Review

'Ik heb geen fantasie', piept Maarten 't Hart

Er zijn schrijvers die in elke roman een nieuw verhaal vertellen, en er zijn schrijvers die in feite steeds aan dezelfde roman werken. Maarten 't Hart is - in tegenstelling tot mythische oeuvrebouwers als Mulisch en Van der Heijden - een zeer letterlijk voorbeeld van de laatste categorie. Ettelijke malen keerde 't Hart in zijn boeken terug naar Maassluis, het streng gereformeerde dorpje waar hij zijn jeugd doorbracht. In zijn nieuwste roman, 'De vlieger', is dat niet anders.

ONNO BLOM

Op de bekende wisselend hoogdravende en melancholische toon vertelt 't Hart in 'De vlieger' dat zijn vader, die grafdelver was op een protestants kerkhof, op een dag in de jaren vijftig een keurig ingepakt houten kruis binnenkreeg. Tot schrik van de grafdelver was het kruis voorzien van een katholiek Christusbeeldje. “Hebben onze vaderen daar nou tachtig jaar voor gevochten?” vroeg hij zich tandenknarsend af.

Toch kreeg het kruis zijn plek op het kerkhof - al werd Christus nogal eens door de vogels ondergescheten - en zelfs de keurige verpakking diende een doel: van de latjes en het papier fabriekten vader en zoon een vlieger. Samen lieten zij de vlieger op en verstuurden, net als in de smartlappen van Mary Servaes en André Hazes, draadgebeden naar de hemel.

Toen zoonlief een keer alleen aan de rand van het stadje ging vliegeren, stuitte hij op twee opgeschoten jongens die zijn draad doorsneden. Deze treurige gebeurtenis staat symbool voor de rest van het verhaal. De vlieger belandde in de tuin van het gezin van Gilkinus van Diepenburch, bestaande uit Ginus zelf, zijn vrouw en mooie, maar woeste dochter Machteld.

Ginus was een brave gereformeerde borst, die het echter na al te diepgravende bijbelstudie in de kop was geslagen. Dit is wat hij op eigen houtje bedacht: “Als God alles kan, echt alles, kan Hij ons ook rechtstreeks vergeven, dan is daar helemaal geen kruisdood en zoenbloed voor nodig.”

De mensen van Maassluis beluisterden Ginus' oprechte gepeins als een vloek in de kerk. Nadat een eindeloze stoet van ouderlingen was langsgekomen om hem op andere gedachten te brengen, werd hij - net als de vlieger van de jongen - door de dominee van de kerkgemeenschap 'afgesneden'. Tot overmaat van ramp liet woeste Machteld zich bezwangeren en werd het gezin Diepenburch in het dorp verketterd. Uiteindelijk vertrokken Ginus en de zijnen met stille trom uit Maassluis.

“Het is een verhaal zonder afloop”, zegt 't Hart met gevoel voor zelfinzicht in de curieuze epiloog. Plots verkeren wij in het heden en blijken de ik-figuur en de schrijver dezelfde persoon. Onlangs, vertelt 't Hart, keerde hij terug naar Maassluis om deel te nemen aan een actie van Amnesty International. De actie bestaat eruit dat hij, om aandacht te vragen voor politieke gevangenen in de rest van de wereld, geboeid in een kooi op de havenkade gaat zitten. “Bij wijze van boetedoening”, schrijft 't Hart likkebaardend bij de gedachte.

Eenmaal aangekomen bij zijn kooi treft de schrijver Machteld aan. Zij blijkt zich te hebben ontwikkeld tot een SM-meesteres, die hem zonder pardon in de boeien slaat. Alsof deze wending nog niet bizar genoeg is, zijn het uiteindelijk niet zozeer de fysieke kwellingen die het de schrijver in de kooi lastig maken en behagen tegelijk, maar vooral de psychische martelingen. Machteld slaat 't Hart namelijk om de oren met klinkende bezwaren tegen zijn literaire werk. Zij vindt dat hij 'muurvast' zit in zijn verleden. Waarom blijft hij daar toch maar over 'dooremmeren'? “Ik kan niks verzinnen, ik heb geen fantasie”, piept de schrijver.

En al die kerkelijke aangelegenheden waar hij over schrijft, “alsof 't een wond is die maar niet dicht wil gaan”, waarom houdt dat nou nooit eens op? “Omdat”, vervolgt 't Hart boos, “het maar steeds blijft voortbestaan. Omdat de EO de grootste omroep van Nederland is. Omdat er in alle hoeken en gaten van dit kikkerland overal nog griezeldominees preken en catechiseren.”

Kennelijk schrijft 't Hart zijn romans om in het echte leven zijn gelijk te halen: “Als je 't opschrijft zeggen de gelovigen dat je overdrijft, dat je er een karikatuur van maakt. . . terwijl. . . je moet alles wat je gehoord en gezien hebt nota bene afzwakken om 't enigzins aanvaardbaar te kunnen weergeven.”

Dit is een uitermate vreemd standpunt. Hoe kan de werkelijkheid, als die al zou bestaan, nu als meetlat dienen voor een romanwereld, of omgekeerd? Een roman is nu juist een wereld op zich, waarin de wetten van stijl en taal heersen. Ook al zouden beide werelden in het hoofd van 't Hart ineenschuiven, het idee van de schrijver blijkt uiteindelijk niet in overeenstemming met zijn daden. Zwakt 't Hart zijn herinneringen aan Maassluis af? Welnee. Wat aan 'De vlieger' nu juist opvalt is de ontembare melancholie en de onstuitbare drang om de dingen zwaar aan te zetten. Hij tekent de sfeer van het bedompte Maassluis in grove streken, zoals gebuikelijk was in de streekromans van Antoon Coolen en Herman de Man - de schrijvers die zijn kleine alter ego gretig zit te lezen op de eerste bladzijde van zijn eigen roman.

Het ingewikkelde is dat de gezwollen stijl van 't Hart tegelijk zijn kracht en zijn zwakte bepaalt. Zonder alle melancholie van dialect, Oudhollandse zegswijzen, bijbelcitaten, het ruisen van populieren en uitvoerig uitgeschreven details als de 'geluiddempende Verto vloerbedekking' en rode stippen op de ruggen van onuitleenbare leeszaalboeken zou het verhaal saai zijn en kleurloos. Maar mét de vaste 't Hart-ingrediënten gaat de subtiliteit nogal eens teloor. De tegenstelling tussen de brave Ginus en de kwade dorpelingen is ongenuanceerd, de tekening van de grafdelvende vader - 'zand erover' - af en toe karikaturaal.

Zou dat Maarten 't Hart iets kunnen schelen? Waarschijnlijk 'geen barst', om met Machteld te spreken. Hij schrijft zoals hij schrijft en dat zal altijd wel zo blijven. Zelfs Machteld kan daar, gewapend met rammelende ketens en straffe vermaningen, niets aan veranderen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden