Interview

Geven en nemen: De rolverdeling binnen een strijkkwartet

Van diva tot stille kracht op de achtergrond, de rollen in het strijkkwartet liggen vast. Ook bij het Dudok Quartet, een van de deelnemers aan de Strijkkwartet Biënnale Amsterdam: een splinternieuw muziekfestival, dat morgen begint.

Vier strijkers werpen een korte, scherpe blik op elkaar, halen diep adem en zetten dan de eerste noten Schumann in. VondelCS in het Vondelpark is de repetitieruimte waar het in 2009 opgerichte Dudok Quartet Amsterdam zich grondig voorbereidt op concerten die komen gaan, onder andere tijdens de allereerste editie van de Strijkkwartet Biënnale Amsterdam.

"Nee, dit klinkt niet ideaal, we spelen deze maat gewoon onzuiver", breekt eerste violiste Judith van Driel in. "Kunnen we nog een keer dat akkoord noot voor noot opbouwen?" Tik, tok, de vingertoppen van de linkerhanden worden hoorbaar in de juiste positie gebracht, de stokken zweven even boven de snaren voordat het beginakkoord een feit is. "In de aanzet hapert het al, wat hebben we hier precies afgesproken?", vraagt Van Driel. Met engelengeduld wordt het Derde strijkkwartet van Schumann binnenstebuiten gekeerd, geen detail blijft onbesproken. En dan zijn dit nog maar de beginmaten.

Violiste Judith van Driel levert als eerste commentaar en zegt wat haar niet bevalt. De anderen gaan zonder protest mee in haar voorstel om nog eens die ene maat te bekijken. Zouden ze dan inderdaad waar zijn, de clichés die we altijd horen over de leden van een strijkkwartet? De eerste violist is een haantje-de-voorste, de tweede violist stelt zich dienstbaar op, de altist is het zwijgzame type en volgt gedwee, de cellist is de intellectueel en de organisator achter de schermen?

Van Driel: "Ja, ik ben echt een eerste violist, maar dat ik nu als eerste wat vragen opwierp in Schumann is toeval, we gooien allemaal onze gedachten, twijfels en ideeën in de groep. De een wat meer dan de ander, dat is waar. Mijn keuze voor de viool komt overeen met mijn karakter, als kind stond mij al het spelen van virtuoze partijen voor ogen. Ik hou van de helderheid, de briljante kant van de vioolklank. Een verhaal vertellen aan mijn publiek vind ik het allerleukst. Het voelt prettig om op de voorgrond te staan, de melodie is toch het eerste wat je opvalt als luisteraar, en die speel ik meestal. Overigens ben ik een controlfreak, dat is niet altijd even handig. Perfectie is geen doel, wel het zo dicht mogelijk bij de muziek komen. Zeggen wat de ander moet doen, daar hou ik niet van. Dat werkt ook niet. Voor ieder moet het goed voelen hoe hij of zij iets speelt. We zijn direct tegen elkaar, zelfs hard af en toe, maar het is nooit persoonlijk, het gaat om de muziek. Als we op tournee zijn en we moeten een hapje eten, ben ik degene die een appje stuurt met 'jongens, wat gaan we doen, zullen we daar of daar?' Maar ik ben absoluut geen diva hoor, en in de kamermuziek hoor ik thuis."

Cellist David Faber grijnst: "Maar je kunt het wel zijn, die diva. Anderzijds kan jouw partij niet tot bloei komen als wij drieën dat niet van harte faciliteren. Dat is ook prima, dat hoort bij kwartetspel. Als kwartetspeler moet je kunnen geven en nemen, in allebei moet je even goed zijn. De cellist die in een kwartet alleen maar volgt, functioneert niet goed. In het dagelijks leven ben ik ook veel stelliger. In de groep moet ik nu eens volgen, dan weer sturen, en daar ga ik voor, omdat ik het eindresultaat voor ogen heb: de muziek zo goed mogelijk tot zijn recht laten komen is het mooiste wat er is.

"We zijn zeker niet alle vier hetzelfde, stel je voor dat je altijd exact dezelfde muzikale oplossingen aandraagt, waar moet je dan je inspiratie nog uit halen, naast de muziek? Ik vind het heel gezond om vanuit andermans invalshoek de noten te ontdekken. Dat is wat we doen: je zoekt met z'n vieren waar een stuk over gaat, je haalt het uit elkaar en je bouwt het opnieuw op. Daardoor ontstaat er een gemeenschappelijk idee van hoe je vindt dat een stuk zou moeten klinken. Een klankideaal is wat ons bindt, daarvoor komen we zes dagen per week vijf uur per dag samen om te repeteren.

"Ik kijk graag naar de structuur van een stuk, maar een afgesproken rolverdeling is er niet. En ja, toevallig ben ik een regelaar en onderhoud ik het contact met de zalen, onderhandel ik over de gages. Maar Marleen, onze tweede violiste, gaat echt over de financiën. Zij maakt de stand van zaken op aan het einde van het jaar."

Tweede violiste Marleen Wester: "Dat komt vaak op het bordje van de tweede violen terecht, geen idee waarom. Ja, ik had altijd een tien voor wiskunde... Waar David stellig is in zijn woorden, ben ik dat over het algemeen minder. Op het podium ben ik hetzelfde als wanneer ik mijn viool neerleg. Ik hou van het experiment en leg de anderen graag een idee voor. Als het nodig is, treed ik op de voorgrond, maar als het beter is dat ik een ondersteunende rol speel, doe ik dat. Mede daardoor kan een kwartetklank bijzonder zijn, ieder moet zijn eigen muzikale input geven. Dit zijn allemaal typisch karakteristieken van een tweede violist. Misschien zou ik af en toe eens wat minder geduldig moeten zijn, maar je karakter verander je niet zomaar. Ik bewaak ook erg het soort klank dat we produceren. Ik neig naar de barokstijl, naar een openhartig geluid, zo puur mogelijk. Als we te dik klinken, ben ik de eerste die op de rem trapt; muziek moet schoon overkomen. Dat kan ook, de stilzwijgende afspraak is dat ieder z'n zegje kan doen."

Het gesprek duurt al even, van Schumann zijn er enkele regels doorgenomen, met voornamelijk interventies van de eerste violist en de cellist, en de enige die nog niet zoveel heeft gezegd is altiste Marie-Louise de Jong. De teruggetrokken altviolist, het verlegen type? Ze tovert een ontspannen glimlach op het gezicht en heeft een zachte stem: "Ik ben inderdaad niet zo'n prater en ik denk lang na voordat ik iets zeg. Komt bij dat ik pas een jaar met de Dudoks meespeel, zij hebben hun routine en ik probeer daar zo goed mogelijk in te passen. Dat kost me geen moeite, want ik voel me hier op mijn plaats. De klankkleur van dit kwartet bevalt me. En de altviool is mijn instrument. Ik ben begonnen op viool, vlak voordat ik naar het conservatorium ging ben ik geswitcht. Dat warme, diepe geluid van de alt past veel meer bij mij. Zo verlegen ben ik trouwens niet: in kamermuziek moet je je eigen stem laten horen, binnen het kwartet ben je altijd als individu hoorbaar."

Om nog even een paar gemeenplaatsen langs te lopen: moet je eerst zo'n acht jaar dagelijks samen studeren, en liefst ingetreden zijn in een klooster, voor je het podium op kan en mag? En is kwartetspelen zo allesomvattend dat je er absoluut niets naast mag en kan doen?

Van Driel: "Nou, dat klinkt wel een beetje ongenuanceerd, maar er zit een kern van waarheid in. De balans in je spel als kwartet kun je alleen bereiken als je een fulltimekwartet bent. Je groeit met de jaren in die balans, en daarvoor moet je samen onnoemelijk veel vlieguren maken."

Faber: "Kwartetspel is pas echt wat als je met z'n vieren tot een concept komt. Wij bepalen de grens van hoe mooi we het willen hebben, het is onze eigen tijd, we hebben niet met een cao te maken, en we kunnen ervan leven, gelukkig. We vormen een hecht en goed functionerend team, onze afspraak is: het kwartet komt op de eerste plaats. Iedereen mag er dingen naast doen, zolang het kwartet er niet onder lijdt."

Schumann vaart er wel bij. Na het heel precies afstemmen van dat ene akkoord, minutenlang, en nadat ze het allemaal eens zijn geworden over exact de juiste positie van de stok, vallen alle nootjes op hun plaats en ademen vier spelers dezelfde melodie.

Voor de concerten van het Dudok Quartet Amsterdam tijdens de Strijkkwartetbiënnale, zie: www.sqba.nl

Het Dudok Quartet  treedt op in het Amsterdamse Concertgebouw.

Het dertiende strijkkwartet  van Beethoven is buitenaards, maar zal  een beschaving buiten ons sterrenstelsel het ooit aanhoren?

Trouwrecensent Peter van der Lint ziet met Quatuor Arod een nieuw ijzersterk kwartet geboren worden. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden