Review

Gejat van Mozart

Als componist voor films van Greenaway en Campion werd Michael Nyman wereldwijd bekend. Die roem had ook een keerzijde.

Zonder overdrijven is het bijna ondenkbaar dat je de muziek van Michael Nyman (1944) nog nooit gehoord zou hebben. In zijn ruim dertigjarige carrière schreef de Engelse componist opera’s, strijkkwartetten, concerten en orkestwerken; en hij voerde zijn eigen muziek bovendien over de hele wereld uit met zijn eigen Michael Nyman Band.

Maar het bekendst werd Nyman bij het grote publiek door zijn filmmuziek. Vrijwel iedereen kent de soundtracks die hij in zijn jarenlange verbinding met de filmer Peter Greenaway maakte – onder meer voor ’The Draughtsman’s Contract’ en ’The Cook, The Thief, His Wife and Her Lover’. Maar een echte hit had hij als filmcomponist met zijn muziek bij ’The Piano’ van Jane Campion.

In Groningen wordt de veelzijdige kunstenaar de komende week geëerd met een heus Michael Nyman Festival. Zeven dagen lang staat de stad in het teken van de componist, musicus, bandleider en fotograaf. Behalve een optreden van de Michael Nyman Band, brengt het Noord Nederlands Orkest onder andere premières van Nymans Vioolconcert en Celloconcert.

VocaalLAB en het Matangi Quartet voeren tijdens het festival een nieuwe versie uit van de kameropera ’The Man Who Mistook His Wife For A Hat’ (naar het boek van Oliver Sacks). In andere concerten worden verbanden gelegd met de componerende omgeving van Nyman en met de fototentoonstelling ’Sublime’ in Galerie Noorderlicht kun je Nymans fotografische werk bekijken. De componist noemt het festival zelf ’verbazingwekkend compleet’.

Hoewel Nyman in de jaren zestig als student keurig begon op de Royal Academy of Music, kwam hij direct na zijn studie in een creatieve luwte terecht. Hij verdiende lange tijd de kost als muziekjournalist en leerde zo de avant-gardemuziek van dichtbij kennen. Nyman lanceerde waarschijnlijk als eerste de term ’minimal music’ in 1968, een muziekstijl waar hij inmiddels een van de leidende figuren in is geworden.

Na tien jaar begon hij weer met componeren: opvallend genoeg meteen in zijn eigen stijl, waarin hij stukjes bestaande muziek uit de barok of het classicisme door de minimalistische sapcentrifuge haalt. Naar zijn eigen zeggen viel het muntje bij het aan de piano doorspelen van de Mozart-aria ’Madamina, il catàlogo è questo’ uit ’Don Giovanni’, in de stijl van Jerry Lee Lewis. Het zou de kiem vormen voor alles wat hij later zou maken.

Pratend klinkt Nyman net zo gesmeerd als zijn muziek. Hij spreekt snel en droog, doorspekt zijn zinnen regelmatig met fucking en met onderkoelde Britse humor. Over de betekenis van het door hem gemunte woord minimalism in de muziek vertelt hij dat hij nooit had kunnen vermoeden dat men daar ruim veertig jaar later nog over zou spreken. Hij constateert met enige tevredenheid dat het minimalisme intussen de wereld heeft veroverd. Zonder die stroming zou de muziek van Louis Andriessen, John Adams of van hemzelf niet hebben geklonken zoals nu.

„En er zou niet zo’n enorme explosie hebben plaatsgevonden van intelligente hedendaags-klassieke muziek. Mijn publiek luistert door de bank genomen niet naar klassieke, en al helemaal niet naar hedendaags-klassieke muziek. Het enorme publiek waar de Michael Nyman Band voor speelt, zouden we veertig jaar geleden nooit voor mogelijk hebben gehouden. Maar dat komt omdat minimal music niet alleen op het eerste gehoor indruk maakt, maar ook na herhaaldelijk luisteren interessant blijft.”

In een interview met collega Steve Reich vroeg de toenmalige muziekjournalist Nyman hoe de eerste zijn muziek zou beschrijven. Ik stel hem dezelfde vraag: hoe zou Nyman zijn eigen muziek typeren?

„Pfoeh, dat is gecompliceerd. De enige omschrijving zou zijn: de muziek die Michael Nyman maakt, hahaha! Ik denk dat mijn muziek niet echt te vangen is.

„Toen ik filmsoundtracks maakte, gebruikte ik materiaal dat de aandacht trok en bijzonder was. Dat is misschien de reden waarom regisseurs me niet meer vragen tegenwoordig, hahaha! En mijn filmmuziek is altijd fucking memorable geweest: als mensen uit de bioscoop kwamen, herinnerden ze zich in ieder geval de muziek nog. Ik ben blij dat ik dat kan bewerkstelligen. Als andere componisten dat niet kunnen, dan is dat hun probleem.”

Toch zegt Nyman dat hij in de eerste plaats voor zijn eigen plezier componeert, niet met een publiek in gedachten. „Ik neem als basis vaak een fragmentje uit een Classicistisch of Romantisch werk, maar in structurele zin – hoe de muziek in elkaar zit en beweegt – doe ik andere dingen. Ik heb veel gestolen van Mozart, maar ik ben meer een barokcomponist in mijn uitwerkingen: mijn muziek is altijd extreem harmonisch, ik maak variaties, werk met gelaagdheid, neem kleine vormen en maak daar mijn eigen vormen mee.”

Dat lenen van dode componisten doet Nyman nooit zomaar. Zo gebruikte hij stukjes Purcell voor Peter Greenaways film ’The Draughtman’s Contract’ omdat het verhaal zich in Purcells tijd afspeelt. „Maar de eerste muziek die ik gebruikte (of misbruikte) als Michael Nyman was Mozart, in het werk ’In Re Don Giovanni’, een soort heroverweging van een paar maten uit de ’Catalogus-aria’ van Don Giovanni.”

Hoewel Nyman al lang niet meer met Greenaway samenwerkt, zegt hij dat die filmmuziek hem in het begin van zijn carrière enorm vooruit heeft geholpen: al zijn muziek werd meteen uitgevoerd, opgenomen en voor een groot publiek beschikbaar gemaakt. Een verre van vanzelfsprekende situatie voor een beginnend componist. „De keerzijde is dat ik bijna alleen bekend ben geworden als filmcomponist. Een film als ’The Piano’ maakte mijn muziek bekend bij het grootste publiek dat een levende klassieke componist kan hebben. Maar het sluit ook de deuren van mensen die operahuizen en orkesten programmeren. Terwijl ik veel opera’s heb gemaakt – die mensen zouden daar gewoon fucking naar moeten luisteren. Want ze zijn goed.”

Het fotograferen en filmen doet Nyman ’per ongeluk’, in tegenstelling tot het bewuste proces van componeren. Omdat hij als artiest veel reist, legde hij vaak momenten vast met de camera. „Tien jaar later blijkt dat interessant materiaal te zijn. Ik maak foto’s in series, net zoals ik in mijn muziek vaak herhaling gebruik. Ik dwing de kijker bij mijn videofilms zich te concentreren op een activiteit, net zoals in mijn muziek. Als het treintje loopt, is het moeilijk er af te springen. Een van de vreugdes van het componist zijn, is dat ik zelf de soundtrack bij mijn films kan uitkiezen uit mijn eigen oeuvre. Sommige combinaties werken sterk. Ik gebruik mijn muziek in mijn films minder conservatief dan Peter Greenaway.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden