null

RecensieNon-fictie

Een passie voor praten, een afkeer van conflict: wat de EU deelt met de Habsburgers

Caroline de Gruyter trekt een boeiende parallel tussen het Habsburgse rijk en de EU. En roept de vraag op: zal de EU op gelijke wijze ten onder gaan?

Christoph Schmidt

Rome was vijf jaar geleden het toneel voor een bijzondere familiereünie. Honderden Habsburgertjes verzamelden zich in de Italiaanse hoofdstad, waar ze onder meer op groepsaudiëntie gingen bij paus Franciscus. Sinds 2014 heeft de familie een eigen Facebookpagina.

Velen van hen koesteren hun achternaam en hun wijde verspreiding over de aardbol, “omdat je dan in bijna elk land ter wereld een logeeradres hebt”, tekent Caroline de Gruyter uit die familiekring op, in haar boek Beter wordt het niet.

Dat de Habsburgers zo aandrongen op een ontmoeting met de paus is niet vreemd. Het geslacht Habsburg, dat ruim een half millennium een groot deel van Europa bestuurde, was (en is) stevig rooms-katholiek. Eeuwenlang bekleedde een Habsburger de keizerlijke troon van het Heilige Roomse Rijk. Napoleon draaide dat imperium begin negentiende eeuw de nek om. Het Habsburgse rijk hield het nog ruim een eeuw langer vol, totdat de Eerste Wereldoorlog ook daaraan een einde maakte.

Dat zijn de grootse, soms wat abstracte historische feiten die je vroeger leerde op school. Maar De Gruyter (1963), oud-correspondent in Brussel voor NRC Handelsblad en sindsdien een gezaghebbend Europa-columnist, slaagt erin volop leven en kleur te blazen in die geschiedenis.

Beter wordt het niet biedt tal van waardevolle inzichten en historische perspectieven. Zo hebben wij in West-Europa nogal eens de neiging om conflicten binnen de Europese Unie te reduceren tot west versus oost of noord tegen zuid. De Gruyter vraagt terecht meer aandacht en begrip voor de geschiedenis, de standpunten en het geopolitieke belang binnen die EU van Midden-Europa, inclusief het permanent rebelse Hongarije.

Het inkleuren van de Habsburgse geschiedenis doet De Gruyter op twee manieren. Via de locaties die ze bezoekt, voornamelijk in haar vorige woonplaats Wenen, en via de mensen die ze spreekt. Onder hen levensechte Habsburgers als Georg en Karl, kleinzonen van de allerlaatste Habsburgse keizer Karel I. Die regeerde maar kort, van 1916 tot 1918, als opvolger van zo’n beetje de belichaming van het Habsburgse rijk: Frans Jozef. Die zat maar liefst 68 jaar op het keizerlijke pluche, van 1848 tot 1916.

Had Twitter bestaan, dan waren de hoge heren in Wenen dagelijks het mikpunt van spot geweest

De link tussen verleden en heden weet De Gruyter vooral te leggen door het Habsburgse rijk te vergelijken met onze EU. Ga maar na. Ook het Habsburgse rijk was een bonte verzameling van staatjes en regio’s, waar zo’n zeventien talen werden gesproken. Het was een interne markt, met één munt.

Ook toen werd er permanent geklaagd over interne verdeeldheid, over politieke zwakte en bureaucratische sloomheid. Als Twitter in die tijd had bestaan, waren de hoge dames en vooral heren in Wenen vermoedelijk dagelijks het mikpunt van haat en spot geweest.

null Beeld EPA
Beeld EPA

De Habsburgse bestuurders waren desondanks lieden die het beste met hun burgers voor hadden, met een afkeer van conflicten en oorlogen. De keizerlijke hofhouding was een gerespecteerd werkgever voor koks, boekhouders, schoonmakers enzovoorts. Je kreeg zelfs woonruimte. “Als je eenmaal binnen was, was je veilig.”

Ook hier de nodige parallellen met ‘Brussel’, al het geklaag over ongekozen eurocraten ten spijt. De Europese Unie is een conflictenmijder pur sang. Zowel dat rijk van toen als de unie van nu is wat we een soft power noemen: goed in praten, slecht in ruziemaken.

Grote verschillen zijn er uiteraard ook. Klein voorbeeld: sommige authentieke koffiehuizen in Wenen hangen nog vol met portretten van Frans Jozef en andere Habsburg-coryfeeën. Het rijk had een gezicht. Je kunt je niet voorstellen dat Brusselse etablissementen over 150 jaar pronken met Ursula von der Leyen of Charles Michel.

Het grootste feest van herkenning zit ‘m echter in de begrippen fortwursteln en durchfretten, die de Habsburgse politiek kenmerkten. Dat is precies wat de EU-volgers kennen als voortmodderen, moeilijke beslissingen uitstellen, pas knopen doorhakken als het door een crisis niet anders kan. In het Engels heet die manier van politiek bedrijven kicking the can down the road, het blikje steeds maar weer verder voor je uit schoppen.

Logische vraag: zal de EU net als het Habsburgse rijk uiteenvallen, ondanks alle pappen en nathouden?

Maar zo’n systeem werkt dus kennelijk wel. Niet voor niets heeft dat Habsburgse rijk, in het hart van dat zo diverse Europa, zo lang een relatief vredig bestaan geleid. Vraag niet hoe, maar ook de EU heeft alle existentiële crises van de afgelopen tien, vijftien jaar overleefd, simpelweg omdat de leiders dat willen.

De logische vraag die De Gruyter opwerpt is: zal er een moment komen dat die politieke wil wegkwijnt en dat de EU uit elkaar valt, zoals ook het Habsburgse rijk ondanks eeuwenlang pappen en nathouden uit elkaar viel? En zo ja, hoe zou die desintegratie eruit kunnen zien?

De Gruyter leidt haar boek ogenschijnlijk bescheiden in door te stellen dat ze weliswaar veel vragen zal opwerpen, maar daarbij niet per se antwoorden geeft. “Juist in tijden waarin sterke slogans nuance en inzicht dreigen te verdringen, is het goed dat we onszelf vragen blijven stellen.”

Dat is een sympathiek uitgangspunt, maar tegen het einde van haar ‘impressionistische, persoonlijke zoektocht’ raakt dat uit zicht en neemt De Gruyters stelligheid sluipenderwijs de macht over haar pen over.

Niet dat dat erg is. De Gruyter heeft (bijna) altijd gelijk, ook in haar columns. Maar de in het voorwoord beloofde vrijblijvendheid is er, vooral in de laatste hoofdstukken, wel af.

‘Nu mensen pleiten voor een nexit of frexit, zou het Habsburgse verhaal verplichte kost moeten zijn’

Door haar weergave van de eerste post-Habsburg-jaren wordt de lezer bepaald niet enthousiast gemaakt over het eventuele ‘stukmaken’ van de EU, zoals populist Thierry Baudet dat zegt na te streven. “Het was één grote rotzooi”, sociaal, politiek, economisch en monetair. “Nu sommige mensen energiek pleiten voor een nexit of frexit, alsof het niets is, zou het verhaal van de Habsburgse ontrafeling eigenlijk verplichte kost moeten zijn.”

Wat ook opvalt aan de nasleep van die ontrafeling is de ‘bokkigheid van de nieuwe republieken’: ze koesterden hun veroverde onafhankelijkheid en gingen zelfs de meest voor de hand liggende samenwerking met hun omgeving uit de weg. “Totale soevereiniteit was voor hen het hoogste goed.”

Dat doet meteen denken aan de Britten met hun take back control-brexit. Hoe vaak heeft de EU niet die ietwat pathetische vermaning uit Londen moeten aanhoren, dat het Verenigd Koninkrijk graag wil worden behandeld als een ‘soevereine gelijke’, alsof het land ook maar enigszins op ooghoogte kan wedijveren met het grootste handelsblok ter wereld.

Boek Beeld
Boek

Caroline de Gruyter
Beter wordt het niet. Een reis door de Europese Unie en het Habsburgse Rijk.
De Geus; 248 blz. €22,50

Lees ook:

Alles en iedereen ging mee op reis met Sissi en Franz Joseph

Het meubilair en personeel ging met het Oostenrijkse keizerlijke paar mee op reis, in een lange stoet zwaar beladen wagens.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden