Recensie

Een magistrale solo, maar dan met zijn achten

Verrassen doet chef-dirigent Daniele Gatti eigenlijk altijd. Beeld rv

Klassiek
Janine Jansen Concertgebouworkest/Gatti
Bruch, Mahler
★★★★★

Verrassen doet Daniele Gatti eigenlijk altijd. Is het niet met een verdraaid laag tempo, dan is het wel met een uit het bekende orkestweefsel losgetrokken detail waardoor alles ineens op zijn kop staat. De chef-dirigent gaat met zijn Concertgebouworkest volgende week naar New York met de 'laatste' van Bruckner en de 'eerste' van Mahler in de koffer. En vooral Mahler zal in Carnegie Hall vast voor verraste reacties zorgen.

Omstreden opvatting

Woensdag en donderdag werd die Eerste symfonie van Mahler in Amsterdam ingezeept. Hoewel het pas Gatti's tweede seizoen als chef is, was het toch al zijn zevende Mahler-symfonie in het Concertgebouw. Alleen nummers Zeven en Acht moet hij nog van zijn bucket list afstrepen. Niet eerder heeft een chef van het KCO zo snel de symfonische Mahler-canon op de lessenaar gehad. Al klopt dat van die lessenaar niet echt, omdat Gatti zoals zo vaak geen partituur nodig had.

De verrassingen in deze wederom rijk-gedetailleerde en strak-geciseleerde interpretatie waren legio en zorgden voor de juiste spanning tussen verwachting en dat wat er daadwerkelijk klonk. De grootste 'schok' kwam aan het begin van het derde deel, waar de beruchte contrabas-solo pardoes door alle acht contrabassen tezamen werd gespeeld.

Gatti baseerde zich op een omstreden opvatting omtrent deze solo, die door veel ooggetuigeverslagen van Mahlers eigen uitvoeringen wordt gelogenstraft. Maar als je zo'n fantastische groep contrabassisten hebt, zou je wel gek zijn om het niet eens te proberen. En al miste je iets van de ontheemdheid die deze passage kan hebben, het klonk ronkend magistraal.

In het eerste deel bouwden Gatti en het in blakende vorm verkerende orkest gestaag aan de stapeling naar die enorme climax die hier explodeerde als de lente in Wagners 'Die Walküre'. Kleine versnellinkjes, ultralichte glissandi van de celli, een ultieme versmelting van piccolo en basklarinet, alles hielp om het symfonische bouwwerk, dat Mahler als bijnaam 'Titan' meegaf, in de steigers te zetten. Je zou het nog een keer moeten horen om alle details op waarde te kunnen schatten.

De opmaat tot deze unieke Mahler was Janine Jansens intense uitvoering van Max Bruchs Eerste vioolconcert. De samenwerking met Gatti verliep vlekkeloos. Gaaf om te zien hoe Jansen na een perfect geslaagde virtuoze solo-passage dwingend naar Gatti keek, zo van: 'En nu jij!' Dat liet Gatti zich natuurlijk geen twee keer zeggen. New York is gewaarschuwd. 'If you can make it there....'

Lees hier meer muziekrecensies

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden