Klassiek & zo Peter van der Lint

Er valt genoeg te lachen in de klassieke muziek

Humor in de klassieke muziek. Best een lastig onderwerp. Want vaak ligt die humor achter de notenbalken verscholen, alleen te begrijpen voor ingevoerden. Zoals die waarin Mozart de draak steekt met de elite van zijn tijd (de adel) in ‘Le nozze di Figaro’. Tijdgenoten pikten het spottende van die adellijke menuetten feilloos op, tegenwoordig moet je ervoor doorgeleerd hebben.

Bij hedendaagse muziek gaat het al wat makkelijker. Zo presenteerde het Concertgebouworkest donderdag het operaatje ‘The Stronger’ van Gerald Barry, gebaseerd op een ­toneelstuk van Strindberg. Een hilarische monoloog van een bedrogen vrouw, die er uiteindelijk als ‘de sterkere’ uitkomt. Kerstin Avemo zong de rol hilarisch goed. Hoe onthoud je al die tekst en noten? Gekke ­muziek, in nog gekkere stukken ­gehakt, die menigmaal een glimlach om de mond toverde. Avemo’s onophoudelijke gebabbel, doorspekt met korte, stratosferische topnootjes, kreeg zo op het oor supersimpele ­begeleidingen. Maten lang heen en weer pendelende noten, en dan ineens knotsgekke brullende koperfanfares ertussendoor.

Thomas Adès, zelf niet wars van een geintje op zijn tijd, dirigeerde het orkest met overgave. Zoals hij na de pauze ook zijn eigen ‘Luxury Suite from Powder her Face’ met gretigheid leidde. Adès’ kameropera ‘Powder her Face’ was in 1995 meteen een hit, en de orkestrale suite eruit is dat al evenzeer. Wat Ravel in ‘La valse’ met de wals deed, doet Adès met de tango: hij haalt de ­karakteristieke elementen van de dans uit elkaar en last ze op een vreemde manier weer aan elkaar. En dat werkt echt op de lachspieren.

Probeer maar eens stoïcijns te blijven bij zoveel humor

Powder her Face is gebaseerd op de Duchess of Argyll, die een leven leidde waar de Britse schandaalpers jarenlang van smulde. Vergelijkbaar met de schandalen rond Napoleon III en zijn vele maîtresses. Met één ervan, de Spaanse Eugenia, trouwde hij uiteindelijk, wat in ­Pa­rijs leidde tot onnoemelijk veel geklets en ­parodieën. Zo is de heerlijke operette ‘La Périchole’ van Jacques ­Offenbach duidelijk gebaseerd op deze geschiedenis, en dat werd door Parijzenaars feilloos opgepikt.

De Duitse zender WDR3 houdt ook van humor in klassieke muziek en viert de 200ste geboortedag van Jacques Offenbach met dit soort plaatjes.

Offenbach werd 200 jaar geleden geboren, en dat viert de muziekwereld. Als er een componist is die ­humor tot zijn handelsmerk maakte, dan is het Offenbach wel. Maar op de Salzburger Festspiele leidde dat deze zomer tot een absoluut niet-leuke ‘Orphée aux Enfers’. Misschien omdat wij de connotaties niet meer begrijpen, en omdat het toevoegen van je eigen laag humor aan die van Offenbach, wat regisseur Barrie Kosky schaamteloos deed, ­gedoemd is te mislukken. Heel wat leuker is de nieuwe cd van ‘La Périchole’, live opgenomen in Bordeaux onder leiding van Offenbach-specialist Marc Minkowski. Een geweldige uitvoering met Aude Extrémo als een zeer verrassende Périchole. Ze zingt haar beroemde dronken coupletten ‘Ah! quel diner je viens de faire’ met grote klasse.

Heel wat minder ingetogen is de Russische versie van operettester Claudia Novikova. Ik hoorde die ­opname uit de jaren dertig voor het eerst op de onvolprezen EMI-collectie ‘The Record of Singing’. Novikova lardeert haar zang met aanstekelijke lachsalvo’s, die werkelijk uit haar middenrif opborrelen. Het fragment is op YouTube makkelijk te vinden. Probeer maar eens stoïcijns te blijven bij zoveel humor. Nog steeds lach ik als vanzelf met haar mee.

Peter van der Lint schrijft iedere week met aanstekelijk enthousiasme over de wereld van de klassieke muziek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden