Reportage

Een audiowandeling door Hugo Claus' meest illustere roman

Hugo Claus in 1983 in Kortrijk waar hij Cees Nooteboom rondleidt door het decor van zijn zojuist verschenen roman ‘Het verdriet van België’. Beeld © van Eddy Posthuma de Boer

Tien jaar na het overlijden van Hugo Claus wordt de grootste schrijver van België geëerd. Onder meer met een audiowandeling door het decor van Claus’ meest illustere, maar ook minst uitgelezen roman ‘Het verdriet van België’.

 Een vuilniswagen steekt langs het Belfort de Grote Markt van Kortrijk over. Een paar voetgangers die de eerste lentelucht opsnuiven, schrikken van het plots passerende verkeer op het plein. Ze dwalen – vermoedelijk zonder het te weten – door het decor van ‘Het verdriet van België’, de beroemde roman van Hugo Claus.

Wie de ronkende motoren laat wegsterven en het kletsende winkelpubliek negeert, kan hier afdalen in het universum van Louis Seynaeve, hoofdpersonage van ‘Het verdriet van België’. Steek de straat over naar Café Damier, waar aan een van de marmeren tafeltjes met schemerlamp een oudere heer zich ver voor het middaguur te goed doet aan een Westmalle Tripel en een bordje kaas. Hij had evengoed tegenover Louis kunnen zitten, in 1939, in herberg Het Dambord, zoals Claus het hotel-restaurant hernoemde.

‘Het verdriet van België’ (1983) is een familieroman over een jongen die opgroeit in een Vlaamsgezind, katholiek middenstandsgezin, tegen de achtergrond van het oprukkende nationaal-socialisme, de Tweede Wereldoorlog en de bevrijding, grofweg de periode 1939-1947. Over een jongen die ervan droomt een schrijver te worden ‘lijk Cyriel Verschaeve of Guido Gezelle’ en die de werkelijkheid naar zijn hand zet met behulp van zijn fantasie. Een jongen ook, die eerst zwicht voor de tucht en heroïek van de Duitsers maar daarvan terugkomt omdat hij kunstenaar wil worden. Een boek dat bovendien laat zien hoe kinderen chocola maken van het handelen en de zwakheden van hun (groot-)ouders en bij uitbreiding hun leraren, de kerk en de rest van het dorp.

Tekst loopt verder onder de afbeelding.

Cees Nooteboom en Hugo Claus. Beeld © van Eddy Posthuma de Boer

Het is een publiek geheim dat hele volksstammen zijn verdwaald in de bijna 800 bladzijden van Claus’ meesterwerk. Gestruikeld over de overdadige, net niet uit de bocht vliegende zinnen. Verstrikt geraakt in de eindeloze dialogen en verwikkelingen van kakelende leden van de familie Seynaeve. De Vlaamse radio 1 riep de roman in 2005 uit tot het meest ongelezen boek in de Vlaamse huiskamers.

Ook, misschien júist, voor deze groep is er nu een speciale audiowandeling, gemaakt door radiomaakster Eva Moeraert en Claus-onderzoeker Kevin Absillis van de Universiteit Antwerpen. Daarbij maakten ze gebruik van radio-opnames uit 1983, van Hugo Claus die zijn vriend en schrijver Cees Noote­boom rondleidt door het decor van zijn dan zojuist verschenen roman. Twee dagen maakten zij een tocht door Kortrijk en omstreken, langs sleutellocaties uit het boek – en Claus’ jeugd. De schrijvers werden gevolgd door de Vlaamse radiomaker Bob de Groof, die er de vierdelige reportagereeks ‘Langs plaatsen van het verdriet’ van maakt.

Aso-buurt

Radiomaakster Moeraert selecteerde 35 jaar later de mooiste fragmenten, nam de roman en de plattegrond van Kortrijk erbij en puzzelde voor dit jubileum een stadswandeling in elkaar.

Vanaf het Begijnhof in de binnenstad zakt de luisteraar af in zuidelijke richting. Met Claus en Nooteboom in je oren glij je terug in de tijd, naar 1983, en naar de oorlogsjaren (1939-1947) waarin de roman zich afspeelt. Hun stemmen voeren je mee langs de ‘Toontjesstraat’ (de Sint-Antoniusstraat), de aso-buurt waar Bekka, het vriendinnetje van Louis, woont en waar hij eigenlijk niet mag komen van zijn ouders.

De straat ook waar Louis in zijn uniform van de Nationaal-Socialistische Jeugd Vlaanderen rondparadeert en een man bedreigt met zijn dolk. De romanpassages, ingelezen door acteur Wim Opbrouck, komen tot leven, al is het decor soms nog zo gemoderniseerd en zijn de negentiende-eeuwse arbeidershuisjes intussen vervangen door rechte troosteloze gevels. Het lijkt nog altijd geen rijke buurt.

Hugo Claus. Beeld © van Eddy Posthuma de Boer

Zijn eigen vriendinnetje woonde hier trouwens helemaal niet, vertelt Claus aan de luisteraar. Zijn jeugdliefde was zijn buurmeisje aan de Oudenaardsesteenweg, vijf minuten verderop. Maar voor het verhaal kon dat niet. “Omdat het anders te voor de hand ligt dat de passie ontstaat bij de buren.” 

In de jaren veertig strekten zich achter het ouderlijk huis platteland en weides uit. Nu staat de luisteraar midden in een woonwijk, waar het met een vergrootglas naar groen zoeken is. De wandeling gaat verder langs ramen met vergeelde bloemenvitrage, hier en daar een dichtgetimmerde gevel en nog een metershoog Jezusbeeld. In het eerste lentelicht van maart krijgt dit alles een soort onbestemde charme.

Totale vereenzaming

Claus liet in interviews meermaals blijken dat hij zich wild ergerde aan recensenten die probeerden uit te vissen wat echt was en wat hij erbij had gefantaseerd. Maar aangespoord door Noote­boom doet hij toch uit de doeken waar de lotgevallen van Louis samenvallen met die van de kleine Hugo. Zo licht hij voor de luisteraar een tipje van de sluier op over hoe hij van zijn eigen ervaringen literatuur maakte. Had zijn moeder daadwerkelijk een verhouding met een hoge Duitser? Bestond Vlieghe, Louis’ beste vriend op wie hij stiekem verliefd is op het nonneninternaat?

“Nee, dat is meer de noodzaak om die jongen niet helemaal in de totale vereenzaming te laten ondergaan. Hij heeft liefde nodig en die geef ik heel royaal”, vertelt hij Nooteboom bij het Kortrijkse stadhuis. Hier meldt Louis zich aan voor de Nationaal-Socialistische Jeugd Vlaanderen en ziet hij een paar jaar later Vlieghe terug. De wapperende hakenkruisvlaggen die Louis beschrijft zijn uiteraard verdwenen, maar het kleine deurtje in ‘de met middeleeuwse spijkers beslagen eikenhouten poort van het stadhuis’, waardoor Louis naar binnenstapt, lijkt niets veranderd.

De wandelaar stapt voort richting Astridpark en het door Claus bezochte Sint-Amandscollege, langs chique kledingwinkels en hippe cafés en bistro’s. Waar oude panden worden opgeknapt en langs de oevers van de Leie een nieuwe promenade verrijst. Hier rukt het moderne Kortrijk op, van na Claus’ tijd. Wat zou het heerlijk zijn als je hier in de zon aan het water, met Wim Opbrouck in je oren, ‘Het verdriet van België’ uit zou kunnen luisteren.

2018 Clausjaar

Wie komend jaar een voet over de grens met België zet, kan niet om Hugo Claus (1929-2008) heen. Claus was niet alleen schrijver, maar ook dichter, filmmaker, schilder en toneelschrijver en aan al die facetten wordt aandacht besteed met exposities in Bozar in Brussel (‘Hugo Claus, Con Amore’), het Letterenhuis in Antwerpen (‘Hugo Claus, Achter vele maskers’) en talloze literaire avonden en bijeenkomsten. Voor een compleet overzicht zie: http://www.letterenhuis.be

De wandeling

Zou het niet wat zijn, een Claus-wandelroute, vroeg Cees Noote­boom al in 1983 aan Claus tijdens hun tweedaagse wandeling door Kortrijk. “Ik geloof dat ik in mijn testament moet vastleggen dat ik dat nooit van z’n leven wil”, antwoordt Claus. “Dat zal je niet lukken”, voorspelt Nooteboom dan al.

Gisteren, één dag voor Claus’ tiende sterfdag, lanceerden het Vlaams-Nederlands Huis deBuren en de stad Kortrijk de audiowandeling ‘35 jaar Het verdriet van België’ in het bijzijn van Noote­boom. De audiotour is gratis op smartphone en tablet te downloaden via de app izi-travel (Verdriet van België), en beschikbaar bij de toeristische dienst.

Lees ook: hoe het lezen en de literatuur verandert door robots en hoe poëzie de lezer aan het denken zet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden