Boekrecensie Ahmed Aboutaleb, overal de eerste

Het fascinerende verhaal van Ahmed Aboutaleb, een moderne Sindbad de zeeman

Abdelkader Benali is gefascineerd door Ahmed Aboutaleb. Net als hij, groeide de burgervader op rond Beni Sidel in het Rifgebergte, waar je vooral de vijand moest leren kennen.

In hun lezenswaardige ongeautoriseerde biografie vertellen Elisa Hermanides en Ruben Koops het verhaal van de Marokkaanse imamszoon Ahmed Aboutaleb die opklom tot burgemeester van Rotterdam. Basis van hun verhaal is de uitputtende secundaire literatuur die er voorradig is, interviews voor radio en televisie, kranten. Aboutaleb leverde zelf tekst aan in de vorm van de column die hij ooit schreef voor deze krant. Hij werkte in de jaren tachtig als journalist voor de migrantenomroep in Den Haag en maakte in die hoedanigheid ook egodocumenten. Maar de burgemeester zelf kregen de auteurs nooit te spreken, noch mensen uit de familie- en vriendenkring. Aboutaleb is een meesterlijke verhalenverteller, onderschrijven de journalisten, maar over zijn privéleven is hij zeer gesloten. Toch lukt het ze een waarachtig portret van de burgervader te schilderen.

In thematische hoofdstukken vertellen Koops en Hermanides over de reis van Aboutaleb van de plattelandsgemeente Beni Sidel in het noorden van Marokko naar de Molenwijk in Den Haag eind jaren zeventig, zijn politieke begin in de Amsterdamse grachtengordel, om in de havenstad Rotterdam te eindigen – deze stad als een tussenstation in wat waarschijnlijk een internationale carriere wordt, als we de journalisten mogen geloven.

Ik geloof ze. Het is een fascinerend verhaal dat, ­ondanks herhalingen veroorzaakt door de thematische ­opzet, niet snel verveelt.

Opgeroldemouwenmanagement

Het beeld dat zich vormt, is er een van een moderne ‘Sindbad de zeeman’ voor wie geen zee te hoog lijkt en die het avontuur niet schuwt. Aboutaleb houdt van uitdagingen, gaat de strijd aan en loopt niet snel weg voor confrontatie. Een van de sterkste passages is die waarin de journalisten de inspraakavond voor bewoners in de volkswijk Beverwaard beschrijven. Aboutaleb gaat verbaal de strijd aan om de weerzin tegen de geplande asielzoekers weg te nemen. Door dit soort sterke staaltjes bestuurskunde, opgeroldemouwenmanagement, ligt overmatige bewondering op de loer. Gelukkig weten Koops en Hermanides daar weerstand aan te bieden – al is de bewondering tussen de regels door te lezen.

Aboutaleb danst mee in een flashmob in winkel­centrum Zuidplein (2015). Beeld HH

De biografen zijn kritisch over zijn directieve optreden in de Rotterdamse politiek en de irritatie die hij daarmee oproept. De trots van Aboutaleb keert zich tegen hem en dan komt een arrogante, wrevelige macho naar voren. Zijn ijdelheid zorgt ervoor dat hij vaak over de hoofden heen praat, zijn weg niet weet in de mores of domweg weinig begrip kan tonen voor de noden van mensen. Het burgemeesterschap was voor Aboutaleb een sprong in het diepe, gaandeweg heeft hij het ambt voor zichzelf uitgevonden. Maar vrij van spanningen is die relatie nog steeds niet.

Het boek is een indirecte ode aan de stapelaar, de weg van de omweg. Via de lts en hts klimt Aboutaleb op, behendig overspringend naar de journalistiek en dan het woordvoerderschap op ministeries.

Wat duidelijk wordt uit de biografie is dat Aboutaleb bij aankomst in Nederland meteen begrijpt dat voor een geslaagde integratie een perfecte beheersing van de Nederlandse taal nodig is. Hij is dan 15 jaar, wat oud is om nog vloeiend de taal te leren spreken, maar hij slaagt er wel in – dat kan alleen maar als je over een zeker taalgevoel beschikt.

Melancholieke poëzie

Aboutaleb is een Riffijnse jongen die wil kunnen zingen als de oude Arabische dichters. De journalisten halen de Marokkaanse meester aan die in het kind Ahmed de liefde voor de Arabische poëzie weet op te wekken. Aboutaleb is hem tot op de dag van vandaag dankbaar.

Op je vijftiende weggaan uit je moederland is ingrijpend. Hoe gaat hij om met verlies? Ik denk dat hij door die melancholieke poëzie waarin vergankelijkheid een belangrijke rol speelt gevoel heeft gekregen voor het omgaan daarmee. Sta niet te lang stil bij wat je kwijtraakt, pak je boeltje bij elkaar en ga weer verder – precies zoals de Arabische dichters zongen in hun gedichten, de qassida’s. Aboutaleb trekt snel verder.

Om het maatschappelijke succes van Aboutaleb te verklaren, kijken de journalisten ook naar zijn Marokkaanse achtergrond. De islam speelt een belangrijke rol in zijn leven, maar is niet allesoverheersend. Het vrijdaggebed sloeg hij over als zijn maatschappelijke carrière daarom vroeg. Er spreekt hier een zelfvertrouwen uit van een man die weet dat dogma de praktijk niet in de weg mag zitten. Wel houdt hij zich aan de ramadan en de spijswetten. Maar het breken van het vasten, de iftar, doet hij in een klein gezelschap. Het bezoeken van de moskee is uit veiligheidsoverwegingen onmogelijk en daarom doet hij maar zelf het openingsgebed om het vasten te breken, als een volleerd imam.

Aboutaleb (uiterst rechts) en het bestuur van de Haagse Marokkanen Vereniging (1979). Beeld Collectie Haags Gemeentearchief

Hermanides en Koops komen heel ver, maar er zijn twee aspecten die ik zelf zou willen aandragen. Wat me aan Aboutaleb fascineert, heeft te maken met de vele tegenstrijdigheden die hij in zich verenigt. Dat een Riffijnse jongen wil zingen als een Arabische dichter is er al een van. Hij is een man van veel werelden. Aboutaleb droomt ook van dichterschap – zou het kunnen zijn dat de poëzie zijn meervoudige identiteit versterkt? Al heel vroeg was hij een groot bewonderaar van de Syrische dichter Adonis. Diens werk draait om meervoudige identiteiten en hij zoekt daarin voortdurend naar verbindingen tussen Oost en West. Aboutaleb kent veel gedichten van deze grote dichter uit het hoofd. Adonis was revolutionair in zijn poëzie, hij brak met de klassieke Arabische regels. Regelrecht vloeken in de kerk was dat. Dat breken met de stijl van de poëzie droeg ook een politiek program in zich: hij is ook een secularist en vurig bestrijder van het islamisme. Voor Adonis is de Arabische cultuur een opwindend amalgaam van honderden culturen die stuk voor stuk ouder zijn dan de islam. Dit is de grote literaire held van Aboutaleb.

Riffijns verzet

En dan is er nog iets wat ons dichter bij het bestuurstalent van Aboutaleb brengt wat niet in de biografie wordt besproken, maar wel aardig is om te vermelden. Zou die wereldsheid van Aboutaleb niet voortkomen uit het dorp waar hij opgroeide? Ik ken dit gebied goed, omdat ik er ben geboren. Het gehucht ligt niet ver van de Spaanse kroonkolonie Melilla. Vanaf eind negentiende eeuw begon Spanje een expansiepolitiek rond dit gebied. Niet ver van Beni Sidel werd een mijn geopend. Deze uitbreiding ging gepaard met veel conflict en oorlog, voor beide partijen was er sprake van een heilige oorlog. Voor de Spanjaarden was dit een kruistocht, voor de moslims jihad.

Maar er was ook samenwerking; een koude vrede met de christen die veel moslims de kans bood om carrière te maken in het Spaanse ambtenarenapparaat. Veel bewoners verhuisden naar Melilla en verkregen de Spaanse nationaliteit. Het zorgde voor Marokkanen die voortreffelijk Spaans spraken, posities bekleedden en ­namens de Spanjaarden de orde handhaafden.

Toen de Riffijnse verzetsstrijder Abdelkrim El Khattabi de strijd aanging met de Spaanse kolonisator had hij moeite om de stammen rond Melilla aan zich te binden. Die hadden veel te verliezen, maar de strijd werd ook op hun grondgebied uitgevochten, ze waren dus eerste slachtoffers. Er is een mythe ontstaan dat de stammen rond Melilla, de Kal’a, de kant van Spanje kozen. Het waren verraders.

Dat verwijt klinkt ook door bij de Marokkanen die van Aboutaleb niet mochten demonstreren tegen de mensenrechtenschendingen in Marokko: “Hij is de lange arm van het ­Marokkaanse regime”. De verrader, de asjekam.

Aboutaleb in de An-Nasr-moskee in Rotterdam na de aanslagen in Nieuw-Zeeland (2019). Beeld HH

Het zal Aboutaleb koud laten. Wie in dit gebied opgroeit, groeit op met meervoudige identiteiten. Marokkaan, Riffijn, Spanjaard, moslim en katholiek: het is er allemaal. Men is gewend om tussen die werelden van macht en onmacht te laveren om er het beste van te maken. Het heeft warempel iets weg van modern burgerschap.

Wat dit betekent voor zijn leiderschap? Het besef dat je vijand nooit ver weg is, maakt de vijand menselijk. Als je hem niet kunt bestrijden, dan kun je nog wel zaken met hem doen. Je kunt hem zelfs worden! En zo incorporeer je je vijand.

Het is bijna de transformatieve kracht van poëzie. De kracht van taal. Als je eenmaal de taal van je vijand beheerst, ben je waar je wezen moet: in de macht. Ik denk dat deze achtergrond ervoor zorgde dat Aboutaleb in Nederland snel zijn weg vond. Vanuit zijn geboortegrond stond hij al op gelijke voet met de ander, het enige wat hij nog moest doen was de ander worden.

Oordeel: waarachtig portret; Hermanides en Koops komen ver.

Elisa Hermanides & Ruben Koops
Ahmed Aboutaleb. Overal de eerste
De Bezige Bij; 288 blz. € 24,99

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden