Recensie

Het echte leven van Enric Marco, nep-Holocaustslachtoffer

Javier Cercas De bedrieger Beeld Javier CercasDe bedrieger

De Spaanse schrijver Javier Cercas reconstrueert het echte leven van Enric Marco, die beweerde een slachtoffer van de Holocaust te zijn, maar later werd ontmaskerd als leugenaar. 

Javier Cercas
De bedrieger
Vert. Jos den Bekker De Geus; 480 blz., € 24,99

Liegen kan een vorm van verleiden zijn. Dat geldt ook voor schrijven. Niet vreemd dus dat een schrijver in de ban raakt van een zeer getalenteerde leugenaar.

Het nieuwste boek van Javier Cercas gaat over een leugenaar die op 12 mei 2005 wereldnieuws werd. Ook Trouw berichtte erover: “Spanjaard verzon verleden in concentratiekamp Flossenbürg.” De 84-jarige Enric Marco veroorzaakte in Spanje veel opschudding: hij genoot landelijke bekendheid als een welbespraakte en veel-geïnterviewde overlevende uit een Duits concentratiekamp, maar nu bleek opeens dat de man nooit in zo’n kamp geweest was.

Cercas, die in zijn eerdere geprezen ‘Anatomie van een moment’ de mislukte Spaanse staatsgreep van 1981 reconstrueerde, reconstrueert in deze nieuwe ‘non-fictieroman’ het werkelijke leven van Enric Marco.

Dat echte leven van Marco blijkt niet minder interessant te zijn dan het ingewikkelde web van leugens waarmee hij zijn levensverhaal had opgesierd: anarchistische held in de Spaanse Burgeroorlog, overlevende van een Duits concentratiekamp, clandestiene verzetsstrijder onder Franco. Allemaal gelogen, laat Cercas al weten op de eerste bladzijden.

Wat wél klopt en wat ook al in het begin verteld wordt: Marco werd geboren in een krankzinnigengesticht. Zijn moeder leed aan schizofrenie en zou het gesticht nooit meer verlaten. De baby werd ondergebracht bij familie. Het beeld lijkt meteen duidelijk: Enric Marco heeft in zijn jeugd veel moeten missen, en was daarom later voortdurend op zoek naar aandacht en bewondering.

Het bijzondere is dat Marco volledig meewerkte aan dit boek. Niet door de waarheid te vertellen, maar door in lange gesprekken met de schrijver eerst al zijn verzinsels te herhalen, om vervolgens, nadat Cercas alles heeft nagetrokken en hem met de feiten confronteert, schoorvoetend toe te geven dat een deel van wat hij vertelt inderdaad verzonnen is.

Zowel dat fictieve levensverhaal als het wekelijke levensverhaal van Marco weerspiegelt heel mooi de geschiedenis van Spanje tussen 1935 en 2010: de politieke onrust in de jaren dertig, de burgeroorlog van 1936 tot 1939 met een half miljoen doden, de grimmige dictatuur van generaal Franco, de geweldloze overgang naar de democratie rond 1978.

De door Marco zelf verzonnen Marco was in al die periodes een soort held. De echte Marco blijkt een gemiddelde Spanjaard te zijn: een man met linkse sympathieën, die zich in de burgeroorlog zoveel mogelijk gedeisd hield. Later sloot hij zich aan bij de Spaanse vrijwilligers die in de Duitse industrie gingen werken, voor een economisch uitwisselingsprogramma tussen de Spaanse dictatuur en het daarmee bevriende nazi-regime. Paradoxaal genoeg deed Marco dit om te ontsnappen aan de benauwde sfeer in eigen land.

Wie minder geïnteresseerd is in de Spaanse geschiedenis kan het boek op een andere manier lezen: als een fraai portret van iemand die fabuleert. De welbespraakte, charmante of misschien zelfs wel charismatische man, die voortdurend liegt over zichzelf, om met die leugens de aandacht en bewondering te krijgen waar hij naar hunkert - dat verschijnsel kom je overal in de wereld tegen.

Bij zulke mensen valt al gauw het woord ‘narcist’. Ze lijken heel erg ingenomen met zichzelf, maar in wezen is het andersom, dat ziet Cercas ook heel scherp: Marco wil juist niet zien wie hij werkelijk is, hij vlucht weg van zijn eigen middelmatigheid.

Neemt niet weg dat de man wel degelijk ook een charmeur is, ook in zijn gesprekken met Cercas. Aanvankelijk voelt de schrijver zich ongemakkelijk: hij zit te veel in de rol van ondervrager, van inspecteur van politie. Er komt een moment dat hij besluit om het anders aan te pakken: hij moet niet alleen de waarheid achterhalen, hij moet ook proberen te begrijpen wie Enric Marco is en waarom hij deed wat hij gedaan heeft.

De lezer evolueert daarin mee: Marco wordt gaandeweg steeds aandoenlijker, steeds sympathieker.

Cercas probeert zich in deze non-fictieroman puur aan de feiten te houden. Maar als door de wol geverfde schrijver ontkomt hij er niet aan om ook een charmeur te zijn, die literaire technieken inzet om de lezer te verleiden.

Gelukkig maar.

Het boek is stijlvol geschreven, en heeft een uitstekend gecomponeerde spanningsboog. Wat een vrij saaie exercitie had kunnen worden, blijft daardoor tot het einde spannend.

Jokken in Memoirs

De Spanjaard Enric Marco is niet de enige die loog over zijn Holocaustervaringen. Vorig jaar juni nog kwam in de VS de zaak van Joseph Hirt (86) aan het licht. Hij was in de oorlog met zijn familie vanuit Polen naar Joegoslavië gevlucht. Hirt vulde zijn ervaringen aan met een ontsnapping uit Auschwitz waar hij Joseph Mengele zou hebben ontmoet. Ook zei hij te hebben gezien hoe Hitler op de Olympische Spelen in 1936 Jesse Owens de rug toekeerde. Hirt werd ontmaskerd toen een historicus meldde dat de ontmoeting met Mengele niet kon hebben plaatsgevonden. Hirt gaf zijn bedrog toe. Hij verklaarde dat hij een en ander aandikte omdat hij zich zorgen maakte over de verminderde impact van de Holocaust-herdenkingen, zoals het Holocaust-museum dat steeds meer een toeristische attractie geworden is.

Eerder sierde Holocaustoverlevende Herman Rosenblatt zijn herinneringen op met de romantische ontmoeting tussen hem en zijn latere vrouw Roma. Zij zou zich met haar familie hebben schuilgehouden in het dorp Schlieben waar ze hem over het hek van kamp Buchenwald appels toewierp.

Rosenblat won een vertelwedstrijd van Oprah Winfrey met deze ultieme liefdesgeschiedenis, maar moest later toegeven dat hij het verhaal verzonnen had. Meer nog dan aan deze slechts ten dele fabulerende overlevenden herinnert het verhaal van Enric Marco aan dat van schrijvers die verzonnen ervaringen als waar gebeurd presenteerden. Zo schreef de Amerikaan James Frey over alcoholverslaving en een verblijf in een drugskliniek, en JT Leroy over een huisvrouw die een leven verzon als hiv-besmette transseksuele hoer en ex-junkie. Hun memoirs over overwonnen leed hadden veel succes. Tot zij als leugenaars, of beter: als fictieschrijvers, ontmaskerd werden.

Lees hier meer boekrecensies van Trouw. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden