Een verzamelaar met romantische trekjes fotobijschriften:

Hoewel hij regelmatig delen van zijn verzameling beeldende kunst voor tentoonstellingen uitleent, komt het zelden tot een breder overzicht in een museaal kader. Over de omvangrijke maar verder vrij onbekende Caldic Collectie van de Rotterdamse zakenman Joop van Caldenborgh, doen dan ook de wildste geruchten. Feit is dat hij tot de belangrijkste Nederlandse particuliere verzamelaars behoort, waarbij de toevoeging 'van moderne kunst' nadere toelichting verdient.

Dat geldt bijvoorbeeld bij het zien van de tentoonstelling in het Larense Singer Museum. Ook nu is er geen sprake van een al omvattend beeld dat de collectie te zien zou geven. Eerder gaat het om deelaspecten in de verzameling. Die laten evenwel onvermoede kanten van de collectionneur zien. Want behalve dat een gepassionneerd vergaarder van eigentijdse kunst is Van Caldenborgh ook een romanticus.

Het Singer zou het Singer niet zijn als het dit eerste overzicht niet zou toesnijden op die periodes die in het eigen museum vaak zo mooi aan de orde worden gesteld. Dus ligt ook nu het accent op de late 19de eeuw en het begin van de 20ste eeuw, met een welvoorzien overzicht van het interbellum, in het bijzonder waar het om de magisch realisten gaat. Want dat is de meest verrassende uitkomst van deze tentoonstelling die haar wortels heeft in het Hollandse impressionisme, het realisme en de daarop volgende Nieuwe zakelijkheid.

Juist om dat karakter in de collectie-presentatie te versterken confronteert het Singer Van Caldenborgh met zijn eigen bezit. Een Rotterdamse Sluyters krijgt een Larense pendant, Breitner en Hynckes idem dito. Dat geeft verrassende uitkomsten: van Hynckes heeft zowel Van Caldenborgh als het Singer een stilleven met vissen. De Hynckes uit Rotterdam heeft grote museale kwaliteiten. Pyke Koch, ook een magisch realist, excelleert bij Van Caldenborgh met een complete 'vier seizoenen reeks', een van de twee keren dat hij dat deed.

Natuurlijk ontkomt Van Caldenborgh als particulier collectionneur er niet aan dat hij af en toe uit sentimentele redenen verzamelt. Zo wil hij van kunst van voor de Tweede Wereldoorlog uitsluitend werk van Nederlandse makelij hebben. Ook daarin laat hij eerder zijn gevoel dan een weloverwogen en beredeneerbare selectie overheersen. Zo houdt hij van sfeervolle, soms wat al te zoete wintergezichten, zoals die door schilders als Louis Apol en Gerhard Morgenstjerne Munthe zijn gemaakt. Maar daarnaast toont hij van de latere abstracte schilders als Mondriaan en Van der Leck alleen werk uit hun figuratieve periode.

Expressionistische scholen als Bergen en Domburg vallen goed bij hem in de smaak, maar van een vooruitstrevende en expressieve beweging als de Cobra-groep ontbreekt elk spoor. Althans, in het Singer. Een eind-conclusie omtrent het aankoopkarakter van de verzamelaar moet dan ook worden opgeschort.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden