Review

Gruberova’s gulle stem zorgt voor perfect festivalfeestje

Edita Gruberova, Nederlands Philharmonisch Orkest olv Ralf Weikert met aria’s van Donizetti en Bellini op 24/6; slotconcert Holland Festival in Concertgebouw Amsterdam.

Met een onvoorstelbare lawine hoge c’s, hoge d’s en nog hogere e’s – bijna allemaal loepzuiver – kwam het Holland Festival 2007 zondagavond aan zijn feestelijke slot. Het Festival is in zijn 60-jarige geschiedenis zelden zo ’hoog’ geëindigd. De ultieme taart voor het jarige festival kwam op deze slotavond in de vorm van het Slowaakse coloratuurwonder Edita Gruberova. Het gala werd live op televisie uitgezonden en was via een grote videowall ook op het Museumplein voor het Concertgebouw mee te maken; daar verstoorden slagregens helaas de feestvreugde.

Vijftien jaar geleden was Gruberova hier voor het laatst, maar de coup van de festivalleiding om met de in Nederland relatief onbekende diva het legendarische Holland Festival-concert van Maria Callas in 1959 te doen herleven, slaagde wonderwel. Het wat kunstmatig opgefokte sfeertje in de grote zaal van het Concertgebouw – met buitensporig veel feestgrage grachtengordelgenodigden – sloeg al snel om in echte bewondering en welgemeende euforische brava-ontladingen. Gruberova blies met laserprecisie en onvermoede decibellen direct de oren schoon van hen die de avond wat al te ludiek wilden laten verlopen.

Gruberova verscheen na een kletterend uitgevoerde ’Willem Tell’-ouverture van Rossini boven aan de Concertgebouwtrap in een wit gewaad waaroverheen een witte, met witbont afgezette mantel gedrapeerd was. Kijk, zo pak je je publiek meteen al in. Bovendien was die uitbundige robe toepasselijk, want de diva begon haar recital met de opkomstaria van koningin Elisabeth I uit Donizetti’s ’Roberto Devereux’.

De jaren hebben op Gruberova’s unieke stem geen noemenswaardige invloed gehad. Nog steeds is haar geluid kristalhelder en nog steeds kunnen maar weinigen in de schaduw van haar coloratuurtechniek staan. Ze draait haar hand niet om voor een hoge e meer of minder en als zij haar stem in hoogte en volume opschroeft, begrijp je dat al die anekdotes van sopranen die glas kunnen stuk zingen gewoon waar zijn. De kunst van het messare la voce (het geleidelijk laten aanzwellen en weer terugnemen van geluid) doet nog steeds niemand haar na.

Misschien was het beter geweest om Norma’s ’Casta diva’ achterwege te laten, maar de waanzin van Lucia di Lammermoor pakte gruwelijk mooi uit. Toegiften uit ’Linda di Chamounix’ en ’Der Fledermaus’ brachten de zaal op kookpunt. Met die laatste komisch uitgevoerde Adele-aria parodieerde Gruberova ook nog eens schitterend zichzelf. Brava!

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden