Recensie Tentoonstelling

Het koningskoppel Rembrandt en Velázquez is eindelijk samen

Koning Willem-Alexander en Koning Felipe VI bij de tentoonstelling Rembrandt-Velazquez. Beeld Robin van Lonkhuisen, ANP

Tijdens de Tachtigjarige Oorlog tussen Nederland en Spanje zijn er ook prachtige schilderijen gemaakt. Voor het eerst zijn de werken van Rembrandt, Velázquez en andere grote meesters nu samen te zien. Al hebben ze elkaar nooit gekend, er zijn verrassende overeenkomsten.

 Als directeur Taco Dibbits één schilderij zou mogen uitkiezen voor het Rijksmuseum, welke zou hij dan willen hebben? Eentje van Rembrandt of van Velázquez? Dat is ­natuurlijk een wat flauwe vraag, nadat hij net heeft zitten betogen dat hij niet kan beslissen wie de beste schilder is: ‘onze’ Rembrandt of de Spanjaard Velázquez. “Het zijn allebei sublieme schilders, de twee grootste portretschilders ooit.” Maar aangesproken op zijn hebberigheid, tja, dan wordt het toch Velázquez’ ‘Gezicht op de tuinen van de Villa Medici in Rome’. “Ik kom daar ontzettend graag. En dat een groot schilder als Velázquez ook oog had voor zo’n onbelangrijke hoek in Rome, raakt me.” Om er meteen aan toe te voegen dat hij natuurlijk ook dolgraag ‘De vaandeldrager’ van Rembrandt zou willen hebben. “Dat is zo vrij geschilderd, het plezier van het schilderen spat ervan af.”

En zo blijft de eindstand Rembrandt-­Velázquez onbeslist. Dat geldt niet alleen voor Dibbits, maar ook voor Gregor Weber, samensteller van de tentoonstelling ‘Rembrandt-­Velázquez. Nederlandse en Spaanse meesters’ die gisteren in het Rijksmuseum in Amsterdam is geopend door de koningen van Spanje en Nederland. De expositie, een samenwerking tussen het Prado Museum in Madrid en het Rijks, markeert een reeks jubilea: het Prado bestaat 200 jaar en Rembrandt stierf 350 jaar geleden. Ook is het 450 jaar geleden dat de Tachtigjarige oorlog tussen Spanje en Nederland begon. 

Kiezen wie de beste is, is inderdaad onmogelijk op deze tentoonstelling van ruim zestig schilderijen van de grote meesters uit de ­zeventiende eeuw uit Nederland en Spanje. En dan hebben we het niet alleen over de toppers Rembrandt en Velázquez, van wie respectievelijk elf en tien werken zijn te zien. Ook van andere bekende schilders als Zurbarán, Murillo, Ribera, Vermeer, Hals en Saenredam zijn topstukken uit de hele wereld gehaald. De Spaanse en Nederlandse schilderijen worden in paren getoond, zodat de kijker als vanzelf gaat speuren naar verschillen en overeenkomsten.

Jan Asselijn, De bedreigde zwaan, ca. 1650 en Francisco de Zurbarán, De heilige Serapion, 1628.

De heilige van Zurbarán geeft zijn leven voor zijn geloof. De zwaan van Asselijn verdedigt zijn nest met zijn leven. Wat deze schilderijen bindt naast de aangrijpende pose, pathetische gebaren en het witte gewaad, is de totale overgave die eruit spreekt. Alle twee staan ze voor hun grote doel. Het schilderij van Asselijn werd later ook hét beeld voor raadspensionaris Johan de Witt, die uit alle macht zijn land verdedigde en in 1672 om politieke redenen werd vermoord. 

De duo’s zijn niet willekeurig gekozen, vertelt Weber, hoofd beeldende kunst van het Rijks. “Er is steeds een verbindend element.” Vaak is dat religie of realisme, wat in die tijd belangrijke thema’s waren in zowel de Spaanse als Nederlandse kunst. Maar Weber maakte ook combinaties op grond van de schildertechniek, kleuren, composities en lichtval. “Ze moeten dezelfde stemming uitstralen, een klank hebben die alle twee versterkt.”

Dat lijkt nogal een hachelijke onderneming bij kunstenaars die nog nooit een werk van ­elkaar hebben gezien. Rembrandt (1606-1669) en Velázquez (1599-1660) leefden in dezelfde tijd, maar hebben elkaar nooit ontmoet. Het is zelfs de vraag of Rembrandt, die nooit een stap buiten Nederland heeft gezet, wel van ­Velázquez’ bestaan wist, omdat diens werk toen nauwelijks buiten Spanje werd getoond.

De politieke en culturele situatie in beide landen verschilde ook sterk in de eerste helft van de zeventiende eeuw. Beide landen waren ook nog eens een groot deel van die periode met elkaar in oorlog. Spanje was een wereldmacht waar de katholieke kerk grote invloed had op het dagelijks leven. De Nederlanden waren een kleine protestantse republiek. En om de verschillen door te trekken naar de kunst: Spaanse schilders werkten in opdracht van de katholieke kerk of, zoals Velázquez, voor het Spaanse hof. Rembrandt en andere Hollandse meesters schilderden vooral het (burgerlijke) leven van alledag.

Velázquez, Vrouwelijke figuur (Sibille), 1648 en Rembrandt, Lezende oude vrouw (profetes), 1655.

Twee schilderijen van vrouwen die allebei de gave hebben de toekomst te kunnen voorspellen. Rembrandt en Velázquez gebruiken allebei licht op een realistische manier om deze boodschap kracht bij te zetten. En ze doen dat allebei heel knap en geraffineerd. Bij Rembrandt is het licht dat van de Bijbel afstraalt de drager van het woord van Christus: ‘Ik ben het licht voor de wereld’. Bij Vélazquez straalt het licht op het bord, waar het orakel te lezen zal zijn. Prachtig detail: de schaduw van de wijsvinger van de Sibille versterkt de metaforische betekenis van het donker naar het licht.

En dan blijken er toch opvallende parallellen, laat de tentoonstelling zien. Hoe is dat te verklaren, als er van directe beïnvloeding over en weer geen sprake is geweest? “Dat is een ­mysterie”, zegt Dibbits, “waar deze expositie ook geen antwoord op heeft. We weten het ­gewoon niet.” De meest aannemelijke verklaring is dat Velázquez en Rembrandt allebei vernieuwers waren die niet wilden voortborduren op de traditionele, op de klassieke oudheid ­gebaseerde schilderkunst. Ze wilden realistischer schilderen en de werkelijkheid minder gepolijst en geïdealiseerd weergeven, in navolging van de Italiaanse schilder Caravaggio (1571-1610). 

Nadat eerder Titiaan (1490-1576) in de laatste periode van zijn leven al veel losser was gaan schilderen, had Caravaggio rond 1600 echt de knuppel in het hoenderhok van de Europese schilderkunst gegooid. Hij ging ook rauwe en confronterende details afbeelden als open wonden, vieze voeten en tanige lijven, zoals kunstcriticus Hans den Hartog ­Jager plastisch beschrijft in de door Irma Boom vormgegeven catalogus. ‘Caravaggio’s heiligen zijn bepaald geen gepolijste postermodellen voor het katholicisme’. Ook introduceerde hij het ‘chiaroscuro’ (clair-obscur): dramatische contrasten tussen licht en donker. Overal in Europa gingen schilders experimenteren met deze vernieuwingen. In Nederland waren dat bijvoorbeeld de ‘caravaggisten’ Gerard Honthorst en Hendrick ter Brugghen. Mogelijk hebben die Rembrandt ook beïnvloed. 

Net als Caravaggio gebruiken Rembrandt en Velázquez vooral zwart, bruin, rood en oker. Ook komen op hun schilderijen veel donkere ruimtes voor. Maar uiteraard geven ze daar ook hun eigen draai aan. Zo heeft Velázquez als hofschilder rekening te houden met de wensen van de koning en andere opdrachtgevers uit hoge kringen. Dat verschil is goed zichtbaar bij zijn portretten ten voeten uit van een Spaans adellijk stel. Twee jaar later, in 1634, maakt Rembrandt ook twee van die levensgrote portretten van het jonge rijke paar Marten en Oopjen. Toch staan die er een stuk losser en levendiger bij dan het stijve Spaanse stel. 

Pieter Jansz Saenredam, Interieur van de Sint-Odulphuskerk in Assendelft, 1649 en Francisco de Zurbarán, Het Lam Gods, 1635-1640.

Een wit lam, de poten gebonden, en een sobere kerk waarin de kansel centraal staat. Zurbarán schiep met zijn ontroerende lam een icoon als symbool voor het lijden en de opstanding van Christus. In het kale kerkinterieur van Saenredam hoor je bij wijze van spreken de weergalm van het woord Gods dat van de kansel klinkt. Diepe religieuze gevoelens - katholiek en protestants - worden op serene wijze verbeeld in dezelfde sobere kleuren, maar wel in twee totaal verschillende schilderijen.

Dat verschil valt weg als Velázquez niet gehinderd door conventies helemaal los kan gaan in een portret. Dan zijn het geen verheven en onbereikbare figuren meer, maar worden het de mensen van vlees en bloed, zoals we die kennen van Rembrandt. Voorbeelden op deze ­expositie zijn zijn zelfportret, het schilderij van een jonge vrouw (‘Sibille’) en twee portretten van narren, klein van stuk. In die tijd vond men iemand met zo’n groeistoornis grappig, een amusante zot om om te lachen. Zo beeldt Frans Hals de nar ook af. Velázquez laat de mens zien die schuil gaat in dat kleine lijf.     

Bij deze expositie ligt de focus op het koningskoppel Rembrandt en zijn Spaanse evenknie. Maar alleen al voor die andere meesters zou u ook moeten gaan. Want nog nooit zijn iconische schilderijen als ‘De Bedreigde Zwaan’ van Asselijn en ‘Het Lam Gods’ van Zurbarán zo prikkelend gepresenteerd. Door de combinaties die Gregor Weber bedacht, ga je heel anders kijken, zelfs naar dat overbekende ‘Straatje’ (‘Gezicht op huizen in Delft’) van Vermeer, dat is gekoppeld aan Velázquez’ Gezicht op de tuinen van de Villa Medici in Rome. Wonderlijk ook hoe een op het eerste gezicht saai stilleven van Jan Lievens van oude, versleten boeken, een spannend tafereel wordt naast een doek van Ribera van een oude man, met een gerimpelde, perkamenten huid. En zo zijn er meer verrassende duo’s van zeer verschillende werken van zeer verschillende meesters, die duidelijk maken dat één plus één echt meer kan zijn dan twee. 

Rembrandt-Velázquez. Nederlandse & Spaanse Meesters, te zien van 11 oktober t/m 19 januari in het Rijksmuseum Amsterdam. De catalogus, een ontwerp van Irma Boom, kost 25 euro.

Lees ook:

Spaans goud

Ook Spanje had zijn Gouden Eeuw. Maar die was zo anders dan de Nederlandse. De Hermitage in Amsterdam biedt een unieke kans het verschil te zien.

Nieuw licht op de Tachtigjarige Oorlog: ‘Die calvinisten leken wel de Taliban’

Hans Goedkoop werpt in een tv-serie nieuw licht op de Tachtigjarige Oorlog. Tijdens die oorlog werd in de Lage Landen meer tegen elkaar gevochten dan tegen de Spaanse heerser.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden