Opinie

Een kwestie van vallen, opstaan en weer vallen

Arend Evenhuis

’Broeders’ van Jetse Batelaan. T/m 16/7 Amsterdams Over het IJ-festival, 4 t/m 13/8 Festival Boulevard van Den Bosch, 11 en 12/11 Antwerps Toneelhuis. Info: www.overhetij.nl of www.festivalboulevard.nl

Regisseur Jetse Batelaan geeft zijn mimevoorstellingen doorgaans vindingrijk-intrigerende titels zoals ’Pas als zaagsel krijgt een boom applaus’, ’Ergens staat er nu een iglo leeg’, ’Echte vrouwen joggen in regenpak’ of ’Toe vader, drink’. Zijn nieuwe locatievoorstelling titelde hij summier ’Broeders’.

En dat zijn geen broeders van het type Karamazov of Dalton, maar ziekenbroeders van een psychiatrische kliniek plus de daar rondtobbende patiënten die hun wankelmoedig bestaan gebroederlijk met elkaar delen.

De kliniek is letterlijk een open inrichting, althans: de omheining van rechtopstaande planken heeft geen dak. Verder een tiental tafels met formicablad en stoelen van kunststof. Nergens rustgevende en rustiek op houtpanelen gebrande stillevens of watervalletjes. Aan de muren slechts groen verlichte tl-bakjes met ’Uitgang’ erop.

Zoals voorgeschreven dragen de professionele broeders witte pakken met daaronder witte Zweedse muiltjes, de bewoners dolen in hun alledaagse kloffies rond.

’Vind jij dat we genoeg praten?’ vraagt een vrouw in het rood aan haar zwart geklede man. ’Hoe bedoel je?’ ’Nou’, hervat de vrouw in het rood, ’dat er communicatie is.’ Met deze openingswoorden is de toon gezet: hoe gebroederlijk de bewoners en de ziekenbroeders ook met elkaar omgaan, een eindgoed-algoed laat in deze kliniek nog wel een jaartje of 88 op zich wachten.

Want zodra er van die verlangde ’communicatie’ sprake is, klinkt die niet echt hoopgevend: ,,Als ik in de verte een ambulance hoor, hoop ik dat ze jou komen halen.” De man die dit te verstaan krijgt, barst in snikken uit en lijkt niet te beseffen dat hij al ’gehaald’, opgenomen en ingesloten is en nu ook nog eens per dwangbuisbrancard wordt afgevoerd.

De voorstelling had ook ’Hand in hand kameraden en niet vergeten’ kunnen heten, daar helpenden en hulpbehoevenden elkaar consequent met verstrengelde handen boven water proberen te houden. Dat werkt aanvankelijk koddig, dan dwangmatig, en uiteindelijk maniëristisch.

In deze omtimmerde kliniek is het een kwestie van vallen en opstaan, en van vooral weer vallen. Hoe bezeten de bewoners elkaar ook voorhouden: ’Het is maar een fase, we komen d’r wel doorheen.’ Zowel voor de bewoner met ’zijn kleine en uitgeknepen hartje’ als voor de vrouw die na een quatre-mains op de piano met verpleger en al glorieus en onnavolgbaar ter aarde stort.

Tijdens een entr’acte met kaarslicht en gitaarspel wordt er troostrijk geknuffeld en gekermd, en komt het koffiezetapparaat reutelend klaar.

’Broeders’ is zeker een halfuur te lang, en dan nog met veel gaten en losse draadjes, maar brengt ondertussen wel degelijk een vleug desolaatheid aan de oppervlakte. Die aan het slot terecht weer uit het lood wordt gezet, door de kartonnen giraffe die, boven de kliniekpoort uit torenend, om zijn portie haver komt bedelen.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden