Klein Verslag

Een vrouw, een traan van oog tot kinlijn, luistert naar de Cello Suite No. 1

Beeld rv

Aan mijn bureau. Stapels kranten links, stapels kranten rechts. Opengeslagen 'Voss' (1957) van Patrick White. Voor me oprijzend, de wand met boeken op hun zwevend aangebrachte planken van multiplex.

Witte Donderdag.
Koptelefoon.
Ingetikt op YouTube.
Kremer, Chaconne.
Een man met een viool, staand voor een verguld altaar.

Het Duitse weekblad Die Zeit bracht tien pagina's over Bach. Bij de tekst stonden portretten afgedrukt van mensen die, met een koptelefoon op, naar Bach luisterden.

Gesloten ogen.
Bij een vrouw liep een traan van haar oog tot haar kinlijn. Ze luisterde naar de Cello Suite No. 1. En dacht aan haar grootvader die Bach vereerde.
Moet je huilen van Bach?
De Matthäus?

Wolfgang Schäuble niet. President van de Bondsdag, oud-minister van financiën.
'Huilen is niet bepaald mijn sterkste kant. Ik ben op een andere manier aangedaan.'
Die Zeit: 'Hoe moeten we ons dat voorstellen?'
Schäuble: 'Es wird still in mir.'
Hij had al verteld waar hij de Matthäus het liefste hoort.
In de kerk.
In de vastentijd voor Pasen, in de Freiburger Münster.
'Daar zijn de banken hard en het is er koud.'

Bach is lijden.
En troost vinden.
En nog veel meer.

In het hoofd stroomt Bachs Chaconne, een dans oorspronkelijk. Hier een dans op vier snaren.

Gidon Kremer, de man voor het vergulde altaar van de Nicolaaskerk in Wenen, staat op een kleedje.
Buigt knie en voet.
De Chaconne.
Geschreven in 1720, in een gat dat Köthen heet.
Brahms ontdekte het muziekstuk in 1877. Had hij het geschreven, schreef hij aan Clara Schumann, dan zou hij waanzinnig geworden zijn. Zo onbegrijpelijk groot was de muziek.
En Bach zelf, schreef Die Zeit, zou hij hebben kunnen vermoeden dat latere generaties de Chaconne zouden zien als een van de grootste scheppingen van de mens?

In het hoofd vioolmuziek.
Vijftien minuten. Speels, licht, ritmisch, uitbundig, zacht.
Eén viool. Vier snaren.
Vier dalende tonen.
En dan, notenslierten, meerstemmigheid, de viool wordt een orkest.
Een transcendentie.

De Britse concertpianist James Rhodes komt aan het woord. Hij weet nog wanneer hij de Chaconne voor het eerst hoorde.
Hij was zeven.
'De muziek was zo oneindig veel dieper dan wat ik ooit had gehoord, hij bevatte al het denkbare menselijke gevoel. Ik wist toen dat er in de wereld iets goeds moest zijn.'
James Rhodes werd tussen zijn zesde en zijn tiende levensjaar ontelbare malen verkracht door een gymleraar.
Werd junkie, psychiatrisch patiënt.
Maar er was Bach.

In White's roman Voss lees ik, stil geworden: For, in the end, everything was of flesh, the soul elliptical in shape.

Met het oog van een antropoloog en de pen van een dichter doet Wim Boevink dagelijks verslag over de grote en kleine wereld om hem heen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden