Essay

Filosoof en fanatiek rijtjeshuisbewoner Pieter Hoexum ontdekte de aaibaarheid van een rieten dak

Hoe bijzonder het is om een echt dak boven je hoofd te hebben, ondervond filosoof Pieter Hoexum toen hij een tijdje onder een rieten dak logeerde. Hij wil het wel op z’n rijtjeshuis.

Ik logeerde eens een wintermaand in een huisje met een rieten dak. Het was sprookjesachtig mooi: bij aankomst sneeuwde het licht en leek het huis, met zijn besuikerde rieten dak, wel een behaaglijke bontjas waar ik meteen in wilde kruipen. Toen het na enkele dagen begon te dooien zat ik behaaglijk in een luie stoel bij het raam en zag smeltwater van het dak, dat tot over de ramen van de begane grond heen geplooid zat, druipen.

Ik ging naar buiten, liep eens om het huis heen en zag dat het huis geen dakgoot had, zoals gebruikelijk schijnt te zijn bij rieten daken, zo leerde een klein zoektocht op internet. Het water parelde van het rieten dak alsof het een vacht was. Met het donkerbruine, vochtig-glanzende riet zag het huis er uitermate aaibaar uit; ik moest me inhouden er niet zachtjes op te kloppen zoals op een paard of een hond.

Riet was in Nederland lang de meest gebruikelijke dakbedekking: ruim voorradig en dus goedkoop. Maar riet en stro zijn ook erg brandgevaarlijk en werden daarom aan het einde van de Middeleeuwen, toen er steden ontstonden waar de huizen steeds dichter op elkaar kwamen te staan, in die steden verboden. Het rieten dak werd daardoor vervolgens iets typisch ‘landelijks’.

Rijkeluis-nostalgie

Omdat zo’n dak nogal arbeidsintensief is en om de zoveel jaar vernieuwd moet worden, werd het ook steeds duurder en langzamerhand dus weer chic om je villa met riet te laten bedekken, die zodoende een landelijke uitstraling kreeg. Eerlijk gezegd vond ik dat altijd nogal aanstellerig en zag ik in huizen met rieten daken niets dan rijkeluis-nostalgie. Tot ik dus zelf onder een rieten dak had geslapen. Tijdens wandelingen in de buurt van het huisje lette ik steeds meer op andere daken. Vele waren van riet en ik begon ze steeds meer te waarderen, hoe buitenissig sommige ook waren.

Vreemd eigenlijk dat ik sowieso nooit eerder op daken had gelet of er over had nagedacht. Ik heb altijd veel waarde gehecht aan een dak, ik zou niet zonder kunnen en kan me niet herinneren ooit een hele nacht onder de blote hemel te hebben geslapen. Bij de padvinders maakten we soms wel van een grondzeil een heel eenvoudig onderkomen: je legt het zeil op de grond, vouwt het halverwege om en spant de bovenste helft ongeveer een meter omhoog naar touw dat je tussen twee bomen vastgebonden hebt. Zo ontstaat een ‘shelter’, dat weliswaar naar drie kanten open is, maar die je toch een droge plek om op te slapen en vooral onderdak biedt. Ik zou waarschijnlijk niet eens onder de blote hemel kunnen slapen - in een bed slaap ik eigenlijk altijd met mijn hoofd grotendeels onder de deken, of als het warm is onder een laken.

Het moet de schuld van de modernistische architecten zijn geweest dat het dak uit het zicht en uit onze gedachten is verdwenen, ook de mijne. Deze architectuurstijl ontstond in de jaren twintig met het verwerpen van ornamenten en versieringen en promoten van het gebruik van sobere, geometrische basisvormen en van moderne materialen zoals gewapend beton, staal en veel glas, heel veel glas. Alles wat niet modernistisch was, werd verketterd. Merkwaardig genoeg spitste de discussie zich toe op het dak: dat moest van de modernisten per se plat zijn. Een plat dak was goed en een schuin dak fout, en fout betekent ook echt fout... eigenlijk werd een schuin dak als fascistisch beschouwd.

Dakloze

Hoe bizar ik deze manier van denken ook vond, als puntje bij paaltje komt, kies ik min of meer vanzelfsprekend de kant van de modernisten - wie is er nu tegen vooruitgang? Maar wat het dak betreft hadden de modernisten misschien wel gewoon ongelijk. Is een plat dak wel een dak, is het niet het elimineren van het dak, of in elk geval onzichtbaar maken? En dat terwijl een dak zo belangrijk is. Een thuisloze wordt niet voor niets ook wel een dakloze genoemd - omgekeerd kun je zeggen dat een ‘dakloze’, een bewoner van een huis zonder expliciet dak, een thuisloze is.

Er zijn in Nederland veel rijtjeshuizen-met-plat-dak gebouwd. Ze hebben ook praktische voordelen, zo kun je er gemakkelijk een laag op bouwen en zijn er makkelijker zonnepanelen op te plaatsen (dat wil zeggen, ze zijn eenvoudiger op de zon te richten). De rijtjeshuizen in de vinexwijken uit de jaren negentig hebben opvallend vaker een plat dak dan in de wijken uit de decennia daarvoor. Bij terugkomst in mijn rijtjeshuis in onze vinexwijk was ik extra tevreden met ons schuine dak, ook al was die bedekt met pannen. Er schijnen rijtjeshuizen met rieten dak te zijn. Dat wil ik stiekem ook wel. Ik zal eens informeren.

Er is veel gefilosofeerd over de oervorm van het huis en van architectuur in het algemeen. Dat zou de hut zijn, maar langzamerhand begin ik te denken dat de oervorm de tent is. Uiteindelijk is een huis niets meer dan een tent, een scherm. Het beschermt de bewoner niet alleen tegen regen wind en ander ongerief, maar voorziet ook in een meer immateriële behoeften, in een oerbehoefte, of: kinderlijke behoefte (wat wellicht hetzelfde is), namelijk de behoefte toegedekt te worden.

In elk geval is het dak wat mij betreft belangrijker dan de fundamenten. Ik zoek in een huis niet zozeer vastigheid, als wel beschutting. Een huis beschermt je niet alleen tegen de elementen, maar ook tegen de ruimte. Aan wanden alleen heb je niet genoeg, dan nog heb je gapende leegte boven je. ‘De ruimte is voor ons te groot, wij gaan erin verloren. Daarom grenzen wij een gedeelte af om daar thuis te zijn (...)’, schreef psycholoog Johannes Linschoten eind jaren vijftig, in een essay getiteld: ‘Wat is wonen?’. Dat had Linschoten goed gezien, wonen is jezelf geborgen en behouden weten. Wonen is onderdak hebben.

Lees ook:

Essent vervangt asbestdaken gratis door zonnepanelen (en houdt de stroom)

Eind 2024 moeten alle daken asbestvrij zijn. Voor eigenaren van een verontreinigd stal- of schuurdak geen sinecure. Essent biedt hun gratis nieuwe daken vol zonnepanelen. En dan houdt het zelf de groene stroom.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden