Vandaar dit boek

‘Ik schreef dit boek over de verloren Rembrandts in vier maanden. Alles zat immers al jaren in mijn hoofd.’

‘De geleerde aan zijn lessenaar’ van Rembrandt.

In de rubriek ‘Vandaar dit boek’ vertelt wekelijks een schrijver waarom hij of zij een boek wel moest schrijven. Deze week: Gerdien Verschoor (1963). De kunsthistoricus, schrijver en aanstaand directeur van Herinneringscentrum Kamp Westerbork schreef ‘Het meisje en de geleerde. Kroniek van twee verloren gewaande Rembrandts’.

“Toen ik in 1994 op de Nederlandse ambassade in Warschau werkte als cultureel attaché, zag ik opeens foto’s van twee verloren gewaande Rembrandts in de krant. Een Poolse gravin uit Rome wilde deze schilderijen samen met andere werken die hadden toebehoord aan de laatste Poolse koning, aan Polen schenken. Toen de democratie in Polen hersteld was, had ze besloten de schilderijen uit de kluis te halen waar ze sinds de oorlog in waren opgeslagen. Er werd gedacht dat ‘De geleerde aan zijn lessenaar’ en ‘Het meisje in de schilderijlijst’ kort na de oorlog waren verbrand.

Het waren kleine krantenberichtjes. Over die Rembrandts had ik mijn reserves: eerder had een adellijke Poolse familie ook al een kunstcollectie geschonken en die schilderijen bleken niet van hoge kwaliteit. Maar natuurlijk ging ik kijken. Het bleken prachtige schilderijen. Het was erg bijzonder om, als je elf jaar in Polen woont zoals ik destijds, zoiets Hollands zo dicht in de buurt hebt. Ik wist toen al dat ik hier ooit een boek over wilde schrijven.

Karolina

Dat gevoel werd sterker toen de oorlogsmemoires verschenen van de vrouw die de schilderijen wegschonk, gravin Karolina Lanckoronska. Voor de oorlog was ze hoogleraar kunstgeschiedenis geweest aan de universiteit van het Poolse Lwów, nu het Oekraïense Lviv. Een sterke vrouw, die de liefde voor kunst had meegekregen van haar vader, de puissant rijke ‘kunstgraaf’ Karol Lanckoronski.

Haar familie ontkwam, maar de trotse aristocrate Karolina werd in de oorlog door de Duitsers gevangen genomen en belandde in Ravensbrück. Ze ging daar door met het geven van colleges aan haar medegevangenen. Lezen, tekenen en borduren waren belangrijk in de kampen. Alleen zo hield je contact met je innerlijke kracht.

Eerder schreef ik twee romans, en dat wilde ik ook gaan doen over Karolina en de Rembrandts. Maar toen ik bij haar periode in Ravensbrück aankwam, liep ik vast. Ik kon daar geen fictie maken: het is háár verhaal. Mijn redacteur vond al dat ik een non-fictie boek over de Rembrandts moest maken, dus ik volgde dat advies uiteindelijk op. Maar het bleef moeilijk om de juiste stem voor dit boek te vinden. Ik was directeur van CODART, het netwerk van alle museumconservatoren ter wereld die zich bezighouden met Hollandse en Vlaamse Meesters. Omdat ik het gevoel had dat die over mijn schouder meekeken, hield ik het heel wetenschappelijk. Maar ook dat was niet het boek dat ik wilde schrijven.

Schilderij ‘Meisje in een schilderijlijst’ van Rembrandt.

Feiten

Uiteindelijk heb ik besloten fictietaal te gebruiken, soms kan ik het niet laten in het hoofd van Karolina te kruipen. Maar ik houd mij aan de feiten. Het kunsthistorische werk is goed gedaan door Poolse en Nederlandse wetenschappers, zoals Ernst van de Wetering. Zij onderzochten welke weg deze schilderijen hebben afgelegd van het atelier van Rembrandt naar het grachtenpand van de familie Van Lennep, naar Berlijn (waar we niet zo goed weten waar de schilderijen waren), naar de laatste koning Stanislaw August van Polen, naar de aristocraat Kazimierz Rzewuski, naar de kunstminnende familie Lanckoronski en uiteindelijk naar een plek waar de nazi’s hun roofkunst probeerden veilig te stellen: de zoutmijnen in Altaussee. Oostenrijk wilde de kunstverzameling van de Lanckoronski’s na de oorlog voor het land behouden. De Poolse familie had een deel van de collectie altijd in hun paleis in Wenen bewaard. In Polen waren aristocraten door de komst van de communisten al hun bezittingen kwijtgeraakt.

Toch slaagden de Lanckoronski’s er kort na de oorlog in een deel van hun schilderijen naar Zwitserland te brengen. Daar gingen ze de kluis in. Het leek de familie beter om niet te open te zijn over hun collectie, waarvan ze soms een werk verkochten om in hun levensonderhoud te voorzien.

Zelf heb ik onderzoek gedaan naar alle mensen die van deze schilderijen hebben gehouden hebben en de plekken die ze eraan gaven. In de context van een Amsterdams grachtenhuis tot een koningspaleis of als kandidaten voor Hitlers gedroomde museum in Linz tot de zoutmijnen en een bankkluis, functioneerden deze Rembrandts door de eeuwen heen heel anders. Toen ik eenmaal de juiste stem voor dit boek gevonden had, schreef ik het in vier maanden. Alles zat immers al jaren in mijn hoofd.”

Het meisje en de geleerde. Kroniek van twee verloren gewaande Rembrandts
Gerdien Verschoor
Atlas Contact; 299 blz. € 22,99

Vandaar dit boek

Trouw vraagt schrijvers wekelijks naar hun drijfveren achter het schrijven van een boek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden