Review

Huil, krabbel op en publiceer

Hoe overleef ik mijn moeder? Mijn man? Of mijn verslaving? Het genre van de misery memoir, is ongekend populair. Hoe komt dat toch? Waarom lezen we zo graag over andermans leed? En zijn er ook intelligente boeken in deze categorie? Ja: Joan Didion legde vast hoe ze het jaar na de dood van haar man doorkwam. Een vlijmscherpe zelfanalyse.

Xandra Schutte

In Engeland en de Verenigde Staten liggen ze in stapels in de boekhandel, de zogeheten 'memoirs'. Blader door de catalogi van Britse en Amerikaanse uitgeverijen en er staan weer honderden op verschijnen. Kijk naar de bestsellerlijsten en er staat er altijd een aantal hoog genoteerd. Een van de aangekondigde boeken luidt 'How I Survived My Mom', een titel die welbeschouwd over het hele genre gaat. Hoe overleef je je alcohol- of drugsverslaving / vraatzucht / echtscheiding / kanker / incest / de dood van je kind, geliefde, huisdier / de gekte van je ouders / je jeugd in een sekte in Midden-Amerika / je jeugd met een afwezige vader. Doorstrepen wat niet van toepassing is. Niet voor niets noemen de Engelsen de autobiografische geschriften waarin de protagonist eerst in een diep dal van ellende terechtkomt en dan langzaam naar boven klautert cynisch 'misery memoirs'.

Het recept is beproefd. Beschrijf hoe je op de bodem van de put terecht bent gekomen, meet de verschrikkingen breed uit, vind de kracht die ergens in je binnenste is opgeslagen, huil, ga door nog een crisis, huil opnieuw, rijs als een feniks uit je eigen as omhoog, laat het verleden achter je, en publiceer. Het verhaal moet waar en, hoe bizar ook, herkenbaar zijn.

Het genre is zo succesvol dat Engelse en Amerikaanse uitgevers auteurs graag een duwtje geven en erop aandringen dat ze hun roman, als het maar even kan, als 'memoir', dat wil zeggen als non-fictie presenteren. Schreef Gerard Reve ooit 'echt gebeurd is geen excuus', om aan te geven dat de werkelijkheid vaak onbruikbaar is voor fictie, tegenwoordig is het omgekeerde het geval. Echt gebeurd lijkt de meest overtuigende legitimatie voor een boek.

Wat weer tot nieuwe ellende kan leiden, zoals in het geval van James Frey, wiens autobiografische vertelling over zijn verslavingen, 'A Million Little Pieces', een absolute bestseller in de Verenigde Staten werd. Miljoenen lezers huilden met hem mee, tot bleek dat Frey zijn misère behoorlijk had aangedikt (zie kader). Sindsdien voert lezend Amerika een debat over de vraag hoeveel fictie er in een waargebeurd boek mag sluipen.

De vraag is natuurlijk wat de 'memoir ' zo populair maakt, ook in Nederland. Waarom we zo'n honger naar echtheid hebben. Het eenvoudigste antwoord is dat er in ons allemaal een sadistische voyeur huist. Maar bevredigend is dat niet. Misschien is het eerder zo dat niet leedvermaak maar de behoefte aan bezwering naar de ellendegeschiedenissen doet grijpen. Door erover te lezen overkomt het je niet. Als lezer troost je jezelf met de wetenschap dat het met je eigen leven zo erg niet is gesteld en je krijgt meteen een script geleverd voor een onverhoopte toekomst: het grootste ongeluk valt te overwinnen. We spiegelen ons graag aan de American Dream die uit de boeken spreekt: je kunt altijd een 'comeback kid' zijn, als je maar vecht.

Over de behoefte aan bezwering gaat 'Het jaar van magisch denken' van de Amerikaanse schrijfster en journaliste Joan Didion, dat vorig jaar in Amerika verscheen, nu vertaald is en alweer een halfjaar op de bestsellerlijst van de New York Times prijkt. Didion schildert daarin het jaar na de plotselinge dood van haar man, de schrijver John Gregory Dunne, een jaar waarin hun enige dochter Quintana in ziekenhuizen tussen leven en dood zweeft.

Het is een jaar dat begint met ontkenning: ze ruimt zijn kleren op, maar doet zijn schoenen niet de deur uit, want er moeten toch schoenen zijn als hij terugkomt. Ze leest de in memoriams in de kranten niet, want dan is zijn dood definitief. Sterker: het feit dat die necrologieën geplaatst zijn, betekent dat ze anderen heeft toegestaan te denken dat hij dood is, dat ze heeft toegestaan dat hij levend is begraven.

Het indrukwekkende is dat Didion niet alleen heel precies haar verdriet, rouw, volledige desoriëntatie en neiging tot bezwering beschrijft, maar tegelijk zichzelf ook vlijmscherp analyseert. Ze laat zien hoe wanhopig ze is en hoe ze die wanhoop hardnekkig ontkent. Ze is, schrijft ze in het begin van haar boek, als de Amerikaanse moeder van wie de zoon in Irak vecht. Als er een politieman voor de deur staat, hoeft hij niets te zeggen, de vrouw weet wat zijn boodschap zal zijn. Maar ze laat hem er niet in. Er ontstaat een kluchtige scène, waarin hij vraagt en nog eens vraagt of hij naar binnen mag en zij hem angstvallig de toegang verspert. Ze koestert de magische gedachte dat als ze hem niet binnenlaat, de gebeurtenis niet heeft plaatsgevonden. Dat haar zoon niet dood is, zolang het haar niet verteld wordt.

Het heeft iets ironisch dat Didion zo'n succes heeft met een 'memoir'. Ze is een fijnzinnige intellectueel die er in haar boeken en stukken voor de beste Amerikaanse media juist een specialiteit van heeft gemaakt mythes door te prikken. Maar het mooie en dubbelzinnige van 'Het jaar van magisch denken' is dat het boek zich als een commentaar op het al te vaak nogal banale genre laat lezen. Een van haar eerste zinnen luidt bijvoorbeeld: 'De kwestie van het zelfmedelijden'. Een geïsoleerd zinnetje dat telkens terugkeert, als de regel in een gebed. Zij zal niet in de valkuil stappen waar veel memoir-schrijvers wel in vallen, die van het wentelen in het eigen ongeluk, en dan de ontsnapping eraan.

Didion ontrafelt de platitudes waar je mee te maken krijgt als je iets verschrikkelijks overkomt, de goedbedoelde adviezen, de anekdotes die door welwillende kennissen opgedist worden: die en die heeft ook zoiets meegemaakt en het is allemaal goed gekomen. Al die platitudes zijn namelijk onderdeel van de maatschappelijke conventie dat je je omgeving niet te zeer mag confronteren met ellende die niet te overwinnen is. De meeste 'memoirs' voldoen aan die maatschappelijke conventie. Het zijn hedendaagse mythes, ze sussen, bezweren. Hoe magisch Didion ook denkt, die vorm van magie wijst ze af.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden