BoekrecensieJachthuis

Het slot van het tweeluik over de bastaardzoon van Prins Bernhard komt beter uit de verf

‘Jachthuis’ is het tweede deel van het tweeluik van Oscar van den Boogaard over ‘zijn vader’ Prins Bernhard

Twee jaar geleden onthulde Oscar van den Boogaard (1964) in een interview met NRC Handelsblad een geheim dat hij al een leven lang met zich meedroeg. Hij was niet verwekt door de man wiens achternaam hij droeg, maar door prins Bernhard. Het was een opmerkelijk verhaal. Want hoewel onze schavuit van Oranje tegen het einde van zijn leven ronduit bekende dat hij naast vier wettige ook nog twee onwettige dochters had, sprak hij nooit van een bastaardzoon.

Dat zijn bestaan zo opvallend werd verzwegen had een reden, meende Van den Boogaard. De prins was met zijn stiefvader bevriend geweest en wilde hem de publieke schande besparen dat hem de hoorns waren opgezet. Het nam niet weg dat Oscar zich het kind van een nog altijd uitstaande rekening voelde.

Publiciteitscampagne

Van den Boogaard rakelde deze schandaalhistorie niet zo maar op. Het interview paste mooi in de promotiecampagne rond zijn roman ‘Kindsoldaat’. Hijzelf, zijn moeder, stiefvader en verder nog zijn grootouders en twee ooms kwamen prominent voor in deze lijvige familiesaga, zij het onder andere namen en met een levensloop die in vergelijking met hun ware geschiedenis flink was veranderd en aangedikt. Daarentegen werd prins Bernhard, en met hem ook koningin Juliana, met naam en toenaam genoemd.

De mengeling van feit en fictie, op smaak gebracht met een flinke scheut ironie en een lawaaisaus van overdrijving en theatraal effect, had het merk­waardige gevolg dat de vorstelijke schuinsmarcheerder veel weg kreeg van een personage uit een klucht. En dat had weer gevolgen voor ‘Kindsoldaat’ als geheel. Amusementswaarde was er beslist, maar ondanks dramatische voorvallen en ontwikkelingen ging het verhaal niet al te diep.

Oscar van den Boogaard Beeld Rineke Dijkstra

Anders is dat in ‘Jachthuis’, het vervolg op ‘Kindsoldaat’. Waar die eerste roman eindigde bij de geboorte van Maxwell, alter ego van de schrijver, daar is Maxwell nu hoofdpersoon. We maken hem mee van zijn kleutertijd tot zijn adolescentie en zijn met hem getuige van het droeve lot waaraan moeder Elsie is overgeleverd. Als een van PB’s minnaressen moet ze maar afwachten wanneer hij weer eens ruimte in zijn balboekje heeft.

En dan is ze ook nog eens, zoals we ons herinneren van deel één, zwanger en wel door de prins uitgehuwelijkt aan (of liever gezegd: gestald bij) een trouwe officier over wie hij als inspecteur-generaal van de krijgsmacht het bevel voert.

Dat huwelijk is van meet af aan tot mislukken gedoemd, niet alleen omdat Elsie stinkend eigenwijs is en sociaal gezien een ongeleid projectiel, maar ook hopeloos aan de drank. Een groot deel van de handeling is gereserveerd voor het relaas van een wanhopige zoektocht als Elsie tijdens een reisje door de Surinaamse jungle zo maar verdwijnt.

Bekakte maniertjes

Het is vooral dankzij het indringende relaas van Elsie’s neergang dat de tragische kanten van deze schijnbaar hilarische, maar in feite tamelijk onverkwikkelijke geschiedenis beter uit de verf komen dan in ‘Kindsoldaat’ het geval was. Dat moet wel liggen aan Maxwells rol als meelevende en meelijdende verteller. Hij raakt al hoe meer verstrikt in een web van tegenstrijdige loyaliteiten. Hij voelt compassie met, maar ook minachting voor zijn sullige stiefvader die zich onder het mom van een militaire missie met zijn gezin naar Suriname laat verbannen wanneer de affaire PB te machtig wordt. Hij zit gevangen in een erotisch getinte symbiose met zijn moeder, maar beseft tegelijk dat hij zich van haar zal moeten bevrijden, wil hij overleven.

Hij kan zich moeilijk losmaken van de vooroordelen en eigenaardigheden die ze hem met haar blauwe bloed heeft meegegeven, maar drijft ook de spot met haar bekakte maniertjes en dedain voor ‘burgermensen’ die tot haar afgrijzen spreken van ‘gebakjes’ in plaats van ‘taartjes’, bij kennismaking ‘aangenaam’ prevelen en elkaar voor de maaltijd ‘smakelijk eten’ toewensen.

Er schemert bij Maxwell zelfs iets van mededogen door wanneer prins Bernhard betrapt wordt op het aannemen van een miljoen aan steekpenningen. Maar als deze biologische vader na Elsie’s overlijden op de stoep staat voor een condoleancebezoek, slaat Maxwell de deur voor zijn neus dicht. Meer genoegdoening zit er niet in, niet voor Maxwell, niet voor Van den Boogaard, en ook niet voor ons.

Oordeel: Tragische geschiedenis komt hier beter uit de verf.

Oscar van den Boogaard
Jachthuis
De Bezige Bij; 400 blz. € 25

Lees ook: 

Zelfverklaard prinsenkind Oscar van den Boogaard schrijft oppervlakkig portret. 

Schrijver Oscar van den Boogaard, zelfverklaard prinsenkind, verwerkt zijn geheime familiegeschiedenis in ‘Kindsoldaat’.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden