Review

'Fysici wanen zich hogepriesters'NATUURKUNDE

Toen Newton zijn wetten over de mechanica en de zwaartekracht opstelde, zag hij daarin het bewijs van het bestaan van een Schepper. Tot het eind van de negentiende eeuw waren natuurkundigen zeer religieus, stelt de Australische Margaret Wertheim in 'De broek van Pythagoras'. Juist daarom zijn ze nu zo vrouw-onvriendelijk en arrogant. Margaret Wertheim: De broek van Pythagoras; God, fysica en de strijd tussen de seksen. Anthos, Amsterdam; 280 blz. ¿ 39,90.

Vanwege deze “stompzinnige houding” verliet de Australische natuurkundige Margaret Wertheim vijftien jaar geleden de wereld van haar vakgenoten. De fysica was haar een beperkte activiteit gebleken, het exclusieve domein van welvarende, blanke mannen. “De fysici vormen een club zichzelf selecterende lieden die hun simpele wereldbeeld instandhouden en versterken. En wat me nog het meeste stoort, is hun arrogantie. Zij hebben zich het recht toege-eigend om te bepalen wat waar is en wat niet waar is. Wie in andere zaken gelooft, wordt kinderachtig genoemd. Geen wonder dat veel mensen het wetenschappelijke verhaal steriel en vijandig vinden. Zij voelen zich daar niet meer bij thuis.”

Ooit werd de 36-jarige Wertheim aangetrokken door de religieuze uitstraling van de fysica en stapte ze in “die andere, mooie en kalme wereld van wiskundige vergelijkingen, waar orde en regelmaat heersen, ver verwijderd van de dagelijkse chaos.” Ze verwijderde zichzelf echter ook steeds meer van haar vrienden en kennissen die niets van de natuurkunde begrepen, die maar niet verder konden komen dan hoofdstuk twee van Stephen Hawkings bestseller Het heelal.

Dit is niet goed, dacht ze. Deze mensen hebben een wetenschappelijke opleiding; dan moeten de ideeën uit dit vak toch begrijpelijk te maken zijn. De oorzaak was haar snel duidelijk: “De natuurkunde wordt altijd in termen van antwoorden gepresenteerd. De vragen komen nooit aan bod. Altijd de weetjes: de aarde draait om de zon en niet andersom. Nooit: wat betekende dat nieuwe wereldbeeld van Copernicus in die tijd? Hoe zagen de mensen hun eigen plaats in de kosmos?”

Ze besloot een boek te schrijven waarbij ze de natuurkunde in een cultuurhistorische context zou plaatsen. Wetenschap als mensenwerk. Ze kwam op een iets ander thema uit: in haar onlangs verschenen De broek van Pythagoras presenteert ze de fysica als mannenwerk.

Nadat ze zich twee jaar lang uitvoerig op het onderwerp had ingelezen, doemde een haar onbekend beeld van de fysica op. “Het vak is altijd gedomineerd door de religie. In elk tijdperk, vanaf de oude Grieken, via de Middeleeuwen en de Renaissance, hebben de fysici en astronomen zich constant verdiept in religieuze kwesties. Het algemene idee dat die twee pas in de huidige tijd samenkomen, is dus volkomen onterecht.”

Bij de opkomst van de moderne natuurkunde, in de zestiende en zeventiende eeuw, was die verwevenheid wel van een volkomen andere aard. De wetenschappers van toen 'lazen' in de natuur het 'andere boek van God'. Toen Newton zijn wetten over de mechanica en de zwaartekracht opstelde, zag hij daarin het bewijs van het bestaan van een Schepper. Zelfs Galileï, die tegenwoordig symbool staat voor de controverse tussen wetenschap en religie, was diep gelovig en wilde eigenlijk dat de Kerk zijn inzichten opnam in haar leer.

Die verbondenheid bepaalde vaak de richting van het denken. Wertheim: “Als je ervan uitgaat dat je de gedachten van God probeert te begrijpen, is dat een geweldige psychologische factor.” Sinds mensenheugenis was men er bijvoorbeeld van overtuigd dat de planeten cirkelbanen beschreven, de volmaakte, goddelijke vorm. Omdat dat niet strookte met de waarnemingen, moesten er allerlei hulpcirkeltjes in de modellen worden ingebouwd. Ook het beroemde zonnestelsel van Copernicus, veelvuldig geprezen om zijn eenvoud, was eigenlijk een gedrocht.

De grote ommekeer komt op het conto van Johannes Kepler. “Hij was bereid om de waarnemingen te laten spreken en te accepteren dat de planeetbanen ellipsen waren. Vervolgens gaf hij er wel een theologische draai aan: cirkels horen toe aan het zuiver-goddelijke, planeten zijn stoffelijk en daarom iets minder volmaakt. De ellips is de meetkundige figuur die de cirkel het dichtst benadert.”

De tweede omslag vindt plaats aan het eind van de negentiende eeuw. Vanaf die tijd zijn wetenschap en religie elkaars vijanden. Mensen wordt verteld dat ze moeten kiezen. Tot op zekere hoogte is dat nog wel terecht, vindt Wertheim. De natuurkunde betreedt immers terreinen die voorheen het domein van de religie waren. Maar: “Mensen als Stephen Hawking zetten zich tegen religie af, maar ze weten er eigenlijk niets van. Ze spelen een dubbel spel: ze snijden geloofsvragen aan, maar ze kennen de antwoorden al. Ze zijn niet geïnteresseerd in de vraag of er een god bestaat, maar het verhaal doet het wel goed voor de verkoop van hun boeken. Het publiek is daar namelijk wel zeer in geïnteresseerd.”

In feite gaat het om de vraag van de sociale macht, aldus Wertheim: wie heeft het recht om te zeggen hoe het zit. “Traditioneel is dat de functie van de religie, maar de wetenschap heeft die rol overgenomen. De westerse fysici hebben de plaats van de hogepriesters ingenomen, van oudsher de machtspositie die het dichtst bij God staat.”

In haar boek beschrijft Wertheim hoe de religieuze inslag van de fysica een tweede gevolg heeft gehad: het vak is altijd een mannenbolwerk geweest. Door de eeuwen heen hebben de fysici vrouwen uit hun kringen geweerd. Vrouwen zijn aards en materieel, heette het bijvoorbeeld, terwijl bij mannelijk begrippen als de hemel en de geest horen. Ook nu nog is het een veelgehoord argument dat vrouwen weliswaar hun kwaliteiten hebben, maar toch minder toegerust zijn voor het abstracte en logische denken dat de fysica vereist.

En dus werden vrouwen eeuwenlang niet toegelaten tot de universiteiten, bleven de wetenschappelijke kringen zuivere mannengroepen en werd van een grootheid zoals Marie Curie vaak gedacht en soms beweerd dat haar prestaties de verdienste van haar man Pierre waren. Zelfs in deze tijd waar vrouwen in universitaire studies evenredig vertegenwoordigd zijn, is de natuurkunde nog steeds een mannenaangelegenheid.

Het vak heeft een pluralistische beroepsgroep nodig, vindt Wertheim. “Het is geen kwestie van meer vrouwen. Iedereen wordt nu immers al toegelaten. Als hij maar bereid is dat onzinnige, beperkte denken te accepteren. Mensen die de fysica zouden kunnen veranderen, worden nog afgestoten. Ik ben er zelf ook uitgestapt omdat ik niet goed werd van dat priesterachtige gedoe.”

Er is niets mis met de fysica zelf, benadrukt ze. Een vrouwelijke natuurkunde zou geen andere theorieën bevatten. “Het gaat om de houding van de fysici. Dat arrogante 'Wij weten wat goed is, geef ons dus maar geld'. Ik kan niet voorspellen welke invloed vrouwen op die houding zullen hebben, maar ik ben ervan overtuigd dat het vak weer contact met het normale leven zal krijgen.”

Ze memoreert de discussie van een paar jaar geleden in de Verenigde Staten over de bouw van een nieuwe deeltjesversneller. Het bouwwerk dat 13 miljard dollar zou kosten, moest het bestaan van het zogenoemde Higgs-deeltje aantonen. Dit Higgs-deeltje dat volgens sommige fysici de ontbrekende schakel is op weg naar de zogeheten 'theorie van alles', is zelfs al het God-deeltje genoemd.

De plannen voor de versneller zijn door het Amerikaanse Congres afgeblazen, maar Wertheim kan zich nog kwaad maken om zoveel hoogmoed. “Wat is dit voor een volk dat beweert dat we 13 miljard moeten neerleggen voor dat ene deeltje? Het doet me denken aan de decadentie van de katholieke kerk, toen er kathedralen gebouwd werden ter meerdere glorie van God. Toen was er een Luther nodig om de kerk te wijzen op haar wortels. De wetenschap kan ook wel een Luther gebruiken.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden