Opinie

Geslaagde optelsom van drie vrouwelijke choreografieën

’Danscombinatie 2007’ met choreografieën van Ann Van den Broek, Conny Janssen en Krisztina de Châtel. Gezien 21/1 Theater a/h Spui Den Haag. Toernee t/m 9/3. www.danscombinatie.nl

Met een ’Collectieve Danspromotie’, waarin zo’n dertig gezelschappen en productiehuizen participeren, probeert de brancheorganisatie DOD de danskunst onder de aandacht van een groter publiek te brengen.

De ’Danscombinatie’ (wat een nare beleidsmatige, niet-theatrale betiteling!) is een jaarlijks terugkerende marketingtroef en bestaat uit een tourneeprogramma, samengesteld uit werk van diverse gezelschappen en choreografen. Een formule die werkt als kennismaking bij een nieuw publiek of als CKV-voorstelling, maar een dansliefhebber verlangt meer dan een dansante som der delen. In deze ’Danscombinatie’ leidt de optelsom in tegenstelling tot eerdere edities gelukkig wel tot méér.

Een unieke kans om werk van drie generaties vrouwelijke choreografen, met drie geheel eigen bewegingsidiomen, zo naast elkaar te zien. De keuze voor juist deze drie dansmaaksters is glashelder; hun carrières zijn aan elkaar verbonden via een van hen: ’mama’ Krisztina de Châtel. Zowel Ann Van den Broek (1970) als Conny Janssen (1958) kregen ooit de kans voor De Châtels gezelschap een gastchoreografie te creëren, en dat gaf beider loopbaan een flinke impuls. Van den Broek danste bovendien jarenlang onder De Châtels vleugels, een prettig wringend formalisme en rechtlijnige kracht is in haar werk al even evident.

Dit ’jonkie’ bijt in deze ’Danscombinatie’ het spits af met een ingekorte versie van haar succesvolle Korzo-productie ’E 19 (richting San José)’. Net als bij De Châtel, gaan Van den Broeks dansers de strijd aan met hun omgeving, een metafoor voor de strijd in zichzelf: in ’E 19’ is het de mateloos opgezogen informatiestroom die louter aanzet tot een jakkerend najagen van illusies. Een weerbarstige en tragikomische choreografie op roffelende gitaren en op de eigen ademhaling.

Waar bij Van den Broek het inkorten van het origineel enigszins ten koste gaat van de ziel van het dansstuk, lijkt Conny Janssens ’In Two Minds’ aan kracht te winnen: Janssens danstaal wordt dwingender. Ademtocht vormt evenals in ’E 19’ ook hier het begin en het einde, als voortstuwende ademteugjes op Tan Duns ’Ghost Opera’ poëtisch en emotioneel geladen ingezet.

Dat brengt het programma in balans, zeker als opmaat voor hekkensluiter – en première – ’Pulse’ van Krisztina de Châtel, die de choreografe op de machinaal pulserende klanken van Ligeti’s pianostudies creëerde. Stijlvast als altijd geeft Krisztina de Châtel een proeve van haar repetitieve formalisme in de groepsdansen, met expressieve erupties in de solo’s en duetten.

Al even streng formalistisch ontwikkelde modeontwerper AZIZ voor ’Pulse’ een variant op zijn beroemde ShirTrui: ditmaal een broek en overhemd in één. Met verder ontblote torso’s en kekke mutsjes lijkt het ensemble wel wat op een verdwaald bataljon van het Vreemdelingenlegioen; hier en daar nare associaties oproepend met zwarte banden en – al dan niet stille – marsen. Dat sluit aan bij De Châtels altijd aanwezige fascinatie voor de kracht en gevaar van het ’gareel’, waarmee ’Pulse’ geen verrassende maar zeker boeiende choreografie is geworden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden