Review

Effe snel een stevig staatje bouwen

Het is niet mogelijk de geschiedenis over te slaan. Als een gebied geen stevige staat heeft voortgebracht, kan een econoom in Washington daar niet even snel in voorzien, zegt Francis Fukuyama in zijn jongste boek, dat onlangs werd vertaald.

S inds 1989 slaagt de Amerikaanse politieke wetenschapper Francis Fukuyama er in om zo ongeveer elke drie jaar een bestseller te produceren.

Het begon met ' Het einde van de geschiedenis en de laatste mens': met de ineenstorting van het communisme (' de val van de Muur') is de geschiedenis van de politieke systemen aan haar einde gekomen; de democratische, liberale en kapitalistische maatschappelijke ordening heeft definitief over haar laatste rivaal gezegevierd, iets beters dan die ordening is er niet te bedenken.

Gemakzuchtige critici hebben Fukuyama's betoog verdraaid tot de stelling dat de ' echte' geschiedenis van strijd en geweld ten einde is. Maar dat schreef hij niet. Wel dat er geen hoger maatschappelijk doel dan de liberale staat bedacht en nagestreefd kon worden.

Na deze eerste mondiale bestseller volgden nog twee andere goed ontvangen boeken op zijn eigen vakgebied. In ' Vertrouwen' ging hij in op de vaak vergeten maar onmisbarebasis van elke staats-en marktorde.

' De grote breuk' gaat over de negatieve gevolgen van de revolutionaire jaren zestig en zeventig. Met ' De nieuwe mens' begaf Fukuyama zich op ander terrein: hij keerde zich fel tegen de medisch-genetische ontwikkelingen die onze menselijke integriteit en natuur zouden aantasten.

Met het verleden jaar verschenen ' State building', onlangs vertaald als ' Het bouwen van een staat', begeeft Fukuyama zich weer op bekend politicologisch terrein. Weer slaagt hij erin om één van de grootste hedendaagse maatschappelijke vragen op heldere en verrassende wijze te belichten.

Het gaat om het probleem van de zogenaamde zwakke of mislukte staten. In veel landen in de derde wereld en in Oost-Europa is het proces van staatsvorming, dat West-Europa en Noord-Amerika vooral in de 19de eeuw hebben doorgemaakt, nooit goed op gang gekomen. Dat betekende ook dat het opbouwen en verdelen van een stabiele welvaart slecht van de grond kwam. Zolang dat een zaak was van de betrokken landen zelf, kon men dat betreuren, maar er was weinig aan te doen. Staten zijn in het huidige wereldsysteem nu eenmaal soeverein. Wie, hoe goed bedoeld ook, van buitenaf ingrijpt, schept een precedent dat internationaal geweld vrij spel geeft.

De afgelopen tien jaar is het echter duidelijk geworden dat mislukte staten een bedreiging zijn voor de wereldorde. Dat begon in de jaren negentig van de vorige eeuw op de Balkan, in de Kaukasus en Centraal-Azië; het werd een onontkoombare realiteit na de aanslagen van 11 september. De mislukte staat Afghanistan bood een beweging als Al-Kaida immers alle ruimte om de aanslagen

rustig voor te bereiden.

Sindsdien hebben we verschillende al dan niet gelegitimeerde, ' humanitair' genoemde, militaire interventies in mislukte staten meegemaakt. Die in Irak is nog gaande, die in Afghanistan eigenlijk ook. Officieel doel daarbij is steeds ' state building', het opbouwen van een staat. Is dat een haalbaar en realistisch doel?

In drie hoofdstukken probeert Fukuyama een antwoord op deze vraag te geven. In het eerste hoofdstuk analyseert hij nauwkeurig waarin zwakke staten falen. Hij maakt duidelijk dat ontwikkelingshulp weinig helpt om duurzame verbeteringen te realiseren zolang de staatsstructuur niet verandert.

In het tweede hoofdstuk laat Fukuyama op alle denkbare manieren zien dat de buitenwereld zwak openbaar bestuur niet zo maar even verbetert. Vooral economen krijgen ervan langs, omdat hun vaak simplistische voorstellen geen rekening houden met de cultuur en traditie van de landen waar zij zich op richten.

Het derde hoofdstuk, tenslotte, laat zien welke problemen zo onstaan op het gebied van internationale samenwerking en internationale rechtsorde. Verrassend is, hoe Fukuyama de verschillende visies van Europa en de Verenigde Staten naast elkaar legt en bespreekt.

Is hij er dus weer in geslaagd een bestseller te schrijven? Ondanks de wereldwijde lof die Fukuyama ten deel valt, zeg ik daarop toch niet volmondig ja. Dat komt vooral door het tweede hoofdstuk, dat is duidelijk ' werk in uitvoering'. Onbedoeld geeft het een goed inzicht in de werkwijze van Fukuyama en andere Amerikaanse topwetenschappers. Volgens deze methode brengen onderzoeksassistenten # Fukuyama bedankt er maar liefst vier # het materiaal voor een nieuw boek bijeen, dat de meester vervolgens met behulp van zijn veronderstelde superieure over-en inzicht verwerkt. Maar dat is precies wat hier níet is gebeurd: het materiaal is ruw gebleven, een heldere lijn ontbreekt.

Dit ongewilde kijkje in de keuken vergalt soms het leesplezier, maar doet uiteindelijk weinig af aan het grote belang van dit boek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden