Josephine Rombouts: ‘Eerst voelde ik me niet gelukkig op Cliffrock Castle. Tot ik besloot om het spel volledig mee te spelen.’

Interview Josephine Rombouts

Een soort Downton Abbey met hindernissen

Josephine Rombouts: ‘Eerst voelde ik me niet gelukkig op Cliffrock Castle. Tot ik besloot om het spel volledig mee te spelen.’ Beeld Inge van Mill

Overleven in een wereld van links serveren, rechts wegnemen en ladies first: Josephine Rombouts schreef een nieuw boek over haar werk voor een Schots adellijk paar. ‘Het is een andere wereld, je komt er niet met je Hollandse botheid.’

 Een willekeurige ochtend op een kasteel in Schotland. De kasteelheer tegen zijn huishoudster: “Ah, Josephine, we hadden gisteren het haardvuur aan in de bibliotheek.” Josephine: “Het was inderdaad een beetje fris.” Kasteelheer: “Dat was het inderdaad. Nou, we zullen misschien de haard deze week weer eens gebruiken.” Josephine: “Ja, het weer schijnt er niet beter op te worden.”

De geoefende lezer van ‘Cliffrock Castle’ weet inmiddels dat na zo’n op het eerste gezicht onschuldige conversatie iets ‘verschrikkelijks’ volgt, althans binnen de context van Brits-aristocratische gedragscodes. “Vanwaar die bijna verwijtende blik? Wat heb ik verkeerd gezegd?”, vraagt Josephine zich koortsachtig af. Dan volgt de ontknoping. De kasteelheer: “Misschien kun je de haard schoonmaken?”

Spanning doorbroken, raadsel opgelost. Het gaat in dit Schotse kasteel om fingerspitzengefühl. Een wisselende oogopslag, een lichte stembuiging, alles heeft hier een diepere betekenis. En Josephine mag uit die brei van subtiliteiten opmaken wat van haar wordt verlangd. Josephine Rombouts (pseudoniem) schreef er vorig jaar een kostelijk boek over vol droge humor en zelfspot, en nu is, weer bij Querido, deel twee verschenen: ‘Terug naar Cliffrock Castle’. Het autobiografische relaas van een Haagse neerlandica in dienst van een adellijke familie overzee.

Rombouts kwam er zes jaar geleden terecht, nadat haar man, Tjibbe in het boek, een baan kreeg als pianodocent in Glasgow. Om voldoende brood op de plank te krijgen voor haar gezin met twee schoolgaande zoons, besloot ze de baan als huishoudster te accepteren. In deel twee is ze intussen gepromoveerd tot personal assistent (p.a.) van her ladyship, maar de vraag blijft: hoe was het om als hoogopgeleide vrouw (naast Nederlands een studie kunstgeschiedenis) vloeren te schrobben op een schiereiland aan de westkust van Schotland?

“Tja, dat was niet makkelijk”, erkent Rombouts (48). “Binnen was het donker, buiten regende het, en dan tegels boenen… Ik schaamde me aanvankelijk ook een beetje. Maar het moest wel. We hadden het geld hard nodig, en dit kwam op mijn pad.” Om zichzelf terug te vinden, hield ze een dagboek bij over haar werk. “Elke ochtend van vijf tot zeven uur zat ik te schrijven. Dat was voor mij het hoogtepunt van de dag.”

Beeld Inge van Mill

Kon ze leven met het standsverschil van upstairs, downstairs? “Het was iets wat ik niet kende, en ik kon er moeilijk aan wennen dat de persoonlijke band het nooit won van het standsverschil. Bij mijn afscheid zei landgoedbeheerder Ian: ‘Ze droeg je op handen’. Had ik dat maar eerder geweten. Dan had ik wat meer ontspannen kunnen genieten. Ik dacht vaak dat mijn betrekking aan een zijden draadje hing.”

Terug in Nederland ontstond het idee om een boek te maken. Van deel één van Cliffrock Castle zijn onderhand twintigduizend exemplaren verkocht, het is een bestseller. Vanwaar dat succes? Rombouts: “Het is een soort ‘Downton Abbey’ met hindernissen, dat intrigeert mensen: de Britse upperclass, maar dan gesitueerd in de ruige highlands van Schotland. Voor vrouwelijke lezers is het bovendien een coming-of-age-boek, zo hoor ik. Een genre dat we van mannelijke auteurs als Tommy Wieringa en Peter Buwalda zo goed kennen. Alleen is mijn ontwikkelingsgang heel anders geweest. Samen met her ladyship was ik de enige vrouw in een mannenwereld. Dankzij haar werd ik p.a., en ik heb het gevoel dat we samen meer voor elkaar hebben kunnen krijgen dan ieder van ons voor zich.

“Het gaat in mijn boek vaak om kleine dingen. Het kasteel wordt verbouwd en her ladyship wil in het trappenhuis een kroonluchter. De mannelijke medewerkers zijn daar tegen, en kiezen voor spotjes, maar dankzij het samenspel van twee vrouwen wordt het toch die kroonluchter. En dat de gang uiteindelijk knalroze is geworden, is in die masculiene omgeving niet minder dan een ludiek statement.”

Beeld Inge Van Mill

Mannenwereld

Heeft Rombouts een steen in de rivier verlegd? “Dat mag je zo zeggen. Ik denk dat mijn kleine verhaal ook een groter verhaal vertelt: de highlands met hun geschiedenis van mannelijke hiërarchie, de Schotse clanhoofden die tot in de achttiende eeuw alles voor het zeggen hadden. De enige vrouw die er ooit de scepter zwaaide was Mary, Queen of Scots. Nou, we weten hoe het met haar is afgelopen (ze werd onthoofd, WP). Een mannenwereld is Schotland nog steeds. Op het kasteel: de landgoedbeheerder, de jager en de boer, allemaal mannen. Maar vrouwen kunnen iets voor elkaar krijgen mits ze goed samenwerken.”

En als ze elkaar begrijpen. De opdrachten van de kasteelvrouw aan haar p.a. waren dikwijls zo cryptisch, dat Josephine bij landgoedbeheerder Ian te rade moest om ze te kunnen ontcijferen. Deze Ian – wegens diens sleutelrol beter bekend als de Factor – schotelt Josephine een hilarische, bijna wiskundige kansberekening voor: registreer het gat (in de conversatie met de kasteelvrouw, WP), definieer de verwachting en probeer uit te vinden of jouw aanname van haar aanname klopt. Wat in de praktijk meestal neerkwam op proberen aan te voelen wat de kasteelvrouw voelde. Rombouts: “Het aangepaste verbouwingsplan van het kasteel werd door her ladyship met exact drie woorden verwelkomd: “Love It! Costing?” Op die karige e-mail mocht de Factor een geheel nieuw begrotingsplan baseren.

Bijtgrage terriër

“Natuurlijk brak het zweet je af en toe uit, maar het was ook een feest om met de taal te spelen. Zoals die keer dat de terriër van de kasteelvrouw, Napoleon, in de hand van de postbode had gebeten. Om te voorkomen dat Napoleon in het vervolg nog naar buiten zou kunnen rennen, wilde de kasteelvrouw alle antieke buitendeuren in tweeën laten zagen, zodat bij het openen de onderste helft gesloten kon blijven. Dat viel niet in goede aarde bij de Factor. Zal ik de kasteelvrouw vertellen dat je hierover niet enthousiast bent, stelde ik hem voor. Nee, reageerde hij, doe het anders. En hij dicteerde: ‘Zeg haar dat ik bezorgd ben over het welzijn van de gebruikers als we ingrijpende veranderingen aan de deuren gaan invoeren.’ Dat zinnetje heb ik letterlijk overgebracht aan de kasteelvrouw. De deuren werden uiteindelijk niet doormidden gezaagd. Het is een andere wereld, je komt er niet met je Hollandse botheid.”

Tijdens haar vijf jaar op Cliffrock Castle – een verzonnen naam, om de familie te beschermen – groeide Rombouts in haar rol. “Aanvankelijk voelde ik me niet erg gelukkig. Totdat ik het bellenbord aan gruzelementen liet vallen, ik beschrijf het in deel één. Dat ongeluk heb ik uitgelegd als: stop met je verzet tegen de realiteit. Vanaf dat moment besloot ik het spel volledig mee te spelen. En ik genóót ervan! Een inspectieronde deed ik met militaire precisie. En als de kasteelvrouw er niet was, nam ik de telefoon op zoals Hyacinth Bucket in ‘Keeping up appearances’: ‘Cliffrock Castle, the housekeeper speaking, how can I help you?’ In het bijzijn van de kasteelvrouw liet ik me niet meer verleiden tot gezellige praatjes. Het stak me nogal dat zij mij bij mijn voornaam noemde, terwijl ik voortdurend ‘her ladyship’ moest zeggen. Ik dacht: dan doen we álles formeel, en niet alleen op momenten dat het u uitkomt. Na vijf jaar concludeerde ze: ik heb nog nooit zo’n formele huishoudster gehad.”

En zo bleef Josephine Rombouts, balancerend tussen parodie en dodelijke ernst, en met de onmisbare steun van ‘The butler’s guide to running the home and other graces’ van Stanley Ager, overeind in een wereld van links serveren, rechts wegnemen en ladies first. Ze beschrijft het milieu der edelen met een perfect oog voor detail, waardoor zelfs het optrekken van een wenkbrauw door her ladyship een belevenis van formaat wordt. Rombouts: “Vanaf mijn jeugd lees ik graag Jane Austen, Charlotte Brontë en Belle van Zuylen. Ik herken me in hun kijk op de wereld: het observeren van menselijke interacties, en de subtiliteit daarvan.”

Escapisme

Zijn Rombouts’ boeken, net als de tv-serie en film Downton Abbey, mogelijk mede geliefd omdat ze een kans bieden tot escapisme? Vanuit een verwarrende eeuw, waarin niets meer zeker is, vluchten naar een tijd waarin ‘alles vastlag en ieder zijn plaats wist?’ Rombouts: “Misschien in die zin dat mijn boeken gaan over kleine gemeenschappen waarvan de inwoners zich nuttig maken voor een groter geheel. We leven nu in een individualistischer tijd. Het zou kunnen dat saamhorigheid meer appelleert aan het gevoel dan individualisme. Bij mij is dat wel zo. Ik merkte dat ik het fijn vond om dienstbaar te zijn aan een gemeenschap. Dat was voor mij de grootste verrassing van vijf jaar Schotse hooglanden.”

Na deel twee volgen vermoedelijk nog twee delen. Er wordt zelfs al gesproken over een verfilming. Het kasteelpaar en alle mensen om hen heen weten van boek noch filmplan. Rombouts: “Ik houd dat zo. Het is een geheel geanonimiseerd verhaal waarin zelfs de hond is veranderd. Dus, geen voyeurisme, maar een subjectief portret van een klasse. Daarom zal ik de familie en al die anderen – van postbode tot jachtopziener – niet inlichten. Heeft Meryl Streep Anna Wintour toestemming gevraagd om haar te spelen in de film ‘The devil wears Prada?’”

Achterin Terug naar Cliffrock Castle noteert Rombouts de deskundigheden die ze tijdens vijf jaar Schotse hooglanden heeft verworven, waaronder: vaardig in het aansturen van schoorsteenvegers en converseren zonder te verraden wat je denkt. Ze hoopte er wat aan te hebben bij sollicitaties in Nederland. Uiteindelijk werd ze taaldocent en ­columnist van NRC Handelsblad.

Josephine Rombouts

Josephine Rombouts (Den Haag, 1971, pseudoniem) studeerde Nederlands en kunstgeschiedenis aan de universiteit van Leiden. Ze gaf taaltrainingen aan expats, dansers en musici. Van 2014 tot en met 2018 werkte ze op een adellijk Schots kasteel achtereenvolgens als huishoudster, manager en personal assistent van de kasteelvrouw. Vorig jaar verscheen daarover haar bestseller ‘Cliffrock Castle’, deze maand gevolgd door deel twee: ‘Terug naar Cliffrock Castle’. Terug in Nederland geeft Rombouts weer taaltrainingen aan expats. Tevens is ze museumdocent in het Zeeuws Museum. Op dinsdag schrijft ze een column in NRC Handelsblad over haar werk onder expats.

Josephine Rombouts - Terug naar Cliffrock Castle - (Querido, 344 pag., 20,99 euro)

Lees ook:

Dit zijn de echte bewoners van ‘Downton Abbey’

Sinds de serie (en nu ook film) ‘Downton Abbey’ zijn Britse landhuizen gewilder dan ooit. Louël de Jong bezocht afgelopen weekend de bewoners van Highclere Castle, het kasteel waar film en serie zijn opgenomen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden