Boekrecensie

Het laatste deel van de trilogie van Jonas Karlssons barst van de symboliek

Auteur Jonas Karlsson

Na ‘De rekening’ en ‘De kamer’ verschijnt nu ‘Het circus’, het laatste deel van Karlssons ‘trilogie van het absurde’.

‘Het circus’ is het derde deel van wat wel Jonas Karlssons ‘trilogie van het absurde’ wordt genoemd. In de twee vorige romans ‘De rekening’ en ‘De kamer’ blonk Karlsson uit in zijn karaktertekeningen van wereldvreemde types. De eerste roman gaat over iemand die een rekening van ruim 6 ton krijgt en niet weet waarvoor. Is hij gek, of is de samenleving gestoord? ‘De kamer’ gaat over iemand die op een kantoor werkt en daar een lege kamer ontdekt, waarvan het bestaan door zijn collega’s wordt ontkend. Wij, de lezers, hebben steeds de eerste hoofdstukken niet door dat er iets geks aan de hand is. We denken dat de rekening een vergissing is, dat de kamer echt bestaat, maar dan verschuift de werkelijkheid door een klein detail. En opeens zien we de personages in een totaal ander licht.

Ook in ‘Het circus’ is dit opnieuw Karlssons grote kracht. De hoofdpersoon is een voormalig pestslachtoffer die nog steeds, jaren na dato, alles vergoelijkt. Het was een grap, of een ongelukje. “Zoals die keer dat ik na de gymles uit de douche kwam en al mijn kleren weg waren uit de kleedkamer, zodat ik, mezelf beschermend met papieren handdoekjes, helemaal naar het directiekantoor moest om daar iets geleend te krijgen.” Is hij boos? Zakt hij door de grond van ellende? Gaat hij huilen van vernedering? Welnee, hij zoekt de schuld als vanzelfsprekend bij zichzelf: “Misschien had ik iets niet gehoord omdat ik mijn koptelefoon op had? Dat gebeurde vaak.”

Verdwenen in de spiegel

Wanneer Magnus, een van de weinige vrienden van deze verteller, die hij maar één keer per jaar ziet, vraagt of hij meegaat naar het circus, zegt hij ja. In het circus vraagt de goochelaar om een vrijwilliger uit het publiek en Magnus staat op. Hij doet mee aan een verdwijntruc met een spiegel. Het is een beetje sneu zoals Magnus onwennig op het podium staat, terwijl iedereen lacht en klapt. De verteller ziet opeens weer de Magnus van tien of twaalf jaar voor zich: “Hij hoorde er nooit bij en begreep nooit helemaal waar het om draaide […] Het publiek dacht natuurlijk dat daar een volwassen man stond die een truc met zich liet uithalen. Alleen ik zag de kleine Magnus Gabrielsson die het in zijn broek deed als hij heel bang werd.”

En dan blijkt Magnus in de spiegel verdwenen te zijn. Niemand maakt zich ongerust; hij zal wel achter de schermen wachten. Maar Magnus komt niet terug. Die avond niet, de volgende dag niet, en helemaal niet meer. De verteller gaat bezorgd op zoek en houdt het appartement van Magnus nauwlettend in de gaten. Dan beginnen langzaam verschillende puzzelstukjes in elkaar te passen en blijken er meerdere werkelijkheden door elkaar te spelen.

Perspectiefverschuivingen

Vragen komen op. Wat heeft de hoofdpersoon toch met Magnus? Waar komt die verbondenheid vandaan? Wat is echt en wat is fantasie? Wat willen we geloven? De auteur laat verschillende opties open. Deed het pesten op school er werkelijk niet toe? Was het inderdaad een kwestie van koptelefoon opzetten en niet reageren? Of waren de pesters toch oppermachtig? Had de docent een punt toen hij zei dat de gepeste jongen het moeilijk op het sociale vlak had en ‘een uitdaging voor de rest van de klas’ was? En de grootste vraag: houdt de goochelaar Magnus verstopt of kiest hij er zelf voor weg te blijven?

Karlsson schrijft over buitenstaanders, over functionerende mensen die toch net niet helemaal blijken te functioneren; fascinerende boeken die een spel met de lezers spelen door mondjesmaat hints te geven. Of door hier en daar ogenschijnlijk kleine perspectiefverschuivingen in de tekst te verweven die alles op z’n kop zetten.

‘Het circus’ bevat in deze trilogie de meeste symboliek. De spiegel en het verdwijnen daarin, het letterlijk en figuurlijk verloren zijn in het leven. In alle vervreemdende gebeurtenissen waarin de auteur zijn figuren plaatst, twijfelen ze voortdurend aan zichzelf. Ook de lezers worden hierin meegenomen: onvermijdelijk sta je stil bij de manier waarop je zelf de wereld waarneemt, en de vraag of je eigen opvattingen van de werkelijkheid wel kloppen.

Jonas Karlsson, vert. Geri de Boer 
Het circus
Atlas Contact; 205 blz. € 18,99

In ons dossier boekrecensies vindt u een overzicht van de besprekingen van pas verschenen fictie, non-fictie, jeugdliteratuur en thrillers.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden