Review

Florence bloeit op in de vertellingen van Sacchetti

Franco Sacchetti: Florentijnse verhalen. Vert. Jan van der Haar. Ambo, Baarn; 304 blz. - ¿ 59,50.

Rome speelde overigens een ondergeschikte rol en de pausen waren bijna de hele veertiende eeuw naar Avignon verbannen. Daarnaast waren er de grote pestepidemieën, zoals die van 1348, toen meer dan de helft van de bevolking van Florence overleed. Dat alles drukte zijn stempel op een eeuw die desondanks de aanzet zou vormen tot de renaissance, en ook zelf schitterende kunstenaars voortbracht als Giotto en de drie literaire reuzen: Dante, Petrarca en Boccaccio.

Naast dit fameuze drietal zijn er nog een paar schrijvers uit die tijd bekend, die allemaal uit Toscane kwamen. Franco Sacchetti (ca. 1332-1400) werd weliswaar geboren in het huidige Dubrovnik, maar woonde bijna zijn hele leven in Florence. Zijn werk is het beste te vergelijken met dat van Boccaccio. De 'Trecento novelle' zijn nu in het Nederlands vertaald onder de titel 'Florentijnse verhalen'.

Sacchetti was koopman, politicus en uiteindelijk ook schrijver. Zijn driehonderd verhalen (het aantal is zeker niet toevallig) heeft hij aan het eind van zijn leven verzameld. De verhalen zijn niet geordend in een systeem, zoals de Decamerone, maar in groepjes, afhankelijk van het onderwerp of de verteller. Ook richtte Sacchetti zich niet, zoals Boccaccio, tot de hogere kringen. Zijn verhalen zijn minder subtiel en geraffineerd, en bestemd voor een eenvoudiger publiek.

In het voorwoord bij 'Trecento novelle' betoont Sacchetti zich een pessimist, niet verwonderlijk gezien de hachelijke tijden, zelf is hij waarschijnlijk ook aan de pest gestorven. Hij wil verhalen vertellen “die eenvoudig te begrijpen zijn, temeer als ze troost bieden, waardoor zich tussen leed een lach mengt”. Sommige heeft hij gehoord, zegt hij, en andere zelf meegemaakt. De meeste spelen zich af in Florence en hij refereert vaak aan bestaande personen of gebeurtenissen.

Van de driehonderd verhalen zijn er 223 overgebleven. Dat het er nog zo veel zijn mag een wonder heten; Sacchetti had maar één kopie van zijn werk. Voor deze uitgave is een selectie gemaakt en dat zal ook wel nodig zijn geweest. Sacchetti heeft waarschijnlijk moeite gehad de driehonderd vol te maken, waardoor niet alle verhalen van hetzelfde niveau zijn. De beste geven een amusant beeld van de mentaliteit, de gewoonten en het dagelijkse leven van zijn tijd. De novellen gaan over geld en liefde, dieven en kwakzalvers, edelen en armoedzaaiers, monniken en heiligen, of een combinatie hiervan.

Elk verhaal begint met een korte, vaak heel komische samenvatting en eindigt met een moraal. Dat laatste moeten we ons niet al te calvinistisch voorstellen. Integendeel zelfs. Het is vaak een vermaning aan de hoofdpersoon dat hij zich zo heeft laten beetnemen, of een filosofische bespiegeling over de wisselvalligheden van het lot.

De vertaling van Jan van der Haar is vlot leesbaar, maar niet altijd evenwichtig. Over het algemeen is de toon vrij gedragen, soms zelfs bijna bijbels (Het geviel dat. . .) maar zo nu en dan springen er heel moderne woorden uit. Storend vond ik de conjecturen die in de tekst zijn weergegeven. Het maakt de uitgave misschien wetenschappelijker, maar niet eleganter. Dit zijn slechts kleine kanttekeningen bij een boek dat verder zeker de moeite waard is.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden