Review

Een meubelstuk van de Gestapo

Een Française doet zonder doorslaggevende gewetensbezwaren vertaalwerk voor de Gestapo. Op een gegeven ogenblik redt ze in een opwelling een joodse gevangene en verstopt hem in een keldertje vol geliefde, maar verboden boeken. Daarover gaat 'Liefde zonder verzet'.

Het met Berlijn collaborerende Vichy-Frankrijk werd halverwege de Tweede Wereldoorlog alsnog door de Duitsers bezet. Maarschalk Pétain zette naar de zin van de nazi's niet genoeg vaart achter de deportatie van de joodse bevolking uit het gebied. Toen geallieerde troepen in Noord-Afrika aan land waren gegaan, kreeg Adolf Hitler haast. In november 1942 kwam Vichy onder Duits gezag. Vanaf dat moment maakte de Gestapo fanatiek jacht zowel op joden die er van oudsher woonden als op joden die er van elders in Europa heen waren gevlucht.

In dit Vichy speelt het zojuist in een Nederlandse vertaling verschenen 'Een liefde zonder verzet' van Gilles Rozier zich af. Het is het verhaal van een romance tussen een Française en een Poolse jood. De Française in kwestie, de ik-figuur die het verhaal vertelt, geeft Duitse les aan lyceïsten. Zij woont nog thuis, bij haar moeder en een oudere zus die het bed deelt met een SS'er: ,,Ze schreeuwde het op de eerste verdieping uit van genot. De kristallen kroonluchter klingelde onder de stoten van die mof.''

Niet lang nadat de Duitsers Vichy hebben bezet, wordt de lerares door de Gestapo in dienst genomen als vertaalster. Ze is te laf om te weigeren. Zoals de meeste inwoners van Vichy voelt ze zich nauwelijks bij de jodenvervolging betrokken. ,,We hadden geen omgang met joden'', heet het. ,,We waren hun kinderen niet tegengekomen op catechismusles, op de scholen die we bezochten of in de verkennerij.''

Gehoorzaam meldt zij zich wekelijks bij het hoofdkwartier van de Gestapo, om een portie vertaalwerk in ontvangst te nemen. Intussen ziet ze in hetzelfde gebouw groepjes gearresteerde joden binnenkomen. Sommige van deze gevangenen worden verhoord en gemarteld. Vaak dringt hun gegil tot haar door. Maar dat belet haar niet om voor de nazi's te werken.

Haar enige verzet bestaat eruit, dat ze de boeken blijft lezen van Heinrich Heine, Thomas Mann en andere 'ontaarde' schrijvers die door de nationaal-socialisten op de zwarte lijst zijn geplaatst. Met zulke boeken gaat ze ondergronds: in de wijnkelder van het ouderlijk huis richt ze een geheime bibliotheek in, waar ze zich na schooltijd en op zondagen in terugtrekt om zich te verdiepen in verboden lektuur. Die boeken zijn haar tot troost en bieden haar houvast. ,,De mensen gaan voorbij. Hun bestemming tegemoet. Ze laten geen spoor in de wereld achter.'' Alleen in de literatuur leven ze voort, alleen de literatuur behoedt hen voor de vergetelheid.

Ze wordt een bekende verschijning in het hoofdkantoor van de vijand. ,,Als ik voorbijkwam, sloegen de soldaten met hakenkruis die op wacht stonden hun hakken tegen elkaar, ik was een meubelstuk van de Gestapo.'' Maar op zekere dag wint de werkelijkheid het van de boeken. Wanneer er weer een aantal joodse arrestanten wordt binnengebracht, smokkelt ze in een opwelling een van hen mee naar huis, waar ze hem verbergt in de kelder. ,,Ik begon aan de oorlog. Ik pleegde verzet, ik redde een man, ik bestierf het van angst, maar mijn leven kreeg zin.''

De onderduiker is een uit Krakow gevluchte kleermaker, een 'jongen met turkooizen ogen', die Herman heet. Tot het eind van de oorlog blijft Herman in de geheime bibliotheek. Vervelen doet hij zich niet, want net als zijn beschermvrouwe is hij een verwoede lezer. Bovendien ontstaat tussen hem en haar een hartstochtelijke liefdesverhouding. De man die zij van de dood heeft gered, blijkt haar met zijn aanrakingen tot leven te wekken. Zij is voor haar voortbestaan net zo afhankelijk van hem als hij voor het zijne van haar. Door hem te redden, redt zij ook zichzelf.

Het is een goed verhaal met opvallend sterke passages, bijvoorbeeld over de oudere zus, die bij de bevrijding wordt kaalgeschoren en 'onder gejuich van de hele buurt' door een buurman wordt verkracht. Daarover heet het spottend: ,,Mijn zus zei dat die verkrachting haar na de oorlog een trauma had bezorgd. De mens heeft een vreemde manier van reageren. Elke dag de liefde bedrijven met een vertegenwoordiger van de Führer op aarde vond ze niet schokkend, maar drie of vier stootjes met de roede van de buurman op een ochtend vóór het aperitief maakten iets in haar kapot.''

Helaas maakt Gilles Rozier spaarzaam gebruik van zijn talent voor zwartgalligheid. 'Liefde zonder verzet' kent bedroevend zwakke momenten, bijvoorbeeld wanneer de SS-minnaar van de zuster uit de weg moet worden geruimd, om te voorkomen dat hij de joodse onderduiker zal vinden. Slaapverwekkend is de scène waarin de lerares hem aanvalt met een keukenmes.

Ook de erotische scènes zijn verre van opwindend. ,,Ik slokte zijn geslacht op en hij drong in mij binnen. Zijn handen grepen me bij mijn billen, zijn tong likte mijn oren nat.'' En: ,,Hij maakte zich als een heerser en met de honger van een kannibaal van mijn lichaam meester, geen enkel onderdeel bleef gespaard.'' Geen enkel onderdeel bleef gespaard: het klinkt alarmerend. Kennelijk moet het kannibalisme van Herman zeer letterlijk worden opgevat.

Er bestaat weinig literair proza waarin op zinnenprikkelende wijze verslag wordt gedaan van de liefdesdaad. Een auteur moet van goeden huize komen om op dit hachelijke terrein, barstensvol valkuilen, zijn evenwicht te bewaren. Iedere romanschrijver loopt het gevaar in de modder te belanden. Niets is immers zo strikt persoonlijk als de seksualiteit. Wat men zich ervan wenst en wat men erin weet te vinden -het verschilt van mens tot mens.

Rozier heeft het zich extra moeilijk gemaakt, door de gedaante van een vrouw aan te nemen. Het lukt hem slechts ten dele zich haar gevoelsleven eigen te maken. De lezer herkent in hem niet de naar liefde hunkerende lerares, maar de kannibaal die zich uitgehongerd op haar 'onderdelen' stort.

Dat het verhaal ondanks deze gebreken tot het einde blijft boeien, zegt veel over de kwaliteit ervan. Gilles Rozier (1963) is directeur van het Instituut voor Jiddische Cultuur in Parijs. 'Liefde zonder verzet' is zijn derde roman tot nog toe.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden