Review

Een robot in Japan

Cultuur is duf, strips zijn leuk, het leven is saai, vindt de hoofdpersoon uit Paul Mennes’ zesde roman. De auteur voegt aan die visie weinig diepgang toe.

Paul Mennes (1967) is de Vlaamse tegenvoeter van onze eigen Ronald Giphart. Beider boeken offeren ostentatief aan hedendaagse oppervlakteverschijnselen – film, strips, seks – in een doe-maar-gewoonstijl met hier en daar wat humoristische uitschieters. Waar laatstgenoemde als romanschrijver intussen nauwelijks meer van zich laat horen, schrijft Mennes nog vrolijk door.

In zijn jongste, zesde roman, ’Het konijn op de maan’, tekent hij de wederwaardigheden op van een Belgische bezoeker van de Japanse stad Osaka, ongetwijfeld gebaseerd op zijn eigen ervaringen aldaar.

Samuel Penn (anagram van Paul Mennes), liefhebber van mangastrips en andere hedendaags Japans erfgoed, heeft in België het Japanse meisje Midori opgeduikeld en vertrekt met haar naar haar vaderland, alwaar hij stuit op de merkwaardig gesloten, formele samenleving die hem hardnekkig als buitenstaander blijft zien. Aan het eind van de geschiedenis keert hij min of meer ontgoocheld weer terug naar België. Missie niet geslaagd.

Dat is heel in het kort het geraamte van deze roman, en veel meer vlees zit er ook eerlijk gezegd niet aan. Geheel in de trant van zijn vroegere werk hoedt Mennes zich ervoor af te dalen in enige diepte, in dit geval die van de Japanse cultuur. Met haast sardonisch genoegen blijft hij steken in particuliere anekdotiek: hoe de ouders en het broertje van zijn vriendinnetje hem afstandelijk blijven bejegenen, hoe de liefde tussen hem en Midori, ooit een vrijgevochten meid, langzaam maar onherroepelijk bekoelt – kortom het verdriet van een alien in Osaka.

Samuel gaat in de stripwinkel van Midori’s oom werken. „Voor iemand die Spider-man en Wolverine nooit helemaal ontgroeid is, kan er geen mooier vooruitzicht bestaan”, aldus geeft deze Belgische vreemdeling zijn geloofsbrieven prijs en ook elders belooft hij een minimum aan culturele verheffing. Over ’Het hoofdkussenboek’, een Japanse klassieker, meldt hij: „Het zag er allemaal hardcore cultureel en duf uit”, opdat we niet denken dat cultuurschatten hem kunnen boeien. Overigens valt ’Het hoofdkussenboek’ hem bij nader inzien nogal mee, een soort blog avant la lettre, meent Samuel, die zelf ook noteert wat hem allemaal mee- en tegenvalt in Japan.

Bijvoorbeeld over zijn romantisch-exotische verwachtingen: „De tuin van de familie Nagai zou een zorgvuldig geconstrueerd miniatuurlandschap zijn. Midori’s moeder zou op ons wachten als Madame Butterfly op haar luitenant Pinkerton. Toen Hajime de auto een anonieme straat inreed, was mijn teleurstelling dan ook groot. Geen Wonderland. Geen tuin. Geen toekomstige schoonmoeder die er zo teer uitzag als een Swarovski-kerstornament. De Nagais woonden in een zeer prozaïsch uitziend flatgebouw.”

Aanleiding genoeg, zou je zeggen, voor een roman waarin de westerse ziel met haar clichés botst met de moeilijk doordringbare ziel van het Oosten, maar het komt er niet van. Even robotachtig en zielloos als de Japanse maatschappij zich aan hem voordoet, beschrijft Paul Mennes de belevenissen van zijn alter ego Samuel Penn, zouteloos bovendien: „Daarna deden we iets waar konijnen heel goed in zijn.”

De vraag is waar de auteur van dit soort ongeïnteresseerde proza naartoe wil. Ik kan me voorstellen dat zulk oppervlakkig schrijven iets wil uitdrukken van de leegheid van onze hedendaagse maatschappij: diepgang is verspilde moeite. In dat opzicht heeft Mennes’ literatuur iets weg van épater le bourgeois. In vergelijking met vorige boeken als ’Soap’ en ’Poes poes poes’ is ’Het konijn op de maan’ ook nog eens een stuk minder grof, zelfs dat wapen is kennelijk bot geworden.

Ik kan niet anders concluderen dan dat zijn werk steeds meer een oefening in verveling begint te worden. Dat zegt misschien iets belangwekkends over het komkommergehalte van sommige Nederlandstalige literatuur, maar vervelend blijft het.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden