Review

'Ik wil niet sterven, want ik heb net mango's gekocht, ik wil ze opeten'

De derde editie van het indrukwekkend gegroeide Latijns-Amerika festival voor film en literatuur kent een zeven dagen durend progamma dat in variatie en breedte het hele werelddeel lijkt te omvatten, en het wordt keurig gepresenteerd in een chique catalogus met lezenswaardige achtergrondartikelen over filmgenres waar je eerder nog nooit van gehoord had (de voetbalfilm bijvoorbeeld) en regisseurs die je eigenlijk had moeten kennen (Arturo Ripstein).

,,We willen zoveel mogelijk aspecten van de Latijns-Amerikaanse cultuur onder de aandacht brengen'', verklaart progammeur Irma Dulmers de breedte van de progammering. Naast de recente speelfilms (waaronder een feestelijke vertoning van de door het Hubert Bals-fonds geproduceerde en in Rotterdam met de prijs van de Nederlandse filmkritiek bekroonde Cubaanse film 'La vida es silbar') vertoont het festival Mexicaanse Santo- en vampierfilms, Cubaanse muziekfilms, de lievelingsfilms van beroemde Zuid-Amerikaanse schrijvers (onder wie Laura Esquivel), een Patagonië-progamma met films waarin het door Bruce Chatwin beroemd gemaakte 'einde van de wereld' als decor figureert, een retrospectief rond de Mexicaanse filmmaker Arturo Ripstein, en het reeds eerder genoemde, zelf uitgevonden genre: de voetbalfilm.

Dat de locale obsessie de internationale verbeelding flink in gang zet, blijkt uit deze laatste, curieuze reeks films waaronder een BBC-documentaire van Michael Hewitt over de brute moord op de Colombiaanse loser Escobar die een schot in eigen doel met de dood moest bekopen, een aandoenlijk Braziliaans portret van de treurige, lege dagen van de ooit gevierde voetbalster Lima, en Jos de Putters al vaker vertoonde film over twee getalenteerde maar onfortuinlijke voetballertjes uit Brazilië.

Het festival-progamma is zo vol genoeg maar toch nog niet helemaal ideaal, want in de progammering van de recente films moet rekening worden gehouden met de wensen van grote broer Filmfestival Rotterdam. Zo ontbreekt om die reden in het retrospectief rondom de in Zuid-Amerika zeer populaire Arturo Ripstein diens laatste film: 'De kolonel krijgt nooit post'. Deze verfilming van de roman van Gabriel García Marquez was te zien op het afgelopen filmfestival van Cannes en staat op het progamma voor het komende festival in Rotterdam. ,,Als Rotterdam belangstelling heeft voor een film gaan zij voor'', aldus Dulmers. ,,Het is voor filmmakers veel interessanter om hun film in Rotterdam te presenteren, omdat daar producenten en distributeurs aanwezig zijn en er een filmmarkt is waar nieuwe plannen gepresenteerd kunnen worden.''

Toch is het Latijns-Amerikaans festival geen festival van Rotterdamse afdankertjes want daarvoor zijn de intenties van de beide festivals ook weer te verschillend. ,,Rotterdam is vooral uit op films die cinematografisch interessant zijn en trekt een publiek van filmfreaks, wij zoeken meer thematisch en richten ons op de Latijns-Amerika-ganger. Maar los daarvan dekt Rotterdam ook de lading niet. Van oudsher zijn ze bij Rotterdam meer gericht op Azië en Europa. Al heeft de samenwerking met ons (Dulmers is ook adviseur bij Rotterdam, JR) er wel voor gezorgd dat het Latijns-Amerikaanse aandeel in Rotterdam de laatste jaren weer gegroeid is.''

Elkaar vliegen afvangen zoals dat gebeurde tussen het filmfestival in Vlissingen en het Nederlands Filmfestival in Utrecht is bij deze Rotterdamse festivals niet aan de orde. Hoewel Dulmers graag kopers voor de aanwezige filmmakers én schrijvers wil interesseren, is haar eerste ambitie met het festival toch te informeren en de in Nederland snel groeiende belangstelling voor wat Latijns-Amerika aan cultuur te bieden heeft, terwille te zijn.

De strijdliederen uit de jaren '80 zijn verstomd en zelfs Cuba wordt inmiddels druk bereisd, zo verklaart Dulmers de snelle groei van het publiek. Nu de politiek niet meer de maat aangeeft, is er ruimte voor de vitale Latijns-Amerikaanse cultuur. Hoe vitaal die kan zijn blijkt uit een film als het Braziliaanse 'Traicao', een drieluik over verraad waarbij het door debuterend regisseur José Henrique Fonseca wervelend geregisseerde laatste deel 'Cachorro!' (Klootzak!) je een half uur gevangen houdt in een rood pluche hotelkamer waar een furieuze jongeman zijn vrouw en zijn beste vriend onder schot houdt. De man dreigt, tiert en schreeuwt zijn verdriet uit over de liefde die niet rustig maar een 'volumineuze massa' is gebleken. Zijn tegen de wand gedrukte vrouw weert zich met een ontroerend 'ik wil niet sterven, ik heb net mango's gekocht, ik wil ze opeten'. Hun gewelddadige, intense woordenstrijd boeit van begin tot einde. Het is een willekeurige greep uit het progamma, maar als deze eenakter maar enigszins maatgevend is dan valt er de komende week in Rotterdam veel opzienbarends te beleven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden