Review

Groningers beëindigen speculatie

Ze komen meestal in het nieuws als er wat spectaculairs mee aan de hand is: de Dode-Zeerollen. Speculaties zijn er genoeg: er zouden verhuld christelijke figuren als Jacobus en Paulus in voorkomen, of: een aantal Griekse fragmenten zou behoren tot de oudste handschriften van het Nieuwe Testament, of: het Vaticaan zou openbaarmaking dwarsbomen. Een nieuw boek brengt in kaart wat we nu wel en niet weten over de Dode-Zeerollen.

Het begon met een paar rollen in 1947, door bedoeïenen gevonden in een grot in de buurt van de Dode Zee. Inmiddels zijn vele duizenden fragmenten gevonden. Praktisch alle documenten die de Dode-Zeerollen vormen zijn nu gepubliceerd. De schrijvers van 'Fragmenten uit de woestijn' ontwikkelen géén nieuwe theorieën, maar ze maken de balans op van wat we wel en niet weten.

Een van de centrale vragen is welk verband er bestaat tussen de gevonden rollen, de nederzetting van Qumran en de groepering van de Essenen, zoals deze door antieke auteurs beschreven is.

Volgens de 'Standaardhypothese' behoorden de Dode-Zeerollen tot de bibliotheek van een groep Essenen die op de plaats van de huidige ruïnes van Qumran een soort gemeenschapscentrum zou hebben gehad. Volgens deze theorie had de kern van de bibliotheek een sektarisch karakter.

Een variant op deze Standaardhypothese is de zogenaamde 'Groningen hypothese' die inhoudt dat de Qumrangroep een afsplitsing van de Essenen was.

Volgens andere theorieën is er echter in het geheel geen samenhang tussen de gevonden rollen, de nederzetting van Qumran en de Essenen.

Volgens Norman Golb bijvoorbeeld is de bibliotheek afkomstig uit Jeruzalem en behoorde een deel ervan tot de tempelbibliotheek. Als dat juist is, is de verzameling rollen niet sektarisch, maar representeert zij de veelheid aan religieuze ideeën van het toenmalige jodendom. De ruïnes van Qumran stammen volgens Golb van een militair fort en hebben niets met de Dode-Zeerollen te maken.

Zo zijn er meer theorieën die een alternatief vormen voor de Standaardhypothese. In 'Fragmenten uit de Woestijn' zetten Eibert Tigchelaar en Mladen Popoviç alle argumenten op een rij. Hun voorzichtige conclusie luidt dat de argumenten voor de Standaardhypothese of haar Groninger variant nog steeds het sterkst zijn, maar dat de gemeenschap van Qumran veel minder een geïsoleerde monastieke gemeenschap was dan onderzoekers aanvankelijk aannamen.

Een andere vraag die in het onderzoek naar de Dode-Zeerollen een grote plaats inneemt is die naar de betrouwbaarheid van de overlevering van de Hebreeuwse bijbel.

Vóór de vondst van de rollen waren de oudste beschikbare handschriften zo'n duizend jaar oud. Het was onduidelijk hoe stabiel de tekstoverlevering in de voorafgaande periode was geweest. Met de vondst van de Dode-Zeerollen beschikte de wetenschap in één keer over handschriften uit de periode van 250-100 vóór het begin van onze jaartelling.

Michaël van der Meer vat de resultaten van het onderzoek als volgt samen: Aan de éne kant blijkt uit de bijbelhandschriften van Qumran hoe zorgvuldig de joodse geleerden in het eerste millennium van onze jaartelling de heilige tekst hebben overgeleverd. Zo is de tekst van de beroemde Codex Leningradensis van 1006 na Christus in essentie reeds te vinden in veel bijbelhandschriften van Qumran.

Aan de andere kant zijn er in Qumran ook handschriften gevonden die van deze versie afwijken. Soms komen de afwijkende lezingen overeen met de Bijbel van de Samaritanen, soms ook met de Septuaginta, de Griekse bijbelvertaling.

Mooi voorbeeld: Deuteronomium 32: 8 en 9. In de traditionele Hebreeuwse tekst staat dat de Allerhoogste de volken heeft opgedeeld 'naar het aantal van de zonen van Israël'. Een fragment uit Qumran leest echter overeenkomstig de Griekse vertaling 'godenzonen' in plaats van 'zonen van Israël'. Ten grondslag ligt daarbij volgens Van der Meer de voorstelling van een hemels hof waarin godenzonen geplaatst zijn onder een oppergod, de Allerhoogste (ELYON). En van deze goden was de HEER (JHWH) aan wie Israël werd toegewezen. Een dergelijke voorstelling was uiteraard onacceptabel voor het latere exclusieve monotheïsme en het is daarom begrijpelijk dat joodse schrijvers 'godenzonen' veranderden in 'zonen van Israël'.

Een derde punt dat vanaf de ontdekking van de rollen in het centrum van de belangstelling heeft gestaan is de verhouding van de religieuze voorstellingen die daarin verwoord zijn tot die van het vroege christendom. Florentino García Martínez maakt korte metten met de opvatting dat er in de Dode-Zeerollen verwijzingen zouden zijnnaar historische figuren van het Nieuwe Testament. Ook weerlegt hij de theorie dat we onder deze rollen de oudste kopieën van het Nieuwe Testament zouden vinden. Het belang van de Dode-Zeerollen voor de kennis van het vroegste christendom ziet hij vooral daarin dat we nu veel meer weten over de periode tussen het Oude en het Nieuwe Testament. Begrippen, literaire vormen, opvattingen over de juiste interpretatie van de wet en theologische ideeën, waarvan men vroeger dacht dat ze typisch christelijk waren, blijken veel meer verankerd te zijn in het pluriforme jodendom van die tijd dan men vóór de vondst van de Dode-Zeerollen dacht.

In zijn bijdrage over theologische parallellen geeft García Martínez niet zoals bijvoorbeeld Klaus Berger in 'De Dode Zeerollen en Jezus' een overzicht van de messiaanse en eschatologische voorstellingen, maar bespreekt hij gedetailleerd één aspect en wel de wijze waarop Jesaja 61: 1 in Qumran en in het vroege christendom werd geïnterpreteerd.

In het slothoofdstuk gaat Eibert Tigchelaar nog een keer op de joodse wortels van het christendom in, maar het blijft daar helaas bij enkele vage aanduidingen. Zo zegt hij dat in de recent gepubliceerde fragmenten sprake is van een lijdende Messias, zonder dat te verduidelijken. Ook stipt Tigchelaar slechts het verband tussen de astrologische belangstelling in de Dode-Zeerollenaan en het vroege Arameestalige christendom aan.

'Fragmenten in de woestijn' presenteert en becommentarieert enkele van de recent gepubliceerde fragmenten. Daarnaast, nieuw voor het Nederlands taakgebied, bevat het een uitgebreide beschrijving van de archeologie van Qumran. Meeslepend geschreven is het niet. Wie een populair en rijk geïllustreerde inleiding zoekt kan, zoals de redacteuren van 'Fragmenten' zelf zeggen, beter terecht bij het onlangs vertaalde 'De wereld van de Dode Zeerollen' (Davies, Brooke en Callaway). Degenen die al een basale kennis van deze materie hebben vinden ter verdieping in 'Fragmenten uit de woestijn' een betrouwbare gids geschreven door een zeer deskundig team.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden