Ina Klaassen en Sjarel Ex op het dak van het tijdelijke kantoor van Boijmans.

InterviewIna Klaassen en Sjarel Ex

‘Het vernieuwde Boijmans moet geen Ikea worden’

Ina Klaassen en Sjarel Ex op het dak van het tijdelijke kantoor van Boijmans.Beeld Phil Nijhuis

Achter de gesloten deuren van museum Boijmans wordt druk gewerkt. Voor de ambitieuze verbouwing moet nog een gat in de begroting van 55 miljoen euro worden gedicht en een conflict met een architect beslecht. Het goede nieuws: het spraakmakende spiegelende depot gaat bijna open – drie dagen.

Wie denkt dat de directeuren van een wegens verbouwing ­gesloten museum in coronatijd met de duimen zitten te draaien, heeft het mis. Het duurt even voor Ina Klaassen en Sjarel Ex, die samen de scepter zwaaien over het Rotterdamse Museum Boijmans Van Beuningen, kunnen aanschuiven aan de grote vergadertafel. Klaassen komt als eerste binnen waaien in het tijdelijke kantoor van het museum, dat een spectaculair uitzicht biedt op de Maas en de Erasmusbrug. “Het is drukker dan ooit”, lacht ze terwijl ze haar wilde blonde haardos enigszins in model strijkt. “We maken nog steeds tentoonstellingen, alleen niet op ons eigen hoofdpodium.”

Een voorbeeld is de expositie in Ahoy, waar bezoekers vanuit elektrische auto’s naar de kunst konden kijken. Maar er zijn ook elf exposities bij andere Rotterdamse musea en in het Erasmusziekenhuis – de ‘buren’ rond het Museumpark. Ex komt binnen en haakt vloeiend aan in het gesprek. De twee directeuren hebben een prettige chemie en vullen elkaars opmerkingen als vanzelfsprekend aan. Ex vertelt over de kunstbus die langs Rotterdamse scholen rijdt. En dat er alweer beweging zit in de ­exposities met kunst uit Boijmans in buitenlandse musea.

Plan voor de verbouwing van het museum. Beeld Mecanoo architecten, Museum Boijmans van Beuningen
Plan voor de verbouwing van het museum.Beeld Mecanoo architecten, Museum Boijmans van Beuningen

“Maar de bouwwerkzaamheden geven echt het tempo aan”, zegt Klaassen, die in 2019 aantrad als tweede directeur, mede vanwege alle grote projecten. De eerste mijlpaal in de bouw is inmiddels in zicht. Op 25, 26 en 27 september kan het publiek even een kijkje nemen in het gloednieuwe Depot Boijmans Van Beuningen. Het enorme bouwwerk naast het oude museum, een veertig meter hoge, spiegelende bol met een weelderige daktuin, is nu al het gesprek van de dag in de stad en ver daarbuiten. Natuurlijk heeft het al een bijnaam: De Pot.

De Pot wordt het eerste voor het publiek toegankelijke kunstdepot ter wereld. “We willen de achterkant van het museum laten zien”, zegt Klaassen. “Zoals mensen de machinekamer van een stoomboot gaan bekijken, zo kunnen ze ook de machinekamer van het museum zien.” Na drie kijkdagen, waarvoor alle kaartjes al vergeven zijn, gaat het depot overigens weer een jaar dicht om de binnenkant af te bouwen en de ruim 151.000 kunstwerken, die nu op diverse plaatsen zijn opgeslagen, ernaartoe te brengen.

Wie zijn Sjarel Ex en Ina Klaassen?

Ina Klaassen (1969) was eerder directeur van de Willem de Kooning Academie in Rotterdam. In 2013 kwam ze naar Museum Boijmans Van Beuningen, sinds 2019 is ze directeur.

Sjarel Ex (1957) is sinds 2004 directeur van Museum Boijmans Van Beuningen, daarvoor was hij directeur van het Centraal Museum in Utrecht.

Ooit was het natuurlijk de bedoeling dat het oude gebouw pas zou sluiten voor renovatie als het depot helemaal klaar was, zodat het museum nooit helemaal dicht zou gaan. Maar het museum was zo brandgevaarlijk en zo lek, dat het in mei 2019 dicht moest. Het gaat pas weer open in 2026. Momenteel wordt er een grote hoeveelheid asbest verwijderd. En er is een architect gekozen die het gebouw nieuw leven gaat inblazen: Francine Houben van architectenbureau Mecanoo. Ze maakte een ambitieus voorlopig ontwerp (zie kader), waarvoor de nodige obstakels genomen moeten worden. Ex drukt het wat poëtischer uit: “We hebben golven nodig om op te surfen. Er zijn heel veel golven, misschien wel hoger dan je zou willen, maar tegelijkertijd, als je goed kunt surfen kun je wel snelheid bereiken.”

Een van die golven is, hoe kan het ook anders, geld. De gemeenteraad van Rotterdam trekt 169 miljoen euro uit om het ­gebouw, eigendom van de gemeente, grondig te renoveren en klaar te maken voor de toekomst. Maar het ingrijpender voorstel van Mecanoo – het ‘ambitiescenario’ – zal 224 miljoen kosten. De ontbrekende 55 miljoen moeten nog binnengehaald ­worden. Liefst voor oktober, als een definitief voorstel door de gemeenteraad besproken wordt. Klaassen: “Hoe sneller het geld binnen is, hoe meer we kunnen bouwen. Je hoopt natuurlijk het volledige plan te kunnen uitvoeren.”

null Beeld Mecanoo architecten, Museum Boijmans van Beuningen
Beeld Mecanoo architecten, Museum Boijmans van Beuningen

Ex: “Stel dat er iemand komt die zegt: ik vind de plannen zo gaaf, ik ga het betalen, dan breiden wij de naam van het museum uit met zijn of haar achternaam.” Maakt hij een grap? Nee hoor, zegt hij met een uitdagende glimlach. De huidige naam van het museum is toch ook zo tot stand gekomen? Eerst was er Frans Jacob Otto Boijmans die in 1841 zijn collectie naliet aan de stad. Daar kwamen in de 20ste eeuw de schenkingen van de enigszins omstreden havenbaron Daniël George van Beuningen bij. “Het zou wel mooi zijn als de naam begint met een B, want het moet wel een beetje allitereren”, lacht Ex.

Maar in alle ernst: er was een geldschieter die een bijdrage van 40 miljoen wilde leveren, de Stichting Droom en Daad van de vermogende Rotterdamse familie Van der Vorm. Dat ging uiteindelijk niet door. De stichting vroeg in ruil twee zetels in de raad van toezicht. Ex: “Het is misgelopen toen die zetels niet bleken te zijn wat er van werd verwacht: er is een verschil in invloed tussen een raad van toezicht en een raad van commissarissen. Toen dat helder op tafel lag, heeft de familie Van der Vorm gezegd: dat is niet het comfort dat wij zoeken.”

Klaassen vindt het overigens ‘volstrekt begrijpelijk’ dat een grote geldschieter ­inspraak wil bij zo’n verbouwing, die bij andere musea nogal eens een financieel gebed zonder einde bleek te zijn. “Maar dit gaat om permanente zeggenschap over een ­museum. Dat is wat anders dan dat je zorgt dat je geld goed terechtkomt in een bouwproces.”

Het nieuwe depot, met bos op het dak. Beeld Arie Kievit
Het nieuwe depot, met bos op het dak.Beeld Arie Kievit

Behalve gedoe over geld is er ook al gedoe met architecten. In het plan van Mecanoo verdwijnen namelijk twee aanbouwen: het tuinpaviljoen uit 1991 en de glazen aanbouw aan de voorgevel uit 2003. De architecten van die meest recente toevoeging, het Belgische bureau Robbrecht en Daem, zijn het daar niet mee eens. Kan een architect afdwingen dat zijn werk bewaard blijft?

Ex wil ten eerste duidelijk maken dat het alleen nog maar een voorstel is, voorlopig wordt er niets gesloopt. “We hebben wel contact gehad met Daem. Een architect heeft altijd het auteursrecht. Alles wat verandert, is een inbreuk op dat recht. Daar heb je je toe te verhouden. En dan zijn er advocaten.” Dat gaat Klaassen duidelijk iets te snel. Ze zegt: “Maar in eerste instantie zoek je de dialoog. Pas in allerlaatste instantie kom je op de juridische weg.”

Iets vrolijkers dan: wat voor museum zal Boijmans zijn als het na een verbouwing in 2026 weer opengaat? Ex veert op. “Een volkomen interactief, transparant, open museum dat communiceert met alle mensen die van het museum houden of nog niet weten dat ze dat gaan doen.” Klaassen vult aan: “We willen nieuwe generaties bezoekers ­bedienen. De wereld verandert, het museum moet meebewegen. Wat wij te bieden hebben, zijn perspectieven op de wereld door middel van kunst.” Ex: “Wat we heel goed kunnen, is de eeuwen verbinden. De collectie begint in de 13de eeuw en zelfs nu we gesloten zijn, wordt er nog verzameld. We praten met ontwerpers over hoe een ideale zaal er uit moet zien. Een plek die veilig is voor de kunst, maar niet belemmerd door protocollen.”

“Het moet in ieder geval geen Ikea worden”, verzucht Klaassen. “Dat je elk gangetje verplicht moet zien en overal doorheen geperst wordt. Dat haat ik. Het museum krijgt meerdere ingangen. Je hoeft niet alles te bekijken, je kunt ook gewoon even in je lunchpauze komen om één kunstwerk te bekijken. Er zijn veel ruimtes die toegankelijk zijn zonder dat je er een toegangskaartje voor hoeft te kopen. En als je maar even blijft hoef je niet volle bak tarief te betalen.”

Ex grinnikt: “Dat doet me denken aan het befaamde uittreedkaartje van John Körmeling. Daarbij mocht je zelf bepalen hoelang je bleef en wat het bezoek je waard was. Dan heb je ook mensen die zeggen: ik vond het een negatieve ervaring. Die willen geld toe.” Hij pauzeert even en vervolgt: “Dan zijn er best musea waar je rijk kunt worden – nee ik noem geen namen.”

Nu het museum gesloten is, kun je met allerlei ideeën experimenteren, zegt Ex. Zo was er in het Stedelijk Museum Schiedam de mogelijkheid om helemaal in je eentje te kijken naar een werk van Mark Rothko uit de collectie van Boijmans. “Stel je voor dat je in de toekomst bij ons een kaartje kunt kopen waarbij je alleen kunt rondlopen in een tentoonstelling.” Ook moet er gekeken worden naar de openingstijden, vindt hij. “Wat gebeurt er als je 24 uur opengaat?”

Het nieuwe Boijmans

In de loop der jaren is er aan Museum Boijmans veel verbouwd, waardoor het een vrij onoverzichtelijk complex is geworden. Het begon in 1935 met het ontwerp van Ad van der Steur. Daar werd in 1971 door Alexander Bodon een groot blok naast gezet. In 1991 kwam er in de museumtuin een paviljoen van Hubert-Jan Henket, en in 2003 verrees een glazen aanbouw van Robbrecht en Daem. De twee laatste toevoegingen zijn in het renovatievoorstel van Francine Houben en haar architectenbureau ­Mecanoo verdwenen. Tussen de gebouwen uit 1935 en 1971 komt een meanderende passage die alle ruimtes verbindt en meerdere ingangen heeft, ­horeca en een winkel.

Het depot dat direct naast het oude museum is gebouwd, werd ontworpen door Winy Maas van bureau MVRDV. Het is volledig bekleed met spiegels, waarin de skyline van de stad reflecteert. Binnen zijn er zes verdiepingen en vijf klimaatzones. Op het dak komen een restaurant en een tuin. Voor het groene dak kreeg het gebouw al de ‘Rooftop Award 2020’. Op 25, 26 en 27 september kan het publiek een kijkje nemen. In 2021 gaat het echt open.

Natuurlijk moet er uiteindelijk genoeg volk over de vloer komen, de ambitie is 500.000 per jaar – het was 300.000. En dan gaan ze er maar even van uit dat dat tegen die tijd gewoon weer kan en er geen virus rondwaart. “Je bouwt niet voor de komende vijf jaar, maar voor de komende vijftig of honderd jaar”, zegt Klaassen. “Maar er moet genoeg ruimte zijn, natuurlijk.”

Volgens Ex kunnen ‘maatwerk en massa’ prima samengaan. Maar de kunst moet ­altijd voorop blijven staan. “Het gaat over de kern. Hoe kom je zo dicht mogelijk bij wat een kunstenaar heeft bedoeld en hoe kunnen wij die ervaring zo goed mogelijk overbrengen?” Die focus mist hij weleens in ­andere musea. “Ik ga geen namen noemen, maar ik was eens bij een opening van een groot museum aan het Museumplein in ­Amsterdam. Ik sprak daar met de directeur en zij zei: ‘Ik ben benieuwd of we het record gaan halen van 1451 per uur. Daar moeten we overheen!’ Ik vind dat er een grens is.”

En dan toch maar de vraag die Ex tegenwoordig in ieder interview gesteld wordt. Gaat hij die opening in 2026 nog als directeur meemaken? Even is er discussie over zijn leeftijd – de energieke directeur weet het zelf niet meer. Als we hebben vastgesteld dat hij 63 is, zegt hij: “In Den Haag heeft iemand bepaald dat ik weg moet als ik 67 ben. Dus zal ik bij de heropening in de zaal staan en Ina feliciteren met haar succes. Maar ik zal me altijd blijven bemoeien met elk museum dat ik goed vind.” Klaassen slaakt een verschrikte kreet. Ex stelt haar gerust. “Nee, niet met Boijmans. Er zijn mensen die hun leven lang directeur blijven van het museum waar ze gewerkt hebben, maar dat doe ik niet.” Klaassen antwoordt schaterlachend dat ze precies weet wie hij bedoelt. Weer willen ze geen namen noemen.

Lees ook:

Rotterdams dakbos wordt omarmd met prijs

Het beboste dakterras van Depot Boijmans van Beuningen in Rotterdam won de ‘Rooftop Award 2020’. Sinds drie jaar wordt de prijs uitgereikt door Rooftop Revolution, aanjager van het duurzaam benutten van het Nederlandse daklandschap. Het Rotterdamse dak vormt met 75 bomen van tien meter hoog een klein bos middenin de grote stad.

Museum Rotterdam vreest sluiting door subsidiekorting. ‘Ze hebben zich niet verdiept’

Kan een stad zonder stadsmuseum? In Rotterdam ligt die vraag op tafel nu er is geadviseerd om het lokale museum over de stad hard te korten op de subsidie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden