Hello Cello Orkest: iedereen verstaat de taal van de muziek

Een repetitie van Hello Cello in Amsterdam. Rechts Laila Darwish, links Abner Nieto uit El Salvador. Beeld Jean-Pierre Jans

In het grote Hello Cello Orkest spelen voor het eerst kinderen uit probleemgebieden mee. Cello Biënnale Amsterdam haalde ze naar Nederland.

‘Very good! Ritme! De noten zijn niet belangrijk, het ritme wel!’ Componist en improviserend violist Tim Kliphuis steekt twee duimen omhoog. Hij repeteert met 14 jonge cellisten van de Westelijke Jordaanoever en uit El Salvador die deel uitmaken van het Hello Cello Orkest. Het orkest, dat optreedt tijdens de Cello Biënnale Amsterdam, zal uiteindelijk uit 160 kinderen bestaan. De jongste van de voornamelijk Nederlandse spelertjes is zes, de oudste zeventien jaar.

Het grote Hello Cello Orkest is een van de onderdelen van Hello Cello, het educatieve programma van de Biënnale, die momenteel in Amsterdam gaande is. Hello Cello behelst onder meer projecten op basisscholen en kleuter- en familievoorstellingen. Voor het eerst spelen er nu, op uitnodiging van de Biënnale, kinderen uit probleemgebieden mee.

Het is een gezellige boel met jassen, tassen en cellohoezen in Studio 1 van het Muziekgebouw aan ’t IJ, maar er wordt ook goed gewerkt. Kliphuis legt uit in het Engels, verscheidene tolken lopen rondom de groep. Maar muziek is een universele taal: om iets voor te doen pakt Kliphuis zijn viool erbij. Veel duidelijker zo, woorden zijn soms overbodig. Een jazzy stukje, Ierse volksmuziek, een minimal-musicritme: cello’s ronken, er wordt gestoeid met de noten. ‘One, two, three’ en ‘Toem, toem, toem, páám.’

Mooie muziek

De een draagt z’n mooiste diadeem, de ander een nonchalant trainingsjasje. Laila Darwish (11) uit vluchtelingenkamp Aida kijkt geconcentreerd naar haar partij. Nog niet alles lukt in de ‘Hymn’, het eerste deel van Kliphuis’ stuk. Maar ze vindt het wel mooie muziek, laat ze tijdens de pauze weten, voordat ze met een banaan in de hand naar de andere muzikantjes rent.

Laila speelt al vijf jaar cello en doet in Bethlehem mee in een orkest dat is opgezet door de organisatie Sounds of Palestine. Ze zou niet met muziek in aanraking zijn ge­komen zonder deze organisatie, die het muziek maken faciliteert.

Gewelddadig

Abner Nieto (14) komt uit San Pedro Perulapán, El Salvador, en leeft in een gewelddadige omgeving. Even bij een vriendje spelen in een andere wijk is uitgesloten. Daar kom je niet zonder gevaar voor eigen leven.

Hij is in Nederland via het muziekproject Armonia Cuscatleca. “Ik ben gek op de muziek uit mijn eigen land, maar dit stuk voor Hello Cello is heel spannend”, zegt Abner. Hij koos drie jaar geleden voor de cello omdat die zo lekker groot is. Abner maakt een omarmend gebaar. “En Amsterdam vind ik geweldig”, zegt hij, “al die gebouwen!” Of hij cello wil blijven spelen? Een glimlach van oor tot oor: Abner knikt lang en heftig ja, zijn hele leven.

Lees ook:

Wat maakt het geluid van de cello zo mooi en bijzonder?

Warm, menselijk, melancholisch. Iedereen houdt van de klank van de cello. Een componist, een cellist en een cellobouwer leggen uit waarom, aan de vooravond van een internationaal cellofestival in Amsterdam.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden