Beeld Trouw

Klassiek & zoPeter van der Lint

Een verboden staande ovatie voor een historisch concertprogramma

Het voelde alweer iets normaler in het Concertgebouw. Niet meer dat absurde aantal van dertig bezoekers, die steeds geheel en al door de Grote Zaal opgeslokt werden, maar een kleine vierhonderd. Woensdag, bij het openingsconcert van de BankGiroLoterij ZomerSessies voelde je als het ware de zucht van verlichting bij die bezoekers. En bij Arthur en Lucas Jussen, die de serie openden. “Jullie zijn maar met 350 man”, riep een van de Jussens zijn gehoor na afloop toe, “maar jullie klinken als 2200.” Wel liepen de fantastisch spelende pianobroers een staande ovatie mis. Dat is in de nieuwe protocollen verboden. Ze hadden hem overigens dubbel en dwars verdiend voor hun magnifieke en geconcentreerde optreden in Mozart, Schubert, Ravel en Kulenty. Spetterend symbiotisch spel waar geen speld tussen te krijgen viel.

In de Nationale Opera & Ballet gelden weer andere regels. Daar stonden de bezoekers een dag later spontaan op om te klappen voor sopraan Lenneke Ruiten en haar pianist Thom Janssen. We moeten Ruiten nu toch echt de enige echte erfgenaam van Elly Ameling noemen. Haar recital ging van hoogtepunt naar hoogtepunt. De vier ‘Mignon’- liederen van Hugo Wolf kwamen in deze uitvoering stuk voor stuk uit de hogeschool van de liedkunst. Onvergetelijk aangrijpend en mooi.

Arthur en Lucas Jussen tijdens het openingsconcert van de BankGiroLoterij ZomerSessies in het Concertgebouw.Beeld Eduardus Lee

Zwarte componisten

Wie van mij bij voorbaat een staande ovatie krijgt, ook al mag het niet, is Karina Canellakis. Zondag dirigeert zij in het Concertgebouw haar Radio Filharmonisch Orkest (RFO) in een programma dat nu al historisch genoemd kan worden. De dirigent zelf benadrukt dat ze absoluut niet de bedoeling heeft om een politiek statement te maken. Maar dat zij twee composities van twee zwarte Amerikaanse componisten laat uitvoeren, is in het licht van de tijd op zijn minst opzienbarend.

“Het wordt weleens tijd”, zegt Canellakis, “dat we ons, zeker in Europa, realiseren dat er ook nog andere muziek bestaat. Ik vind het ongelofelijk dat het RFO nog nooit muziek heeft gespeeld van William Grant Still. En niet alleen het RFO, maar geen enkel ander orkest in Nederland zette ooit muziek van hem op het programma. En het RFO is bij uitstek een orkest om dat nu te doen, gezien de geschiedenis die het heeft in het uitvoeren van onbekende en nieuwe muziek. We moeten ons bewust worden dat we de diversiteit in de concertzaal missen. Dat kan niet van de ene op de andere dag veranderen, maar laten we er in ieder geval bij stilstaan.”

Zondag klinkt het laatste deel uit Stills Eerste symfonie, de ‘Afro-American Symphony’, dus voor het eerst in Nederland. Canellakis: “Still schreef die symfonie in 1930, niet zo lang na de Civil War. Hij dirigeerde die symfonie zelf in het diepe Zuiden van de States, in New Orleans, waar het racisme heel heftig was. Ik hou van deze muziek, raak ontroerd. Still zelf wilde louter het gevoel van hartepijn illustreren. Ik denk aan de liederen van de slaven in het veld, aan de weerbaarheid van deze mensen om door te leven en er iets moois van te maken.

“Maar in de geest van Still wil ik het niet te zwaar maken, het is maar muziek. Ik kan laten horen hoe belangrijk deze muziek is en dat we er niet op moeten neerkijken. Beethoven en Brahms zijn de goden in mijn leven, maar er is zoveel meer. De muziek van George Walker bijvoorbeeld, die we zondag ook spelen. Het zal tijd worden.”

Peter van der Lint schrijft iedere week met aanstekelijk enthousiasme over de wereld van de klassieke muziek. Lees zijn columns hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden