Klein Verslag

‘Het klimaat maakte me gek, ik was de tropenkolder nabij’

Beeld Wim Boevink

Vrijdag sprak Stevo met Arnon in deze krant over het wezen van het goede. (Ik laat de achternamen weg; we zijn hier onder elkaar.)

Ik zei het tegen mijn vrouw: ‘Stevo spreekt met Arnon over het wezen van het goede.’
Ik ga even nagellakremover halen”, zei ze.
Ik vond dat een mooie respons.

Dat Arnon dat niet had gezegd: “Het kwade is de nagellak, de ijdelheid, het bedrog. De remover is het goede, hij wist het kwade uit en toont ons wie we werkelijk zijn.”

Maar eerlijk is eerlijk, je vindt dit ook niet terug bij Kafka of Benjamin en zelfs niet bij Flaubert, die toch geoefend was in het perspectief van de vrouw.

Bijzonder weer 

Maar laat ik me niet mengen in de vooraanstaande denkers. Ik wilde met u een specifieke wisseling van het weer bespreken. Vrijdag , op de dag van het goede, was het namelijk ook bijzonder weer. Om dat beschrijven moet ik een stuk teruggaan in mijn herinneringen.

Java 1982-1983. Ik had die periode goeddeels doorgebracht in de voorlopers van het Kendenggebergte van West-Java, waar ik met mijn toenmalige geliefde nijver veldwerk verrichtte onder de leden van een uitzonderlijke gemeenschap die de islam en de buitenwereld trotserend een vorm van animisme aanhingen.

We woonden in bij het gezin van onze tolk, want ofschoon we het Bahasa redelijk beheersten, kon met de leden van de gemeenschap alleen in een Soendanees dialect gesproken worden.

Het waren lange hete maanden in een huis opgetrokken uit bamboe en riet en afgedekt met golfplaten van zink. In de wanden zaten ramen zonder glas. Delen van planken ontbraken, zodat slangen vrijelijk in en uit konden kruipen. Er was elektriciteit noch stromend water. In de avond zaten we bij het felle licht van een gaslamp, die grote kevers en insecten lokte.

Grijze luchten

Het liep tegen de regentijd, de hitte was drukkend. Weken gingen voorbij onder grijze luchten, we snakten naar regen, maar die bleef uit. Ik zat hevig transpirerend gespreksnotities uit te tikken op een typemachine. Als je je bij de bak met water – de mandi – had gewassen brak bij het afdrogen het zweet alweer uit.

We leefden geïsoleerd, zonder vervoer, en aten wat de vrouw van de tolk voor ons kookte. Meestal rijst met wat groente, soms een ei en heel soms kip.

Om ons heen gebeurde vrijwel niets. Men bewerkte het land, hing wat rond en ging vroeg slapen. Af en toe maakten we een tocht de bergen in, maar niet te ver, want die gebieden waren eigenlijk voor ons verboden. Hier bevond zich het heiligdom van de gemeenschap.

Op een dag gingen de sluizen open. De regens ranselden oorverdovend op het zinken dak. Paden werden onbegaanbaar. Maar de hitte week niet. Ik was een tropenkolder nabij. Het klimaat maakte me gek. De hitte, die aanhoudende hitte. De modder.

Poolwind

Aan het eind van ons verblijf vlogen we door naar Sydney, om vandaaruit verder te reizen naar de Stille Zuidzee.

Nog herinner ik me haarscherp hoe ik herleefde op de vliegtuigtrap in Sydney. Het was zonnig, half bewolkt, maar rechtstreeks uit Antarctica woei een verkoelende poolwind.

Zulk weer was het vrijdag.
Fris, zonnig.
Goed in zijn diepste wezen. 

Met het oog van een antropoloog en de pen van een dichter doet Wim Boevink dagelijks verslag over de grote en kleine wereld om hem heen. Lees meer afleveringen van zijn Klein Verslag op trouw.nl/kleinverslag.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden