recensie

Hoe een Joodse jongeman tot getuige werd gemaakt bij Hitlers huwelijk

Peter KeglevicBeeld Peter Keglevics

Filmregisseur Peter Keglevic debuteert met schelmenroman over de Joodse getuige bij Hitlers bruiloft

Peter Keglevic
Hoe ik Hitlers getuige werd
Vert.: Irene Dirkes en Lucienne Pruijs
Thomas Rap; 575 blz € 24,99
OORDEEL Fascinerend, detailverliefd en taboevrij, maar skip de laatste 75 pagina's


Willen we het wel weten? Hoe een Joodse jongeman in april 1945 tot getuige werd gebombardeerd bij het bunkerhuwelijk van Adolf Hitler en Eva Braun? 'Hoe ik Hitlers getuige werd': het lijkt de titel van een schelmenroman. Wie het boek koopt om olijk door de ondergang van het Derde Rijk te worden geloodst, wordt bediend. Duizend kilometer lang voert gelegenheidshardloper Harry Freudenthal, voor zijn arische medelopers Paul Renner, de lezer met taboevrije grappen, heftige gebeurtenissen en erotische escapades.

Maar de mooiste passages in het romandebuut van Peter Keglevic hebben een heel andere toon dan deze overdadige ondergangsslapstick. Het zijn Freudenthals herinneringen, die boven komen terwijl hij door het kapotgebombardeerde Duitse Rijk rent. In onbewaakte ogenblikken blikt hij terug op zijn Berlijnse jongensjaren 1933-1945, op de 'harteloosheid en de barbarij' van alledag waaraan hij stukje bij beetje zijn hele Joodse familie- en bekendenkring verliest. De moddervette boektitel 'Hoe ik Hitlers getuige werd' zet de lezer, in dit opzicht, op het verkeerde been.

Harry Freudenthal is in 1945 een overlevende: 'Ik ren dus ik ben'. In 2015 is hij nog steeds overlevende, en meent dat de tijd rijp is om zijn grote geheim prijs te geven: hij was Hitlers huwelijksgetuige.

Tekst gaat verder onder afbeelding

Beeld uitgeverij

Keglevic speelt een fascinerend spel met fictieve en feitelijke gegevens, met verzonnen karakters en historische personages. De ik-figuur, Harry Freudenthal, is bedacht. Op 1 april 1945 verschijnt deze joodse Harry, om zich een alibi te verschaffen, met vijftig anderen aan de start van de jaarlijkse 'Paasloop voor de Führer'. Vanuit het Beierse Berchtesgaden gaat het in twintig etappes van vijftig kilometer naar Berlijn: duizend kilometer hardlopen voor het Duizendjarige Rijk.

De winnaar mag Hitler aldaar op 20 april persoonlijk met zijn verjaardag gaan feliciteren. De tweede prijs is een BMW-motor met zijspan. Die wil iedereen dus winnen. Harry Freudenthal wil echter overleven. Hij schikt zich in zijn lot om eerste te worden. Mederenners, steuntroepen van vooral de Bund Deutscher Mädel, en het begeleidende filmteam zullen hem dan minder snel laten creperen. (NB Dit feit vermelden, dat Freudenthal eerste wordt, geeft niks weg van de plot. De twist wordt in het boek - een raamvertelling - al snel duidelijk.)

Dubbel gevoel

Lopen voor de Führer: zulke sportevenementen bestonden daadwerkelijk. Alleen deze grote Paasloop 1945, met een bijeengeraapt restantje deelnemers in zig-zagkoers om de oprukkende Amerikanen te ontlopen, is bedacht. Echt is daarentegen Leni Riefenstahl. Keglevic lijkt de 'rijksfilmregisseuse' zo uit de Berlijnse Olympiade 1936 te hebben weggeplukt. In haar film Olympia heeft ze, nu weer fictief, Harry Freudenthal al in haar verpletterende marathonbeelden vereeuwigd. 'Iedereen' komt elkaar in dit boek telkens weer tegen. En zo ziet Leni Harry aan de start in Beieren terug. Ze zal hem tot in Berlijn met haar camerahoogstandjes op de hielen zitten, commanderend om 'meer ellebogen!' en 'ogen open!'

Leni Riefenstahl en Adolf Hitler, Neurenberg 1934.Beeld Hollandse Hoogte / Everett Collection, Inc.

De figuur Leni Riefenstahl kan tegelijk model staan voor het dubbele gevoel dat Keglevic' spel met feit en fictie achterlaat. Zijn loopbaan als succesvol televisieregisseur en zijn decennialange recherche voor dit boek resulteren in felrealistische beschrijvingen, detailverliefd, conflictgestuurd en taboevrij.

Als Freudenthal de rijksfilmregisseuse terugziet, roept hij uit: 'Leni Riefenstahl! Mijn heldin uit zoveel films.' Volgen opsomming en duiding van die films en verdere overpeinzingen bij de wedstrijdstart. "Ze nam me van top tot teen op, wat de charme van haar loensende blik alleen maar vergrootte. 

'Rijksgletsjerspleet', schoot me te binnen - haar bijnaam, omdat ze in haar films in zoveel ijs-, sneeuw- en gletsjerspleten was gevallen." Dan herinnert hij zich dat zijn zus een andere verklaring voor die bijnaam had gegeven: "Riefenstahl neukt met iedereen die haar tot nut kan zijn."

Foute grappen

Wat u waarneemt is wat u krijgt: bijna al een filmscenario, met veel dialoog en spektakel - trouwens zeer geïnspireerd vertaald. Aan de ene kant is deze directheid een verademing. Als Oostenrijker is Keglevic (1950) minder verlamd door het politiek-correcte moralisme dat veel films en boeken van zijn Duitse generatiegenoten over (de verwerking van) het Derde Rijk zo saai en voorspelbaar doet zijn. Bij hem maken Ariërs én Joden foute grappen. Zij zijn menselijke vaten vol tegenstrijdigheden. Dat geldt zelfs voor nazicoryfee Leni Riefenstahl, die door de hoofdpersoon dan ook niet simpelweg wordt veracht. Dit alles zet tot denken aan - zelfs bij het soms wat grove effectbejag in de woordkeuze.

Aan de andere kant dreigt de diepere, tragische, reflecterende kant van 'Hoe ik Hitlers getuige werd', die het boek zoals gezegd wel degelijk bezit, geregeld te worden overscheeuwd door eendimensionaliteit van een andere orde: de eindeloze details over mensen en dingen. Freudenthal is soms een wandelende encyclopedie. Zelfs Nederlandse kerkinterieurs komen via zijn herinneringen voorbij, alsmede de delftsblauwe plank die Hitler als geschenk van de Nederlandse Gestapo heeft gekregen. En reken maar dat al die feiten kloppen. Maar moet dat wel, in een roman?

Bovendien heeft het iets ongemakkelijks, Leni Riefenstahl en tal van andere echte nazi-kopstukken en beroemde Duitsers te ontmoeten als marionetten in een verzonnen geschiedenis. 

Ongebruikelijk advies

Overeind blijft het boek vooral dankzij het absurde gegeven dat een zooitje ongeregeld in april 1945 tegen de stroom in loopt. Terwijl de massa's Berlijn ontvluchten, banen de hardlopers zich via lazaretten, Leni's peptalk en morfine-injecties een weg naar de Rijkshoofdstad, om de Führer nog een pleziertje te geven. Het hardlopen doorkruist het vluchten en sterven. Zo stuit Harry Freudenthal alias Paul Renner op een stoet halfnaakte dwangarbeiders uit Buchenwald, voortgedreven door SS-ers na de ontruimingsactie van het kamp. En bij de Brandenburger Tor wordt hij door sovjetrussisch kanonnenvuur 'begroet'.

De Nederlandse vertaling van 'Ich war Hitlers Trauzeuge' verschijnt nagenoeg gelijktijdig met het origineel. Men verwacht er blijkbaar veel van. Om die verwachtingen niet onnodig teleur te stellen, hier een ongebruikelijk advies. Laat u de laatste 75 bladzijden van de 575 ongelezen. U zult dan mogelijk met gemengde gevoelens het boek dichtslaan, maar althans zonder onnodige ergernis. Want op het moment dat Harry Freudenthal rond bladzijde 500 de Berlijnse Führerbunker betreedt om Adolf Hitler te feliciteren en de boektitel uit te voeren, om dan nog met Eva Braun... nee, bitte, dit willen we niet weten. Grotesk en plat is deze eindspurt in het boek, die daarmee afbreuk doet aan het veelgelaagde voorgaande. 'Kill Your Darlings': als filmmaker had Peter Keglevic dit devies uit zijn branche ter harte moeten nemen.

Wat is uw favoriete boek van 2017? Laat het ons weten! 

Lees hier meer boekrecensies.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden