneelpersonage

Michel Sluysmans (l) en Servé Hermans.Beeld RV

TONEEL
Toneelgroep Maastricht
Brieven uit Genua
Tekst: Ilja Leonard Pfeijffer
Bewerking en regie: Michel Sluysmans

'Vanavond spelen wij jou, Ilja.' Met die woorden laat regisseur en acteur Michel Sluysmans de toneelvoorstelling 'Brieven uit Genua' beginnen, na een korte inleiding over toneelsigaretten en over zijn vriendschap met schrijver Ilja Leonard Pfeijffer, tevens huisschrijver van Sluysmans' gezelschap Toneelgroep Maastricht.

In 2008 fietste Pfeijffer met zijn toenmalige geliefde Gelya naar Rome en bleef op de terugweg hangen in Genua: 'geen stad maar een product van middeleeuwse misverstanden', 'geen plek maar een avontuur'. Een avontuur waar hij zijn hart aan verloor.

Pfeijffer schreef er onder meer het naar eigen zeggen volledig waarheidsgetrouwe boek 'Brieven uit Genua', waarin hij een spel speelt met fictie en werkelijkheid. Een spel dat Sluysmans nu tot toneel maakt.

Ontmaskering

In 'Brieven uit Genua' beschrijft Pfeijffer middels brieven aan Gelya zijn dagelijkse leven, met als grondthema de (voor een buitenstaander nogal voor de hand liggende) ontmaskering van zijn persoonlijkheid als een nauwkeurig vormgegeven personage. Op het toneel wordt die ontmaskerde schrijver weer opnieuw een personage. Met zijn rode das, zwarte colbertje, spijkerbroek, bruine laarzen en vooral de pruik met lang bruin haar, transformeert Servé Hermans voor je ogen in de schrijver. Zijn houding, zijn manier van roken, alles klopt. Behalve zijn blik. De ogen van Hermans zijn vurig, zijn blik is direct, terwijl die van Pfeijffer altijd een tikje versluierd is.

Sluysmans componeerde met teksten uit het boek een onderhoudende, soms hilarische schets van diens Genuaanse leven, met bijbehorende ontmoetingen en liefdes en bovenal, van diens innerlijk. Dat is vaak nogal mistroostig, want 'ik voel mij zoals het weer'. Het is een groot plezier om, met Hermans als stralend misantropisch middelpunt en Sluysmans als vertolker van alle nevenpersonages, in de innerlijke krochten van de schrijver te gluren en mee te leven in zijn zelfingenomen zoektocht naar een manier om het leven te omarmen.

Hoe jammer is het dan ook dat Sluysmans ervoor koos om een pianiste en zangeres te vragen sfeer toe te voegen met bekende Italiaanse (opera) muziek. Hun performance voegt weinig tot niets toe aan de voorstelling. Tenenkrommend en onbegrijpelijk dieptepunt is wel de überbrave uitvoering van Puccini's 'Oh mio Babbino caro'. Sluysmans had er meer op mogen vertrouwen dat Pfeijffer een volwaardig, deerniswekkend en meeslepend toneelpersonage is en het hele spel met feit en fictie nog meer op de spits mogen drijven. Nu gaat de helft van de voorstelling verloren aan oninteressante muzikale intermezzo's.

Lees hier meer theaterrecensies

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden