Boekrecensie

Het Boekenweekgeschenk van Siebelink zit mooi in elkaar, al ligt het er soms iets te dik bovenop

Auteurs Jan Siebelink (rechts) en Murat Isik nemen het eerste exemplaar van respectievelijk het Boekenweekgeschenk en het Boekenweekessay in ontvangst. Beeld ANP

In zijn boekenweekgeschenk improviseert Jan Siebelink op de van hem vertrouwde thema’s

Boekenweekgeschenken leveren hoogst zelden grote literatuur op, daarvoor is er te veel dat de inspiratie van de schrijver aan banden legt. Zo moet het boek(je) binnen een beperkte tijd af zijn, zal de schrijver zich ongevraagd toch wel richten op een groot publiek en worden er ook nog formele grenzen aan zijn werkstuk gesteld: het moet 96 pagina’s beslaan, circa 29.000 woorden. Hij of zij is wel vrij in de onderwerpskeuze en dus kan hij op zijn best een staalkaart van zijn kunnen geven en dat is ook precies wat de boekenweekschrijver van dit jaar, Jan Siebelink, doet.

‘Jas van belofte’ raakt alle thema’s die Siebelink in de loop der jaren heeft aangesneden, aan en vertoont ook nog eens een paar van die typische Siebelink-eigenschappen die zijn romans kenmerken.

Arthur Siebrandi, vast niet toevallig ongeveer even oud als de schrijver zelf, ligt na een hartaanval in een ambulance en blikt, tussen de paar momenten dat hij nog bij bewustzijn is, terug op zijn leven. Een leven waarin zijn streng-religieuze jeugd, zijn werk als leraar Frans op een middelbare school, erotische obsessies en ook een vleugje decadentie de voornaamste rol spelen, precies de vier zaken die Siebelinksoeuvre kenmerken.

 Rode Maserati 

Arthur, allang aan zijn orthodoxe milieu ontsnapt, gelooft niettemin nog in de lichamelijke opstanding maar is ook bang voor de dood. Hij vertelt, nu hij zelf op sterven ligt, over zijn vader die, toen Arthur elf was, spoorloos verdween met achterlating van een jas; Arthur oppert dat hij, zoals de profeet Elia, ten hemel is opgevaren. De vurige wagen waarmee dat geschiedde, schaft hij ten slotte als het ware zelf aan, als hij met een rode Maserati over de Duitse Autobahn raast. Op school is Siebrandi een buitenbeentje, hij geeft zelfs les in een aparte dependance, ver van zijn collega’s. Daar leert hij de aantrekkelijke Caroline kennen, met wie hij een amoureus maar bijzonder preuts beschreven reisje naar Parijs onderneemt. Thuis houdt hij zich bezig met het schrijven van literatuur, waarvoor hij de wonderlijke criticus Edwin Wopereis als mentor aanzoekt, terwijl hij ook met de al even wonderlijke schrijver Loet IJzertje optrekt. Al deze personages lokken hem als het ware in een andere, verleidelijke wereld, een thema dat bij Siebelink vaker optreedt.

Het Boekenweekgeschenk van 2019 Beeld CPNB

Je ziet in ‘Jas van belofte’ die typische mix van religie en verlangen naar losbandigheid, die je ook bij Siebelinks oude literaire idool Huysmans aantreft: er wordt niet gevloekt maar wel vreemdgegaan. Arthurs belangstelling voor wereldse schoonheid, Caroline, Maserati, wordt gecontrapunteerd door zijn religieuze erfenis, hij is ergens ‘door ontferming bewogen’, denkt bij de naam Ruth direct aan Boaz, stelt David en Jonathan aan zichzelf ten voorbeeld, kortom in dit opzicht is dit boekenweekgeschenk iets waar wellicht ook de orthodox-christelijke boekhandel, met haar eigen actieboek tegen het vaak wereldse boekenweekgeschenk, iets in zou kunnen zien.

Te veel van het goede

Uit de boutade die Loet in een Amsterdamse kroeg ten beste geeft, spreekt een verlangen naar het oude, calvinistische Nederland: “Ik kom uit Overveen. Mijn vriend uit Oosterbeek (…) Zie hier hoe de provincie de provincie de hand reikt. Weg met de grachtengordel! Weg met de honers van de christelijke religie! De Heere der Heerscharen zal u de kop vermorzelen! Ik heb gezegd!”

Dat zou overal ironisch klinken, behalve bij Siebelink.

Je kunt ‘Jas van belofte’ denk ik het beste lezen als een soort vrije improvisatie op de onderwerpen die Siebelink altijd hebben beziggehouden: de verleidelijke maatschappij, de neergang van het moderne onderwijs, fascinatie voor duistere erotiek, angst voor de dood en het eeuwig leven. Het is eigenlijk best aardig gedaan, al lijdt deze korte roman toch ook aan de bekende Siebelink-hebbelijkheid van te nadrukkelijke en overdreven beschrijvingen en dialogen. Ook de duif die opstijgt als Loet de geest gegeven heeft is wat te veel van het goede. Dat komt omdat Arthur, net als zijn auctor intellectualis, altijd op zoek is naar het verhevene, dat wat meer betekent dan de realiteit: “Ik zou onthechting willen. Ambities opofferen. Ik wil meer dan die volmaakte roman.” Die krijgt de lezer ook niet, wel een echte Siebelink.

Oordeel: aardig, wel wat nadrukkelijke dialogen

Jan Siebelink
Jas van belofte
CPNB; 92 blz. (gratis bij aankoop van € 12,50 aan boeken)

In ons dossier boekrecensies vindt u een overzicht van de besprekingen van pas verschenen fictie, non-fictie, jeugdliteratuur en thrillers.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden