Review

'Het leven is vrolijker geworden!'

Roman Lvovitsj Stern is schrijver. Hij is althans lid van de Schrijversbond en hij heeft succesvolle boeken en theaterstukken op zijn naam staan. Alleen: hij schrijft niet zelf. De gevangenen in de kampen schrijven voor hem. Ze schrijven over hun martelingen en hun lijden. Stern brengt de manuscripten naar een uitgeverij, die ze fatsoeneert en onder Sterns naam uitbrengt.

Hoe kan Stern dat? Hij is hoofd van het openbaar ministerie in Moskou. Het is 1937, de showprocessen zijn begonnen. Het departement van Stern is de producent van die processen. ,,Wij zijn het meest schrijvende volkscommissariaat van het land. Nee, van de hele wereld. We zijn allemaal meesters in het psychologisch portret! We zijn verdomme psychologen! Bij ons schrijven zelfs de hoogste bazen drama's in vijf bedrijven voor het Moskouse Kunsttheater.''

In 'De faculteit van de onnodige kennis', de wat laat vertaalde roman van Joeri Dombrovski uit 1978, speelt Stern een ondergeschikte maar cruciale rol. Hij is de intermediair tussen leed en literatuur. Hij heeft een scherp oog voor de dramatische psychologie van de onderdrukkers en onderdrukten in Stalins dictatuur. ,,Dostojevski, dat zou nog eens een gerechtelijk onderzoeker zijn geweest'', zegt hij. ,,Hij wist waar de misdaad schuilt. In de hersenen!''

Dombrovski's roman speelt in Alma-Ata, de hoofdstad van de socialistische sovjetrepubliek Kazachstan. Om zijn trouw aan Moskou te bewijzen, wil Alma-Ata ook een showproces. Slachtoffer is Zybin, een museummedewerker. Hij zou archeologisch goud hebben verdonkeremaand. Maar de gerechtelijke onderzoekers krijgen het bewijs niet rond. Dus schuiven ze hem dan maar allerlei anti-sovjetactiviteiten in de schoenen.

De roman gaat over de werkingen van het sovjetrecht op het hoogtepunt van de Grote Terreur, eind jaren dertig. Zybin maakt mee hoe het justitiële net zich om hem sluit. Hij is het alter ego van Dombrovski, die het allemaal zelf heeft meegemaakt toen hij als verbannen schrijver in Alma-Ata verbleef. De arrestatie, het middeleeuwse gevangenisregime, de eindeloze verhoren. En net als met Dombrovski loopt het ook met Zybin niet echt kwaad af.

Het gaat om de verhoren. Dat zijn de ware tragedies. In die verhoren ontrolt zich het conflict tussen individu en staat. De staat wil een bekentenis van Zybin, maar de staat noch Zybin weet wat er moet worden bekend. Dat leidt tot een ingewikkeld psychologisch spel, met nu eens dramatische dan weer hilarische scènes. Zybin krijgt te maken met geslepen en hardvochtige verhoorders, en op het laatst zelfs met een mooie jonge vrouw.

Het grote raadsel van de verhoren uit die tijd is steeds: hoe komen verdachten ertoe de waanzinnigste misdaden en complotten te bekennen? De klassieke roman daarover is Arthur Koestlers 'Nacht in de middag', een indringend document, eind jaren dertig heet van de naald geschreven. Dombrovski begon aan zijn roman een kwarteeuw na dato. Hij heeft historische afstand, een afstand die hij voornamelijk omzet in ironie. In de figuur van Stern, voor wie Stalins slachtoffers niet meer zijn dan de leveranciers van literaire stof, bereikt die ironie haar hoogtepunt.

Die ironie bevredigt niet. Het is alsof Dombrovski, gelouterd uit de kampen teruggekeerd, stoer zijn schouders ophaalt tegenover de geschiedenis. De tragiek van zijn eigen ervaringen bedekt hij met satire en melodrama. Daardoor werken de lotgevallen van Zybin niet echt tragisch. En door er talloze nevenplots omheen te vlechten, maakt Dombrovski er zelfs haast een vrolijke kermis van.

Er zijn zwakke en sterke nevenplots. Zwak zijn bijvoorbeeld de intermezzo's waarin Stalin zelf optreedt. Dat hebben anderen beter gedaan -denk aan Joez Alesjkovski. Sterk is het verhaal van Stern, die zich vanuit Moskou persoonlijk met de zaak-Zybin bemoeit. Interessant zijn de beschouwingen van vader Andrej, een voormalige pope die over verraad en verlossing filosofeert aan de hand van Christus' lijdensverhaal. Maar ook dat was al eerder en beter gedaan door Michail Boelgakov in zijn onovertroffen 'De Meester en Margarita'.

Wat rest is een onderhoudende en af en toe tot nadenken stemmende roman over de absurde jaren van de stalinistische terreur. In die 'orkaan van massa-executies zonder proces', noteert Dombrovski, ,,bloeiden de cultuurparken overdadig, opvallend vaak werd er vuurwerk afgestoken, opvallend veel draaimolens en kermisattracties werden gebouwd, dansvloeren aangelegd. De leus 'Het leven is beter geworden, kameraden, het leven is vrolijker geworden' was een staatswaarheid, de basis, het axioma van ons bestaan.''

In het licht van die staatswaarheid zijn de wetenschappen van de geschiedenis (Zybins vak) en het recht (het vak van zijn verhoorders) gedegenereerd tot overbodige disciplines, tot 'faculteiten van onnodige kennis', die geen enkele aanspraak meer op waarheid kunnen maken. De waarheid wordt vanuit Moskou gedecreteerd en is onontkoombaar. Dat ondervindt Zybin zelfs in het verre Alma-Ata. Maar wel met dien verstande dat de verdachten in de Moskouse showprocessen het er niet levend afbrachten en Zybin op een wonderbaarlijke wijze wel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden