null Beeld

ColumnRosita Steenbeek

Ik vroeg me af of het crucifix, na al hun ontberingen, betekenisvoller voor hen was

Pinksteren vierde ik meestal in het Pantheon. Die tempel voor alle goden staat er nog, omdat deze­­ in 607 al een kerk werd en dus niet als getuigenis van het heidendom door vrome lieden aan stukken hoefde worden geslagen.

De eerste jaren dat ik de Pinkstermis bezocht, waren daar de vaste kerkgangers en andere buurtgenoten. Tijdens het zingen van Veni Creator Spiritus, Kom Schepper Geest, ontsteek het vuur van uw liefde, daalde er door de opening in het dak een regen neer van rode rozenblaadjes.

Omdat de Heilige Geest zichtbaar werd in vurige tongen boven de hoofden van de apostelen, heeft de brandweer een speciale band met dit feest. De laatste jaren is het ritueel door sociale media verworden tot een toeristische attractie en sta je uren in de rij. Eenmaal binnen word je platgedrukt door mensen met ten hemel geheven mobieltjes. Daarom volg ik liever vanaf mijn dakterras hoe op die nabijgelegen koepel brandweermannen zakken rozenblaadjes aanslepen en leeg kieperen door het impluvium.

Vanwege de pandemie valt er dit jaar opnieuw geen rozenregen.

Ik denk aan een andere Pinksterviering, op Lampedusa, die ik bijwoonde in de kerk waar we kort tevoren honderdtwintig mensen hadden herdacht die waren verdronken tijdens de oversteek uit Libië. Met Pinksteren waren er Lampedusaanse gezinnen, toeristen, maar ook bootvluchtelingen, die het wél hadden gered.

Naast me zaten twee zwarte jongens, een kleine Holy Bible op schoot. Ik vroeg me af of ze troost vonden in dat beeld van een tedere Maria met Jezus in haar armen en of het grote crucifix na hun ontberingen betekenisvoller voor hen was. Er werd met vuur gezongen, de in het rood geklede priester spetterde met een wijwaterkwast al het kerkvolk kwistig nat. Het had iets verbroederends, dat water over de gelukkige gezinnen en over hen voor wie dat element kortgeleden de grootste bedreiging vormde.

Er werd gelezen uit Handelingen. Ik wees de jongens naast me op de passage. ‘Zij werden allen vervuld met de Heilige Geest. Hoe kan het dat wij hen horen, eenieder in onze eigen taal? Parten, Meden, inwoners van Mesopotamië̈, Judea en Kappadocië̈, Egypte en de streken van Libië bij Cyrene, en hier verblijvende Romeinen, zowel Joden als Jodengenoten.’

Vrijwel iedereen die aankwam op Lampedusa was scheepgegaan in Libië, vaak na zware mishandelingen.

“In Jezus’ naastenliefde wordt de Geest van God zichtbaar”, zei de priester. “Dat is een taal die we over de hele wereld verstaan.”

Na afloop vroeg ik de twee jongens en hun lotgenoten hoe ze de dienst hadden gevonden.
Very beautiful. Bello.”
Sommigen waren evangelisch, anderen moslim.
“God is één en voor ons allemaal”, zei een van hen. Voordat ze teruggingen naar het opvangcentrum wenste ik hun toe dat hun gebeden verhoord zouden worden.
God bless you”, antwoordden ze in koor.

Rosita Steenbeek is schrijfster en woont deels in Rome. Meer van haar columns leest u hier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden