In memoriamJeroen van Merwijk

Echt gezellig werd het meestal niet in de voorstellingen van Jeroen van Merwijk (1955-2021)

Jeroen van Merwijk. Beeld Corbino
Jeroen van Merwijk.Beeld Corbino

Cabaretier Jeroen van Merwijk is woensdagochtend in alle vroegte overleden aan de gevolgen van darmkanker. Met zijn liedjes oogstte Van Merwijk veel waardering van critici en collega’s. Zijn oeuvre is op te vatten als een hartstochtelijk pleidooi voor de sociaaldemocratie. Ouderwets links dus, verpakt in bijtende spot.

Gezellig waren zijn voorstellingen meestal niet. Cabaretier Jeroen van Merwijk betrad het podium al met een chagrijnige kop, alsof hij zijn weerzin jegens het publiek nauwelijks kon onderdrukken. Vervolgens zette hij in het openingsnummer haarfijn uiteen hoe ellendig de wereld was. Zo begint het liedje Ja, ja, ’t is wat met: “Een rochel in een winkelstraat, een kind met tbc, een handvol psychopatenzaad, een doodgereeën ree. Een vrouw verliest een embryo en een soldaat een arm.” Waarna het van kwaad tot nog veel erger gaat.

Dat chagrijn was een pose. Van Merwijk vond het leuk om te doen alsof hij er helemaal geen zin in had. Iets van die weerzin voelde hij ook echt: hij vond het zwaar om avond na avond met zijn gitaar door het land te trekken. De cabaretier is kwetsbaar in zijn eentje, zei hij in een interview met Trouw. “Voor een zaal met mensen staan, is levensgevaarlijk. Het zijn net dieren: ze hebben het feilloos door als je onzeker of geraakt bent. Als ze je dan niet aardig vinden, en mij vinden ze natuurlijk niet zo aardig, dan ben je verloren.”

Ruim duizend liedjes

Toch maakte hij ruim duizend liedjes en vijftien solovoorstellingen, de eerste in 1987, de laatste in 2019: de geheel gezongen oudejaarsconference Was dit jaar maar vast voorbij. Van Merwijk was ook schilder; hij studeerde cum laude af aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag en toonde zijn werk op zo’n veertig exposities, maar hij werd vooral bekend als cabaretier en fervent vertolker van het kleinkunstlied.

Vlijmscherp en geestig is het Van Merwijk-lied. Soms ook lyrisch – hij schreef gevoelige liefdesballades – of absurdistisch. Typerend is vooral zijn maatschappelijke engagement: oorlog, onrecht en armoede zijn nooit ver weg. “De wereld moet verbeterd, iemand moet het doen / Het is altijd weer dezelfde, het is altijd weer Jeroen”, zong hij in het programmatische liedje Als na mijn dood...

Hij fulmineerde tegen domheid

De wereld is nog ver van zijn ideaal verwijderd. Van Merwijk was tegen VVD’ers en grote graaiers, tegen de marktwerking en het ver doorgevoerde individualisme. Hij fulmineerde tegen domheid, brak een lans voor kunst en literatuur en had niet veel op met de gewone, getatoeëerde man die zomaar iets roeptoetert. Zijn oeuvre is op te vatten als een hartstochtelijk pleidooi voor de sociaaldemocratie, voor solidariteit en een eerlijke verdeling van de rijkdom. Ouderwets links dus, verpakt in bijtende spot.

Een sarcastisch hoogtepunt is zijn lied Eén oorlog tegelijk, waarin hij zich verplaatst in de vermoeide televisiekijker, die alle conflicten in verre landen niet meer uit elkaar kan houden. Voor hem zou het veel overzichtelijker zijn als oorlogen voortaan één voor één worden uitgevochten. “De Koerden mogen oorlog voeren tot aan 16 maart / Daarna veegt China tot in juni Tibet van de kaart / In juni, juli en augustus zijn de Tamils aan de beurt / In september wordt Somalië door rassenhaat verscheurd.”

Het grote publiek wist hij nooit te vinden

Met zijn liedjes oogstte Van Merwijk veel waardering van critici en collega’s, maar hij schopte het nooit tot de grote zalen – ook de kleine zalen waren lang niet altijd uitverkocht. Was hij voor het grote publiek te cynisch, te ongezellig? Zoveel geploeter, zoveel liefde en energie voor zo weinig geld en waardering; het frustreerde de cabaretier flink. In 2013 kondigde hij aan dat het genoeg was geweest: Er zijn nog kaarten zou zijn laatste voorstelling worden. Toch volgden er nog drie, waaronder eentje met zijn vriend Harrie Jekkers.

Pas toen begin 2020 ongeneeslijke darmkanker bij hem werd geconstateerd, besloot hij zijn gitaar definitief op te bergen. Van Merwijk trok zich terug in zijn huis in Frankrijk met zijn vrouw Jeannette, om te doen wat hij het liefste deed: schilderen. Hij schreef ook een openhartig en geestig boekje, Kanker voor beginners, waarin hij zijn ziekte op luchtige wijze benadert.

Niet bang om te sterven

Want bang om te sterven was hij niet, op zijn doodsvonnis reageerde hij in eerste instantie met opluchting: “Hè, hè, ben ik eindelijk van al dat gezeik af”. En al gauw voelde hij ook grote dankbaarheid, want toen bekend werd dat hij ongeneeslijk ziek was, kreeg hij ‘krankzinnig’ veel kaarten, bloemstukken, brieven en complimenten. In december 2020 verscheen nog een hommage-cd, waarop onder anderen Paul van Vliet, Hans Dorrestijn en initiatiefnemer Herman Finkers teksten van Van Merwijk zingen. Vlak daarna kreeg hij de Edison Oeuvreprijs.

“Al die aandacht heeft me enorm geraakt”, zei Van Merwijk in Trouw. “Ik dacht dat ik in een kleine niche zat te werken, voor een paar duizend man. Maar mijn werk blijkt veel breder gedragen te zijn en dat is fantastisch om mee te maken.”

Hij stierf woensdagochtend vroeg in zijn woonplaats Sainte-Juliette in Frankrijk, in het bijzijn van zijn grote liefde Jeannette.

Lees ook:

Jeroen van Merwijk had kanker niet willen missen

Cabaretier, tekstschrijver en beeldend kunstenaar Jeroen van Merwijk is terminaal ziek en gelukkiger dan ooit. In ‘Kanker voor beginners’ legt hij uit hoe dat komt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden