Jeugdboek

‘Een lied dat alleen ik kan horen’ heeft een verrassend sterke ontknoping

Barry Jonsberg over verliefdheid en, steeds meer, over vertrouwen op jezelf.

Een onverwachte ontknoping, die een heel boek in een ander licht zet en het verhaal in één keer optilt, laat lezers misschien verrukt achter, maar bezorgt recensenten hoofdbrekens. Zo’n plotwending mag niet in een recensie staan, dus hoe beschrijf je dan wat er zo goed aan is?

U moet maar van me aannemen dat de laatste twintig bladzijden van ‘Een lied dat alleen ik kan horen’ van de Australische Barry Jonsberg verrassend sterk zijn, omdat je een geheim van hoofdpersoon Rob (13) ontdekt, waarvan je niet eens wist dat hij het had, en meteen begrijpt hoe het voorgaande daarmee verband houdt.

Aanvankelijk lijkt het boek over een tienerverliefdheid te gaan. Rob valt als een blok voor zijn nieuwe klasgenote Destry (‘kolkend gevoel in de maag, brandend bloed’) en vraagt zich af hoe hij met zijn gruwelijke onzekerheid en paniekaanvallen ooit kans bij haar kan maken.

Klinkt doorsnee, maar Rob trekt je met zijn humoristische vertelstem vol zelfspot, droge en platte grappen vlot het verhaal in. Het leest soms bijna als een gelikte comedy: élk personage drukt zich gevat uit. Er zijn zelfs een paar running gags, zoals de jongen die Rob belaagt met telkens dezelfde woorden: “Knokken, Fitzgerald? Zin in? Ja? Tong verloren?” Waarna ook steevast als bij toverslag juf Pritchett verschijnt om het gevaar af te wenden. Ongeloofwaardig, maar daarvoor biedt het slot een verklaring, want is Rob überhaupt wel zo’n betrouwbare verteller?

Gaandeweg neemt de vriendschap tussen Rob en zijn opa een grotere plaats in. De Vietnamveteraan is een heerlijk onbehouwen personage met een gouden hart, dat er in elke zin op los ‘bliept’ (zijn gescheld wordt daardoor vervangen). Als Rob anonieme sms’jes ontvangt met uitdagingen die zijn zelfvertrouwen moeten opvijzelen, verdenkt hij dan ook zijn opa. De sms’er maakt duidelijk dat de opdrachten, zoals ‘haal de voorpagina van de lokale krant’, niet zijn bedoeld om indruk te maken op Destry. Rob moet indruk maken op zichzelf.

Zo draait het verhaal steeds meer om durven zijn wie je bent en je niet meer druk maken om wat anderen van je vinden. Opa maakt intussen ook zo’n stap, door te tonen wat hem al zolang kwelt: zijn oorlogstrauma. De humor blijft, maar raakt vermengd met ontroerende momenten.

Oordeel: sterke ontknoping, humoristisch, ontroerend

Barry Jonsberg
Een lied dat alleen ik kan horen, Vert. Annelies Jorna (Lemniscaat); 265 blz. € 14,95. Vanaf 13 jaar.

In ons dossier boekrecensies vindt u een overzicht van de besprekingen van pas verschenen fictie, non-fictie, jeugdliteratuur en thrillers.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden