Opinie

Hoop, toekomst en ware liefde?

Sinds tijden niet zulk slecht toneel gezien. Hoofdschuldige is zonder twijfel Ivo van Hove, artistiek leider van Toneelgroep Amsterdam, en regisseur van 'Con Amore', een stuk dat als twee druppels water lijkt op het libretto van Busenello voor de opera 'L'Incoronazione di Poppea' van Claudio Monteverdi.

De belangrijkste ingreep van vertaler Jef Aarts lijkt ironisch genoeg de verwijdering van de rol van de god Amor, die bij Monteverdi de handeling zijn noodlottige wendingen geeft waarin keizer Nero zijn vrouw Octavia verstoot en verbant, zijn leermeester Seneca opdraagt zelfmoord te plegen en de courtisane Poppea tot keizerin verheft.

De kiem voor de mislukking ligt evenwel bij de dwaze gedachte dat je het libretto van deze onsterfelijke opera kunt loskoppelen en als toneelstuk spelen. Je moet dan ook zeker niet zinnetjes uit het libretto handhaven als 'A Dio, Nerone, a Dio', lispelend uitgesproken door een Poppea die er uitziet als een goedkope hoer. De zinderend heftige melodielijn die de echte Poppea van Monteverdi heeft gekregen bij deze regel, schreeuwt dan in je hoofd zijn ellende uit. En als je Ricky Koole met een onbeholpen gezongen en onnozel liedje afscheid van Rome hoort nemen waar Monteverdi zijn door merg en been gaande tremolo's 'A Dio Roma, a Dio patria, amici, a Dio' schreef, kunnen je tenen al niet meer krommer gaan staan dan ze al staan.

Dat het anders kan, bewees het Werkteater in de jaren tachtig met deze zelfde opera. De muziekredacteur van toen, Franz Straatman, ging met me mee en was tevreden. Hij legde me uit dat het reciterende zingen van de zeventiende-eeuwse opera zich heel goed leent voor zangers die niet geoefend zijn in de coloraturen van de negentiende-eeuwse opera. Maar wat krijgen we bij Van Hove te zien?

De toeschouwers zitten zowel in de zaal als op het toneel van de Amsterdamse Stadsschouwburg rond een plankier waarbinnen zich een 'uitgebreid kookeiland' bevindt: behalve fornuizen, aanrechten en dergelijke zijn er ook een badkuip met douche, een toilet, een wasafdeling met strijkplank en machine aanwezig. De dienaren van het hof zijn daar druk bezig met het bereiden van een maaltijd en andere huishoudelijke werkzaamheden: Valetto, Nero's dienaar, Arnalta, Poppea's dienares, en anderen. De voedster van Octavia is bij Aerts 'Nutrice' blijven heten, terwijl Ottone (de latere keizer Otho) hier gewoon Otto mag heten: eentje van die Habsburgers, zal Aerts gedacht hebben.

De voorstelling begint met een vrijpartij van Nero (Alwin Pulinckx) en Poppea (Halina Reijn) in het bed van de laatste dat zich op het podium bevindt, terwijl het echtelijk bed in de zaal staat. Nero pendelt tussen beide heen en weer. Om redenen die niet geheel duidelijk worden, ontdoen de twee zich van de lakens en glijden en schuifelen over de planken. Het zal wel de lust verbeelden die hen verteert, en inderdaad rondt Poppea de ruimte voluptueus met borst- en bilpartijen, en werpt Nero uitdagend zijn jongeheer telkens de lucht in. Nou ja, afgezien van Busenello's tekst gaat dat zo'n beetje door. Alle jongens moeten één voor één onverbiddelijk uit de kleren, bij de meisjes beperkt Van Hove de exhibitie tot Poppea en Drusilla. Er wordt, net als in 'True Love' dat Van Hove regisseerde tijdens het laatste Holland Festival, weer lekker vies gedaan met eten en blote lijven, al leek de theatersemiotiek van een pak tomatensap dat in een onderbroek wordt leeg gegoten even beperkt als de slagroomtaart die bij die andere voorstelling een acteur vol in het ontblote kruis trof.

Maar wat me pas nijdig maakt, is de verantwoording die de regisseur ons biedt: ,,Zo wordt 'Con Amore' een voorstelling waarin de hoop, de toekomst, de ware liefde gevierd wordt, wat niet betekent dat we onze ogen sluiten voor de ruwe, vaak meedogenloze werkelijkheid. Seneca pleegt weloverwogen zelfmoord en zowel Octavia als Otto worden verbannen. Maar is het niet zo dat elke verandering (slacht)offers vergt? We moeten vooruit!'' Dit is cynischer dan Busenello had kunnen bedenken.

Een voorstelling maken waarin het 'fysiek acteren' verrassend veel op een (wel komische) pornoshow begint te lijken en dan over hoop en ware liefde spreken, lijkt me commercieel verrassende perspectieven te bieden voor Van Hove. Als het Holland Festival hem straks echt aan de kant zet, en ook Toneelgroep Amsterdam weer eens naar een andere artistiek leider om gaat zien, kan hij altijd nog een jongensbordeel beginnen met lekkere revue's, met hier en daar een blote meid erin voor de variatie. En natuurlijk wel volhouden dat het daarbij gaat om de hoop, de toekomst en de ware liefde.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden