Review

Een heilige vrouw aan de mond van het Zwin

L. van Driel en A. Steketee: Zeeuwse Plaatsnamen - Van Aardenburg tot Zonnemaire. ADZ, Vlissingen; geïll., 252 blz. - ¿ 39,95.

En wie na weken uit Frankrijk in Zeeland terugkeert, ontwaart dikwijls weer als eerste plaats dezelfde kikkerstad, gelegen tussen weggaan en thuiskomen.

Onlangs is herdacht dat Aardenburg tegen het eind van de Tweede Wereldoorlog als eerste Nederlandse stad door koningin Wilhelmina werd bezocht. In het sympathieke en leerzame boek 'Zeeuwse Plaatsnamen' staat evenwel dat de koningin op 13 maart 1945 bij het dorp Eede (spreek uit: d'Ee, met een lange golvende eê) de grens overschreed. Daarbij stapte ze over een provisorische lijn van meel.

In Zeeuwsch-Vlaanderen kan men behalve rond en zûnig als het nodig is soms zeer vindingrijk wezen.

Tijdens de slag om de Schelde van september tot november 1944 werden er in dit deel van West-Zeeuwsch-Vlaanderen zware vernietigingen aangericht. Van Eede was vrijwel niets over. Later is het herbouwd. In het Zeeuws-Vlaamse volkslied wordt dit schone plaatsje nog immer geëerd: 'Van d'Ee tot Hontenisse, van Hulst tot Cadzand, dat is ons kleine landje, maar deel van Nederland'.

Zeeuwen (letterlijk: kustbewoners) die in andere provincies wonen, keren na lezing van dit boek spoorslags op hun schreden terug. Een mooiere provincie met een rijkere geschiedenis kent Nederland namelijk niet.

Het boek bevat een bewerkte verzameling van artikelen die in de Provinciale Zeeuwse Courant zijn gepubliceerd. Er komen veel plaatsen in voor waar de meeste lezers vermoedelijk nog nooit van hebben gehoord zoals Wolphaartsdijk, Kwadendamme en Gapinge, inclusief hun ontstaansgeschiedenis en een verklaring van hun naam.

De mooie oude platen en historische kaartjes geven de lezer het gevoel losjes door de tijd te reizen waarin de Romeinse periode, de Middeleeuwen, de Tachtigjarige Oorlog (Maurits) en de Tweede Wereldoorlog onmiskenbare mijlpalen blijken te zijn.

Vooral de verklaringen van de plaatsnamen zijn leuk. Zo slaat de uitgang -nisse op een landtong (net als in het Engelse Sheerness) en betekent de uitgang -ingen meestal 'behorend tot'. Invloed van de Romeinen kun je herkennen in Campen (campus), maar de Keltische en Germaanse invloeden zijn aanzienlijk groter. Aan 'Truzement' of 'Trezement' is iets Frans te bespeuren (retranchement of verschansing).

Weet u wie dit is: een heilige vrouw aan de mond van het Zwin? Sint Anna ter Muiden (= monding). Zwin is overigens afgeleid van het Germaanse 'swinan' dat afnemen of verminderen betekent. Een zwin is een doorwaadbare plaats in een geul. Het komt ook in Zwijndrecht voor.

Opmerkelijk is hoeveel persoonsnamen er achter plaatsnamen schuilgaan. Axel betekent niet 'bosje waar eksters in zitten' of 'essenbos'. 'Zaal' of 'kasteel aan het water' (aqua-sele) is evenmin juist. Nee, Axel staat volgens de schrijvers voor 'bosje' of 'kasteel van Ake'. Wie Ake was, mag overigens Joost weten.

Hengstdijk (spreek uit: Eijngsdiek) heeft niet met hengsten te maken, maar alles met Henge - een middeleeuwse, van oorsprong Friese persoonsnaam. Vlissingen? Niks 'veer over een flessehals', maar 'woonplaats van de mensen van Flisso' (Flisso of Flisse plus -inghem of -ingaheim).

Geestig is de verklaring voor het ontstaan van de naam Yerseke (Gerseke, waarbij de g-klank veranderd is in een j-klank, net als in veel Engelse woorden: vergelijk 'gisteren' en 'yesterday'). De tweede lettergreep van Yerseke verwijst vermoedelijk naar 'sik', korte waterloop, dat weer samenhangt met druppelen of 'zijken'. Dan is de Vlaamse uitspraak Yerséke dus goed. Gers plasje vereeuwigd. Maar wie, o wie was Ger?

Een enkele keer slaan de lyrische schrijvers een weinig door, zoals in het hoofdstuk over Goes (afgeleid van Gusaha, dat 'stromend water' betekent en geen verband houdt met ganzen). 'De metropool van de Bevelanden', heet het dan, 'waar men inkopen doet, de school bezoekt of zijn blindedarm laat verwijderen'. Het zal wel door al dat stromende water komen. Nog zoiets: 'In Goes slaagt u altijd', aldus het gevleugelde woord in die streek.

Door een goed gedoseerd gebruik van dialect ademt het boek een aangenaam Zeeuwse geur. Vroeger werden mosselen uit Sint Philipsland als volgt aan de man gebracht: 'Fliplaaaaaandse mosseleeee!' Overigens is het een geruststellende gedachte, dat reeds Caesar in zijn veldtocht de rivier de Schelde noemde, in de accusativus wel te verstaan: Scaldem.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden