Review

Een gebouw zonder gangen

Almere probeert als stad serieus genomen te worden en een grootscheepse reorganisatie van het centrum is daarvoor de sleutel. Het bureau OMA van Rem Koolhaas kreeg de opdracht het droefgeestige stadshart om te vormen tot een vitale poldermetropool. Nieuwe functies werden aan het centrum toegevoegd, zoals een volwaardig theater. Een internationale prijsvraag voor dat theater onderstreepte de ambities van Almere. Winnaar werd het Japanse bureau SANAA. De Nederlander Florian Idenburg werkt op het bureau en is betrokken bij het project in Almere. Hij praat over het ontwerp, het verschil in cultuur tussen Japanners en Nederlanders en hoe het is om voor een Japans architectenbureau te werken.

De uiteindelijke plattegrond voor het theater in Almere staat volgens Florian Idenburg, medewerker van het Japanse bureau SANAA van Kazuyo Sejima en Ryue Nishizawa, nog steeds niet vast. ,,Waarschijnlijk wordt er pas de dag voor de deadline besloten wat het moet worden. Dat is typisch Sejima. Tot het laatste moment de opties open laten. De basisstructuur staat echter al vanaf het begin. En ook de details worden al helemaal uitgewerkt.''

Florian Idenburg werkt sinds januari in Japan. In eerste instantie op basis van een beurs van de Nederlandse overheid (het Japan Prizewinners Programme). Volgende maand komt hij in vaste dienst. Hij heeft leren leven met de adhoc-mentaliteit op het bureau van Kazuyo Sejima. ,,Ze houden niet van beslissingen nemen. Dat stellen ze zo lang mogelijk uit. Alle mogelijke keuzes worden tot op een bepaald niveau uitgewerkt, zonder direct voor een optie te kiezen. Het geeft hen vrijheid. Ze kunnen daardoor ook altijd terug. Zo gaat het ook bij het theater. In de ontwerpfase zijn er allerlei parallel lopende processen, die pas vlak voor de deadline worden samengevoegd en dan staat het totale project.''

Het theater in Almere wordt een abstracte compositie van vierkante ruimtes. Het bijzondere is dat alle wanden dezelfde dikte krijgen, of ze nu buitenmuur of binnenmuur zijn, een constructieve rol hebben of niet. ,,Het theater heeft een grote mate van flexibiliteit. Niet door schuivende wanden of verplaatsbare wanden, maar door het ontwerpen van een set ruimtes die op een heldere manier aan elkaar zijn geschakeld. Er zitten geen gangen in het gebouw. De opzet van het theater is een aaneenschakeling van vierkanten, drie grote, een aantal middelgrote en een serie kleine. Zo ontstaat uiteindelijk een reeks van neutrale ruimtes, waar je in principe alles in kunt doen wat je wilt. Het interne verkeer in het gebouw wordt opgelost door van ruimte naar ruimte te lopen. De deuren zijn in die ruimtes een vlak als alle andere panelen in de wand. Doordat de wanden deels dragend zijn, is de draagstructuur gekoppeld aan de plattegrond.''

Sejima heeft zich voor het ontwerp niet echt verdiept in de theatercultuur van Nederland, maar ze heeft wel een aantal theaters bezocht. Idenburg: ,,Ze vragen mij wel van alles, waardoor ik een redelijke stem in het ontwerpproces heb, maar we halen ook veel uit het programma van eisen. Als daar staat: een trap met grandeur, dan maken we er een. Japan heeft echter ook een eigen theatercultuur. Ik denk dat het een mix zal worden. Dat is ook de meerwaarde van het kiezen voor Sejima. We stoppen heel veel energie in het gebouw. Het is voor het bureau een heel belangrijke opdracht. Ook omdat dit het eerste grote ontwerp in het buitenland is dat gerealiseerd gaat worden.''

Binnen de Japanse architectuur is veel aandacht voor de esthetiek van het exterieur. Niet op de Nederlandse manier door een collage van vlakdelen, maar door middel van de volledige beheersing van het detail. Hierdoor ontstaat een heel pure, minimalistische esthetiek. Ook Sejima behoort tot deze stroming. ,,Sejima is zich ontzettend bewust hoe haar gebouwen er uitzien, maar ik denk niet dat ze een onderliggende agenda heeft, ze streeft het niet dogmatisch na. De thema's die er in haar werk te vinden zijn, komen voort uit haar persoonlijkheid. Ontwerpbeslissingen worden genomen op basis van intuïtie, niet als gevolg van een strategische planning. Wat dat betreft is Sejima meer een kunstenaar.''

,,Ze nam onlangs deel aan een expositie die 'superflat' heette, over tweedimensionale ruimtelijkheid. Deze ruimtelijkheid kenmerkt zich doordat ze is gevrijwaard van perspectief en hiërarchie. Het zijn ruimtes waarin alle gebeurtenissen op gelijk niveau, tegelijkertijd kunnen plaatshebben. In deze tentoonstelling kwam niet alleen architectuur aan bod, maar ook beeldende kunst. Deze tweedimensionale ruimtelijkheid kenmerkt de architectuur van Sejima. Hoe complex een gebouw van Sejima ook is, in eerste instantie lijkt het superplat. De power van haar gebouwen komt niet voort uit ingewikkelde gevelcomposities, maar uit de vervreemding die de hele simpele platheid oproept en de afwezigheid van hierarchie. Je ziet precies wat er gebeurt, maar toch is het gevelbeeld en de plattegrond zo ongrijpbaar, dat het fascinerend is.''

Esthetiek lijkt soms een doel op zich. Ook in Almere zal het theater vanaf een afstand een compositie van abstracte vlakken zijn. Een zelfstandig object aan het water. Idenburg: ,,In Japan is het door de dynamiek van de stedenbouw vrijwel onmogelijk om met je ontwerp aan te sluiten op de omgeving. Als voorbeeld: van de twintig gebouwen in de straat waar ik woon, zijn er in het laatste halfjaar vijf gesloopt. Gebouwen worden autonome objecten, die niet reageren op hun omgeving. Plattegronden zijn daardoor heel belangrijk. Het S-House in Okayama uit 1997 is hier een goed voorbeeld van. Het is een rechte, gesloten, anonieme doos. Alle kracht en specificiteit wordt gehaald uit de plattegrond.''

,,Sejima is een liefhebber van OMA, maar het is lastig om Koolhaas' manier van denken in Japan te introduceren. De architectuur van Koolhaas heeft zijn oorsprong in het westerse rationele denken. Japanners hebben er moeite mee dat te begrijpen, ook door een gebrek aan Engels. Over en weer blijven er misverstanden bestaan. Koolhaas' analyse van Tokio is gemaakt vanuit een westers perspectief. In Japan kijkt men anders naar de stad. Men weet niet zo goed wat ze met zo'n analyse aan moeten.''

,,Japanners zijn tot op zekere hoogte naïef. Ook Sejima. Ze zijn erg gericht op de eigen maatschappij en weten niet goed om te gaan met het buitenland. Je hebt Japan en de rest is niet-Japan. Er kwam op een gegeven moment een Ghanees op het bureau langs en ze vroegen mij: hoe ga je met zo iemand om? Waarop ik zei: dat weet ik niet, ik kom uit Europa, niet uit Afrika. Waarop zij zeiden: jij bent toch ook buitenlander! Het is ook heel gewoon dat bij een advertentie voor een huurhuis staat: no pets, no drugs, no foreigners. Ik voel dat zelf niet als discriminatie. Dat zou alleen zo zijn, wanneer je actief probeert Japanner te worden. Dat is echter onmogelijk. Je blijft altijd te gast.''

,,Respect is heel belangrijk. Er is een hiërarchie op basis van leeftijd. Bij mij zijn ze meestal wel coulant. Ze verwachten van mij tenslotte niet dat ik Japanner ben. Soms kan ik gewoon Hollands bot zijn. We hadden bijvoorbeeld een keer een meeting over het theater in Almere. Iedereen liet nieuwe ideeën voor plattegronden zien. Ook mijn teamleider. Iedereen vond dat een heel mooi ontwerp. Totdat ik er ineens uitfloepte: je bent vijf ruimtes vergeten. Hartstikke fout! Dat mag je nooit doen. Als je het ziet, zeg je het na de vergadering. Nu begon iedereen onbedaarlijk te lachen. Ze houden erg van leedvermaak. Mijn supervisor liet echter niets blijken. Emoties houd je binnen. Japanners kunnen goed incasseren. Tegenslagen maken hen sterker, zoiets.''

Het bureau SANAA bestaat naast Sejima uit Ryue Nishizawa. Idenburg: ,,Nishizawa is een grotere communicator dan Sejima. Die is stiller, kijkt, rookt, denkt na, zegt soms ja, soms nee. Nishizawa is ook veel directer. Sejima is mysterieuzer, intuïtiever. Dat is wel handig, want je hoeft niets te beargumenteren. 'Dat voelt beter' is een goed argument in Japan. Ik voel me daar prettig bij. Mijn afstudeerscriptie ging ook over het ontwerpen op basis van intuïtie. Mijn mentor was Carel Weeber, de superrationalist. Ik moest dus rationeel het intuïtieve gaan beargumenteren.''

,,In de Nederlandse architectuur wordt veel gebouwd op basis van conceptuele of rationele grappen. 'Als we dat en dat doen, komen we bij die grap uit.' In feite is dat terug te voeren op het cynisme van Koolhaas: de wereld is een grap en laten we die bouwen. Om te laten zien hoe belachelijk Nederland is. Dat levert zeker ook bijzondere architectuur op, maar de esthetiek, de intuïtie en het gevoel is er volledig uit verdwenen.''

,,In Japan is 'hoe voelt het?' juist heel belangrijk. Ontwerpdelen en details worden uitgebreid getest, als het nodig is met één-op-één-maquettes. Om maar te zien of het esthetisch goed werkt, of het de juiste platheid heeft. Of het juiste gevoel erin zit. Ik vind het wel knap dat je een ontwerpproces kunt beheersen op basis van 'dat vind ik mooi en dat vind ik niet mooi', zoals Sejima doet.''

Werken bij SANAA is inspirerend, maar ook zwaar. Idenburg: ,,Mijn eerste dag bij Sejima was meteen bijzonder. Ik had om 10 uur afgesproken met mijn supervisor. Ik was als goede Hollander keurig op tijd, kwam in een grote open ruimte met nauwelijks daglicht en er was niemand. Er brandde wel licht en de computers stonden aan, maar niemand te zien. Dus ging ik aan een bureau zitten om in een boekje te lezen. Vervolgens gaat de telefoon en opeens komt er een hand onder het bureau vandaan die opneemt. Was het mijn supervisor die daar in een slaapzak lag te slapen. Later bleek dat er nog drie anderen lagen. Het gebeurde wel vaker dat ze tot diep in de nacht hadden gewerkt en op het bureau bleven slapen. Een werkdag van twaalf tot veertien uur is heel gewoon bij SANAA.''

,,Het goede van Japan is dat je er leert werken. In Japan moet je bikkelen om iets te bereiken. In Nederland beginnen afgestudeerden meteen een eigen bureau, meestal met steun van een werksubsidie of ondersteuning van het Stimuleringsfonds voor de architectuur. Ik schrik wel eens van de gemakzucht in Nederland. Dat leidt regelmatig ook tot gemakzuchtige gebouwen. De bouwvraag is hier ook zo groot, dat niemand meer echt kritisch is. Dat is luiheid. Architectuur is alom aanwezig in Nederland, in Japan moet je goed zoeken naar dat ene architectonische wonder binnen de chaos.''

In Almere zal het theater van Sejima onderdeel uitmaken van de grootscheepse hernieuwing van de binnenstad. Het wordt geen juweel binnen chaos, eerder een rustpunt in de door OMA gecreëerde stedelijke dynamiek. Met de typisch Japanse sereniteit die in de Hollandse architectuur nergens te vinden is.

Over het werk van Sejima is een themanummer van het Spaanse tijdschrift El Croquis verschenen, 228 blz., importeur Idea Books Amsterdam, fl79.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden